Pensioenen

Werkgevers én werknemers moeten meer pensioenpremie gaan betalen bij ABP

Ambtenaren- en onderwijspensioenfonds ABP staat er zo slecht voor, dat volgend jaar de pensioenpremie verhoogd wordt. Dat betekent dat werkgevers én werknemers meer geld kwijt zijn aan de maandelijkse pensioenpremie. Werknemers krijgen daardoor minder loon gestort.

ABP is het grootste pensioenfonds van Nederland met 2,8 miljoen deelnemers. Donderdag besloot ABP dat de pensioenpremie (nu nog 18,8 procent van het loon waarover pensioen wordt gespaard) wordt verhoogd naar 21,1 procent. Eveneens maakte ABP bekend dat de pensioenen de komende vijf jaar niet of nauwelijks zullen worden geïndexeerd voor inflatie. ABP mag de pensioenen verhogen als de dekkingsgraad minimaal 110 procent bedraagt en die is nu 92 procent.

Het bericht is ook slecht nieuws voor de overheid, die als werkgever 70 procent van de pensioenpremie betaalt en nu zo’n 500 miljoen euro per jaar extra kwijt is aan premie. Het ministerie van Financiën zegt dat er rekening wordt gehouden met extra kosten door de hogere premies. „Er zal compensatie moeten worden gevonden”, aldus een zegsvrouw tegen persbureau ANP.

Het blijft bovendien niet bij de verhoging met 2,3 procentpunt, stelt ABP in een persbericht. „In de komende jaren volgen verdere stappen.” De exacte hoogte van de premie stelt het ABP-bestuur jaarlijks vast. ABP verklaart de slechte financiële situatie met de lage rendementen die het vanwege de lage rente boekt.

Het fonds verpakte het nieuws over de verhogingen donderdag in een bericht aan de deelnemers met de verhullende kop ‘Uw opgebouwde pensioen blijft in 2017 gelijk’.

Niet alle grote pensioenfondsen zien zich overigens genoodzaakt om hogere premies te gaan rekenen. Zorgfonds PFZW, het op één na grootste fonds van Nederland, besloot vorige week om de premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen voorlopig gelijk te houden op 23,5 procent.