Onderwijs

Jammer, onderwijs rendeert niet voor wetenschappers

Wetenschappers moeten alsmaar publiceren en studenten willen zo snel mogelijk het diploma als ticket voor welvaart. Daar is de universiteit niet voor bedoeld. De eerste van een serie van drie over hoger onderwijs van Meindert Flikkema.

Anp Bart Hoogveld

Een stapel artikelen, blogs en boeken is er inmiddels geschreven over de prikkels die onderwijs en onderzoek op universiteiten perverteren. Die stapel sorteert effect, maar niet voldoende.

1

Dat komt ten eerste omdat universiteiten inerte kolossen zijn. Ze missen de tucht van de markt, gelukkig maar. De besturen van universiteiten zijn druk doende om de politiek van zich af te houden of te bewegen meer geld uit te geven, door de explosieve groei van het aantal studenten in het afgelopen decennium en de invoering van het leenstelsel. Geld dat intern moet worden verdeeld, ook een tijdrovende opgave.

2

Ten tweede worden universiteiten vooral decentraal geregeerd door wetenschappers die baat hebben of denken te hebben bij het handhaven van de status quo, die ik samenvat als publish or perish. Zij leiden een relatief comfortabel leven en sporen een qua samenstelling voortdurend wijzigende staf nadrukkelijk aan tot de productie van wetenschappelijke artikelen. Daarmee behouden zij voldoende tijd voor onderzoek en bestendigen zij hun positie.

3

De derde reden is dat de universiteit een bonte verzameling in- en uitvliegende hoogopgeleiden is, die over veel een mening heeft, ook over het klimaat op universiteiten, maar zuinig is met het publiek ventileren daarvan en doorpakken daarop. Wetenschappers zijn in competitie met collega’s binnen en buiten de eigen universiteit en gedragen zich strategisch als human resources op zoek naar betere faciliteiten. Ze rapporteren op persoonlijke websites weinig over de bevindingen van hun onderzoek. Wel over de tijdschriften waarin die gepubliceerd zijn. Daarmee doen ze volop aan professionele profilering, maar onthouden ze de samenleving de open access tot goederen die publiek zouden moeten zijn.

4

Ten vierde is het zo dat het geven van meer of het voorbereiden van vernieuwend onderwijs niet rendeert voor wetenschappers. Dan heb ik het nog niet eens over het niet vergroten van carrièrekansen. Wel over de bijdrage van studenten aan hoorcolleges. Die is minimaal. Ze beperken zich tot horen, omdat de setting een onveilige is voor het stellen van vragen of het delen en illustreren van twijfel. Het gevolg is dat docenten weinig van studenten leren. De mogelijkheden om anders met studenten te werken, worden ook flink beperkt door de bestaande infrastructuur. Die is in veel gevallen sterk verouderd. Ze nodigt studenten uit tot passiviteit en de docent tot zelfbeklag, geen productieve mix.

5

Ten vijfde luidt het dominante denken over onderwijsvernieuwing, geïnspireerd door externe toezichthouders, dat je vooral moet schuiven met en schrijven over leerdoelen, eindtermen, vakken, toetsplannen en leerlijnen. De vermeende bouwstenen van goed onderwijs. Het idee is dat je onderwijsvernieuwing ontwerpt, ‘nieuwe curricula verpostert’ en dan implementeert. Het is in de praktijk dus een proces van denken voor anderen en hopen dat zij toch meedoen. Het is ook een proces van ‘landjepik’ en het opnieuw afbakenen van territoriums. Hoewel onderwijs als een last wordt ervaren, is er wel een belang om als afdeling veel vakken in portefeuille te hebben. Dat klinkt paradoxaal, maar je kunt daarmee de staf uitbreiden en dus meer publiceren.

6

De zesde oorzaak van de impasse in academia zijn de studenten. Hoe cru dat ook klinkt. Zij blijven komen en stutten daarmee het romantische beeld van de bloeiende, vormende universiteit, de vrij- en ontwikkelplaats van het denken. Hun beweegreden is het bemachtigen van een ticket naar welvaart. Ze hebben geen andere keus.

Hoe nu verder? Een volgende stapel boeken afwachten? Onverstandig denk ik. We mogen de rechtse kerk niet de gelegenheid geven om van de universiteit definitief een wetenschapsbedrijf te maken, waarin jaarverslag wordt gedaan van kwantiteit. De Nederlandse universiteiten moeten uit de rij stappen. Zich bevrijden van het neoliberalisme en new public management. Zich wijden aan de opdracht om de samenleving te verheffen via multidisciplinair, niet vrijblijvend en verweven onderwijs en onderzoek. De samenleving schreeuwt om bakens van moraliteit, sociale cohesie en een humanere welvaartsverdeling. Het is immoreel om die schreeuw naast je neer te leggen.

Dr. Meindert Flikkema, econometrist UD en UHD Vrije Universiteit.