Commentaar

Hulptelevisie moet positie deelnemers snel verbeteren

De hulptelevisie van nu wil nog steeds helpen, maar aan die hulp zitten schaduwkanten die niet genegeerd kunnen worden.

Hulptelevisie is een welkome bijdrage aan de diversiteit in de media. De oervorm is de marathonuitzending Open het dorp (1962). De actie zamelde geld in voor een eigen leefgemeenschap voor gehandicapten. De opbrengst was ruim 12 miljoen gulden op. Nu zou dat, omdat Nederland een zoveel rijker land is, ongeveer 61 miljoen euro zijn. Het succes liet zien hoe krachtig het medium televisie was. En is.

De hulptelevisie van nu wil nog steeds helpen, maar aan die hulp zitten schaduwkanten die niet genegeerd kunnen worden. Deze week publiceerde NRC een artikelenreeks over drie programma’s van RTL. Programma’s over hulp bij lijfelijke verbeteringen, zoals een nieuw gebit, hulp bij psychische klachten, zoals angststoornissen en hulp voor ondernemers met een kwakkelende horecazaak. Rode draad: kwetsbare mensen spelen vrijwillig de hoofdrol in programma’s die (een beetje) lering en vermaak bieden.

Sommige deelnemers zeggen echt geholpen te zijn. Maar anderen zijn teleurgesteld en voelen zich misleid. Hun verhalen leggen een aantal misstanden bloot bij de productie van de programma’s. De grootste daarvan is de ongelijke positie tussen de tv-producent en RTL aan de ene kant en de deelnemers aan de andere kant.

Zij leveren zich contractueel bijna letterlijk met huid en haar en met hun hele hebben en houwen uit aan de televisiemakers. Deelnemers mogen niet stoppen tijdens het programma. Geen negatieve uitlatingen doen. Doen ze dat toch dan dreigen zware boetes. Deelnemers krijgen meestal geen kopie van die contracten.

Dat is een onwenselijke situatie. De kans lijkt groot dat de contracten met zulke boeteclausules bij de rechter geen stand houden. Maar om tot een rechtszaak te komen, moeten de deelnemers zich juridisch wapenen, met alles wat daarbij hoort: een advocaat, betaling van griffierecht en de spanningen die een rechtsgang en een rechtszitting altijd geeft.

Maar zover moet het niet komen. Ook het extra toezicht, dat enkele Tweede Kamerleden bepleiten, is een slecht idee. Van toezicht wordt doorgaans te veel verwacht en het is nog lastig te organiseren ook. Want welk programma verdient toezicht, welk niet?

RTL, de tv-producent en de deelnemers moeten in vrijheid een contract kunnen sluiten. Maar RTL en de productiemaatschappij moeten het morele gehalte van hun afspraken met de deelnemers zwaarder laten wegen. En daar moeten ook hun adverteerders oog voor hebben. Gezien de reactie van RTL dat het „welzijn van de deelnemers leading” is bij het maken van programma’s moet snelle verbetering van hun belangen geen enkel probleem zijn.