Hulptelevisie, helpt het?

NRC onderzoekt in een drieluik of programma’s die hulp bieden, echt helpen. Programma’s claimen te helpen, maar kandidaten blijven vaak berooid achter.

Beeld Lars van den Brink

Voor vrijwel ieder probleem bestaat een televisieprogramma. Overgewicht, koopzucht, angsten, schulden, ruzie, scheiding, jaloezie, slaapproblemen, onzekerheid. Problemen die deelnemers vaak al een leven met zich meeslepen, en die op tv in rap tempo worden opgelost.

Hoewel RTL pionier en koploper is, is het genre allang niet meer voorbehouden aan de commerciële zenders. Ook de publieke omroep biedt probleemgevallen hulp.
Het format van de programma’s is vaak simpel, de problemen herkenbaar en er zijn ontelbaar veel variaties te bedenken. Voor sponsoren is een hulpprogramma bovendien een aantrekkelijke manier om te laten zien wat zij kunnen: vloeren leggen, gebitten opknappen, borsten vergroten.

RTL werd in 2014 onderscheiden met de Machiavelliprijs, vanwege de „maatschappelijke betrokkenheid”. Stichting Machiavelli – die de prijs jaarlijks uitreikt ‘voor een opmerkelijke prestatie op het gebied van publieke communicatie’ – stelt dat RTL een „verheffingstaak” op zich heeft genomen met programma’s „over schulden, het downsyndroom, pesten, armoede of obesitas”.

Lees het eerste stuk in het drieluik over hulptelevisie: Via de tv een nieuw gebit gekregen. Nu durft ze niet meer te lachen
Lees het tweede stuk in het drieluik over hulptelevisie: Ze moest haar angstopdracht tien keer overdoen voor de camera
Lees het derde stuk in het drieluik over hulptelevisie: Het restaurant kreeg een grote beurt, de brandweer keurde het af

toestel