Opinie

    • Pieter van Os

Portrettenmoord

Het vernietigde portret van Churchill Beeld uit ‘The Face of Britain’ door Simon Schama

In een interview in deze krant kwam ik voor het eerst het begrip ‘pictocide’ tegen. Portrettenmoord. De Britse historicus Simon Schama gebruikte het woord voor de vernietiging van het portret van de tachtigjarige Winston Churchill, geschilderd in 1954 door Graham Sutherland. Erg flatteus is dat portret inderdaad niet, mooi wel, maar daar had de weduwe tabak aan. Ze wilde voorkomen dat dit beeld invloed zou hebben op haar mans nalatenschap. Met andere woorden: ze onderkende de kracht van kunst.

Dat geldt natuurlijk evengoed voor de iconoclasten die nu te keer gaan in het Midden-Oosten, al zijn hun argumenten anders. Die zijn vergelijkbaar met de redenen die onze beeldenstormers gaven, de calvinisten die in de zestiende eeuw huishielden. Naar aanleiding van de 450ste verjaardag van de Hollandse beeldenstorm komen begin december ’s werelds belangrijkste iconoclasmekenners naar het Rijksmuseum, voor een tweedaags symposium. Onder hen de formidabele James Simpson, een tikje controversiële wetenschapper (anglist, geen kunsthistoricus) die graag uitlegt dat de beeldenstormers niet ‘middeleeuws’ waren, zoals ook IS vaak wordt genoemd in nieuwsberichten, maar ‘vroeg-modern’. „De wortels van het iconoclasme zitten schokkend diep in onze cultuur”, zegt hij. „It’s not just them, it’s us.”

En in de tussenliggende 450 jaar dan? Wel, voortdurend werd kunst vernield. Opnieuw katholieke godshuizen in de Franse revolutie, alles wat oud en mooi was in de Chinese culturele revolutie, duizenden synagogen tijdens de opmars van de Wehrmacht, enzovoorts.

Een vriend van me was onlangs een paar dagen uit het veld geslagen. Op oude beelden had hij de buurt rond de Weesperstraat gezien nog voordat progressieve krachten er hun vernieuwingsdrift op hadden losgelaten. Oké, erkende ik, die vernietiging was schandelijk, maar onvergelijkbaar met de argumenten van IS en onze calvinisten om de sloophamer te hanteren. Dat werd een lang gesprek. En ik moest uiteindelijk toegeven: wat voor de een ‘radicale modernisering’ heet, is voor de ander het kalifaat. Een verlangen naar een tabula rasa. Weg met de afgoderij. Helemaal opnieuw beginnen.

Dat portrettenmoordenaar Clemmentine Churchill door zo’n conclusie in de categorie fundamentalistische gekkies en modernistische monumentenslopers komt te staan... wel, dat is haar eigen schuld.

    • Pieter van Os