Recensie

Patrick Nederkoorn heeft vertrouwen in de toekomst (ondanks alles)

Grappen over maffe apps en 50-plussers. Cabaretier Patrick Nederkoorn geeft een eigen draai aan zijn angst voor alles wat vreemd is.

Foto Carla Kogelman

Patrick Nederkoorn begint zijn voorstelling met een kerkliedje dat zijn moeder voor hem zong. „Alles wordt nieuw” zong ze – om een oudtestamentische angst voor wereldse ellende te bezweren. Die angst is de kern van zijn gereformeerde opvoeding, vertelt hij, die gepaard ging met het dreigen met absurde straffen bij het begaan van een zonde.

Hoe hij loskomt van zijn knellende geloof en ouderlijk huis is een verhaal dat al door veel schrijvers is verteld, maar Nederkoorn geeft er zijn eigen draai aan door de angst voor alles wat vreemd is uit zijn jeugd op intelligente wijze te verknopen met de hedendaagse angst voor terrorisme. De verbinding maakt hij concreet door te vertellen dat hij zelf tien jaar geleden werd opgepakt als ‘terrorist’ bij het filmen van het gebouw van de AIVD. Een reis die hij maakte naar Iran en het feit dat Hofstad-groeper Jason W. bij hem in de klas had gezeten bleken toen geen gunstige factoren.

Lees verder na de trailer

‘Het komt nu wel heel dichtbij’ is, in de regie van Piet Bouwman, een fijnzinnig geschakeerde voorstelling met Nederkoorn als gedreven, energieke verteller: de krap zeventig minuten vliegen voorbij. Zijn grappen doen soms geforceerd aan, maar er zitten geestige passages in het programma over maffe apps, de wonderbaarlijke vermenigvuldiging van 50-plussers en de bejaarde ‘vrienden’ uit de kerk die zijn moeder hem toestond.

Roerende climax is de bevrijdende dans – want dansen was thuis verboden – die zijn eerste vriendinnetje met hem maakt bij een schilderij van Mondriaan. En passant maakt Nederkoorn geëngageerde punten, bijvoorbeeld over generalisaties als kiem van blinde haat. Een enkele keer draaft hij door, zoals bij zijn betoog dat er in Nederland een aanslag gepleegd moet worden, omdat we het dan maar hebben gehad, en de angst achter ons kunnen laten.

Het neemt niet weg dat hij overtuigt met zijn warme pleidooi voor hoop en vertrouwen. Met zijn tweede programma laat Nederkoorn (1983) zien dat hij een cabaretier is om rekening mee te gaan houden.