Biologisch eten is nu ook voor de massa

Bioproducten

Duurzaam eten wordt populairder. Vooral supermarkten profiteren. Biologische huismerken als alternatief voor de duurdere A-merken.

Foto Jordy Rietbroek

„Ik eet geen vlees”, zegt Marloes (31). In het winkelmandje dat haar vriend Cas draagt, liggen twee helgroene bakjes: varkenschipolata, biologisch.

Cas: „Je eet dus wel vlees. Maar maximaal een keer per week.”

Marloes: „Ja oké. Maar alleen biologisch. Vlees is slecht voor het milieu en ik heb het idee dat biologisch iets minder erg is.”

Cas: „Het is ook diervriendelijker.”

Marloes: „Ja, jij gaat meer voor de diertjes.”

Marloes en Cas, die liever alleen met hun voornaam in de krant willen, doen tegen zevenen boodschappen in de Albert Heijn aan de Utrechtse Twijnstraat. En zij doen wat steeds meer consumenten doen: ze kopen (af en toe) biologische producten in de supermarkt. Voor Cas (28) is dat relatief nieuw. Een paar jaar terug studeerde hij nog en at hij elke dag met „de jongens”. En dus bij voorkeur: veel en goedkoop. Terwijl biologisch juist duurder is. „Ik had toen ook nog niet zo’n lieve vrouw die mij op het rechte pad hielp.”

Lees ook de column van Martijn Katan: Biologisch is niet per se gezonder

1,3 miljard euro aan bioproducten

Duurzaam eten wordt steeds populairder, blijkt uit een jaarlijks onderzoek van de Universiteit van Wageningen, dat vorige week verscheen. Vorig jaar was 8 procent van ons eten en drinken duurzaam, een toename van 12 procent ten opzichte van 2014. Er werd onderzoek gedaan bij verschillende supermarkten (met samen een marktaandeel van 70 procent), biologische speciaalzaken (zoals Ekoplaza) en ‘buiten-de-deur-eten’ (zoals horeca en catering).

Vorig jaar gaven consumenten in Nederland 1,3 miljard euro uit aan biologische producten, blijkt uit cijfers van brancheorganisatie Bionext. In 2010 was dat nog 881 miljoen. Ruim eenderde van de uitgaven voor duurzaam voedsel – met keurmerken gericht op betere omgang met mensen, dieren en/of milieu – ging naar biologisch voedsel. Het is daarmee het grootste keurmerk in Nederland.

Vooral de supermarkten profiteren van stijgende biologische uitgaven: biologisch is geen nicheproduct meer. De afgelopen jaren bieden supermarkten steeds meer nieuwe bioproducten aan. Biologische huismerken moeten een alternatief zijn voor de duurdere A-merken. „Als de massa ergens een neus voor krijgt, dan springen supermarkten daarop in”, zegt Katja Logatcheva, onderzoeker in Wageningen.

Vooral ei, vlees en zuivel

Marloes en Cas uit Utrecht kopen in de supermarkt vooral biologisch vlees, zuivel en eieren. Ook andere consumenten doen dat, blijkt uit cijfers van Bionext. Samen zijn deze producten goed voor bijna de helft van de biologische supermarktomzet. Het bio-ei is zelfs de bestseller.

De grootste groei zit bij eten en drinken dat sinds kort ook biologisch verkrijgbaar is: chocolade, koek, ontbijtgranen of koffie en thee. Zo voegde Jumbo op verzoek van klanten, onlangs extra pure chocolade toe aan het biologische huismerkassortiment.

Biologische speciaalzaken zagen hun omzet voor het eerst in jaren juist licht dalen. Meer verkopen is voor deze winkels ook lastiger dan voor de supers, zegt Logatcheva. „Zij moeten daarvoor nieuwe klanten de winkel in krijgen.” Bij supermarkten komen de meeste mensen toch al. Daar hoeven ze alleen een biologisch alternatief te kiezen – en die zijn er dus steeds meer.

Bij de biologische supermarkt Ekoplaza in Utrecht, een stukje verderop in de Twijnstraat, is het deze avond in ieder geval rustig., zo niet stil. De 26-jarige Hilde Visser komt hier graag. Misschien heeft ze dat wel van haar moeder, zegt ze. „Ook een biologisch typje.”

Biologische producten zijn hier vaak wel duurder dan in de supermarkt, merkt Visser. Supermarktketens kunnen nou eenmaal goedkoper werken omdat ze efficiënter zijn en grote volumes afzetten, zegt Logatcheva. Ook verkopen speciaalzaken vaker producten die aan nóg strengere dierenwelzijns- of milieu-eisen voldoen.

De prijs is voor Visser – net student-af en nog geen fulltime baan – in ieder geval wel een drempel. „Vooral als je ziet dat havermout hier 2,50 euro is en in de supermarkt 50 cent.” Dan is de keuze snel gemaakt, zegt ze.