China heeft slimmeriken nodig voor militaire ambities

Volksbevrijdingsleger De wet die bepaalde dat tweederde van de rekruten van het Chinese platteland moesten komen, is geschrapt. Zeventig procent van de 400.000 nieuwe soldaten komt rechtstreeks van de universiteit.

Het demonstratieteam van de Chinese luchtmacht tijdens een Internationale lucht- en ruimtevaart expositie in Zhuhai, China. Foto Reuters

Het vergt verbeelding om in de androgyne Mao Yiwu een ‘broeder van ijzer’ te zien, een toekomstige officier van het Chinese Volksbevrijdingsleger. Toch past de net afgestudeerde computerwetenschapper met zijn geblondeerde kapsel naadloos in het reusachtige militaire hervormingsproject van partijleider en president Xi Jinping. Dat plan zorgt voor groeiende onrust in de VS, bij de buren van China én voor verzet binnen de Chinese landmacht.

Donald Trump, aanstaand president, is geïnformeerd over Xi’s ambitie van het Volksbevrijdingsleger de modernste krijgsmacht van de wereld te maken. Zodra de VS zich terugtrekken uit Oost-Azië, duikt China in het machtsvacuüm. De eerste tekenen daarvan zijn al zichtbaar.

Mao Yiwu is alumnus van de Jiaotong Universiteit in Shangai, een kweekvijver van hackers. Kort geleden nog zou hij zijn afgekeurd wegens de dikte van zijn brillenglazen en zijn buik. Maar in de 21ste eeuw, de ‘eeuw van China’, heeft ‘Grote Vader’ Xi Jinping academici als Mao Yiwu hard nodig. Zonder slimmeriken als hij komt er van Xi’s militaire ambities weinig terecht.

De tijd dat de verdediging van de communistische revolutie kon worden overgelaten aan boerenjongens met een paar jaar school, is voorbij. De wet die bepaalde dat tweederde van de rekruten van het platteland moesten komen, is dit jaar geschrapt.

Mao en de tien andere alumni zijn verzekerd van officiersfuncties, vertellen zij voor het hek van één van de aanmeldingscentra in de metropool. Dat kan bij de marine zijn, de luchtmacht of de nieuwe raketdivisies. In ieder geval komen zij terecht bij de nieuwe eenheden die zijn uitgerust met computergestuurde wapensystemen.

Natuurlijk heeft hij de hiphopvideo gezien waarmee het Volksbevrijdingsleger talent werft. De jonge soldaten die in de video vol explosies ‘Dood, dood, dood’ scanderen lijken weinig op hem. Over de mythe van een strijder die met blinkende speer op een geharnast paard ten strijde trekt in de video, haalt hij zijn schouders op. Hij lacht verlegen:

„Ik weet alles van computers.”

Zie hier de hiphopvideo. Tekst gaat onder verder:

Een opgewonden officier roept dat Mao niet met een buitenlandse journalist mag praten. Een paar dagen later laat hij via WeChat weten dat vaderlandsliefde „natuurlijk” een rol speelt in zijn denken, maar dat zijn financiële situatie de doorslag gaf.

„Het wordt steeds moeilijker snel een goeie baan te vinden en er zitten heel veel voordelen aan het leger”, schrijft hij. Liever was hij bij internetreus Alibaba, Baidu (het Chinese Google) of de it-bedrijven Huawei en Xiaomi aan de slag gegaan. Maar daar moet hij concurreren met honderdduizenden anderen die ook net van de universiteit komen.

Studieleningen

Daar spelen de autoriteiten op in. Ze verleiden rekruten als Mao met hoge weddes, afschrijving van studieleningen, extra punten als zij na hun dienst willen promoveren, én belastingvoordelen tijdens en na hun diensttijd. Zeventig procent van de 400.000 nieuwe soldaten komt dit jaar rechtstreeks van de universiteit.

Zij melden zich aan met toestemming van ouders. Stedelingen kijken niet langer neer op een loopbaan in de landmacht met al die boerenkinkels. Het oude spreekwoord ‘Goed ijzer wordt niet gebruikt voor spijkers en goede mensen worden geen soldaten’ gaat niet langer op. Ni Lexiong, marinestrateeg bij het Shanghai Instituut voor Politiek en Wet:

„De marine, de luchtmacht en de nieuwe eenheden voor oorlogvoering in de ruimte bieden aantrekkelijke mogelijkheden. Daar gaat het meeste geld voor nieuwe wapens en nieuw, hoogopgeleid personeel naar toe.”

De hervormingsplannen leiden volgens hem wel tot verzet binnen de landmacht, die opnieuw moet worden afgeslankt. „Conservatieve krachten in groen uniform begrijpen niet dat de mannen en vrouwen in het wit en blauw toekomst hebben.”

Anders dan bij eerdere hervormingen raakt deze de historische kern van het Volksbevrijdingsleger, de landmacht. „Daarom is het zo’n gevoelige zaak. Het is de grootste, meest complexe hervorming sinds de Koude Oorlog’’, aldus Ni Lexiong.

Belangengroep

Desondanks is de landmacht nog altijd de grootste belangengroep in de Communistische Partij van China. Daar is een historische verklaring voor. Zonder dat leger van communistische boeren en arbeiders was Mao Zedong’s CPC in 1949 nooit aan de macht gekomen, laat staan gebleven. Tijdens de chaotische Culturele Revolutie (1966-1976) was het leger de enige instelling die functioneerde.

En zonder de tanks van het 38ste Legerkorps, die in juli 1989 over de duizenden demonstranten op het Tiananmenplein walsten, had de CPC de grootste pro-democratische demonstraties niet overleefd.

Sindsdien is de landmacht verder uitgegroeid tot een staat-in-de-staat met een enorme bureaucratie, eigen universiteiten, ziekenhuizen, scholen, muziekkorpsen, dans- en toneelgroepen en dure woonblokken in de grote steden. Generaals met grote industriële en vastgoedbelangen in hun militaire regio’s konden zich decennia permitteren de instructies van de politieke leiding te negeren.

Nu maakt Xi Jinping daar korte metten mee. De anti-corruptie-campagne, die hij onmiddellijk na zijn aantreden in 2013 lanceerde en die nu een nieuwe fase is ingegaan, heeft vooral tot doel het verzet in de landmacht tegen zijn hervormingen te breken. Zijn ‘campagne tegen hedonisme, zelfverrijking en machtswellust’ kost bosjes officieren hun baan.

Tientallen officieren met de rang van generaal-majoor en hoger zijn oneervol ontslagen. Vrijwel allemaal zijn ze veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf wegens schendingen van de partijdiscipline. Sinds 2014 hebben zeker vijftien officieren zelfmoord gepleegd omdat zij promoties hadden ‘verkocht’ of gesjoemeld met wapenaankopen.

Xi heeft ook dankzij zijn propaganda-apparaat de publieke opinie mee, maar daarmee zijn de politieke risico’s niet volledig afgedekt. Het verzet is hardnekkig.

Hervormingen

Dat de top van de landmacht protesteert laat zich raden. De achttien legerkorpsen moeten worden omgevormd tot twintig mobiele divisies naar Amerikaans model. Door de invoering van een generale staf – ook een Westers idee – waarin alle onderdelen van de krijgsmacht zijn vertegenwoordigd daalt de status van de landmacht en verdwijnen talloze lagere staffuncties.

„Als deze hervormingen niet uiterst zorgvuldig worden aangepakt, komt de stabiliteit van het Volksbevrijdingsleger en zelfs van de partij en de hele maatschappij in het geding”, denkt Liu Mingfu, oud-officier en een van China’s invloedrijkste militaire auteurs. Zonder een gehoorzaam, volgzaam leger voelt de autocratische CPC-top zich naakt en kwetsbaar. Vandaar dat Xi zich ook is gaan manifesteren als „één van ons’’, zegt hij.

Bijvoorbeeld door in een olijfkleurig gevechtstenue een bezoek te brengen aan het commandocentrum in Beijing van de verenigde chefs van staven. Xi breidt zijn machtsbasis in het leger ook uit door loyale volgelinge hoge posities te geven.

„De boodschap is helder: Xi Jinping is niet alleen de politieke leider van de strijdkrachten, hij is ook de hoogste militaire leider van het belangrijkste instituut van ons land’’, zegt Liu. De titel van zijn boek – Chinese Droom – over de rol van China in wat hij het ‘post-Amerikaanse tijdperk’ noemt, is door Xi zelfs verheven tot belangrijkste politieke slogan.

Afvloeiingsregelingen

De 300.000 officieren die nu moeten verdwijnen krijgen royale afvloeiingsregelingen. Regionale partijbazen die zich niet inspannen de afgedankte soldaten te helpen, zijn door Xi Jinping persoonlijk gewaarschuwd dat zij dan het risico lopen te worden afgezet.

Intussen groeit wel de onrust onder de zes miljoen veteranen. Zij zijn bij eerdere reorganisaties afgescheept met een fooi en kunnen door gebrek aan kennis en kunde niet aan het werk komen in de moderne Chinese economie.

Deze herfst demonstreerden bijna dertigduizend verarmde veteranen op het Tiananmenplein en op acht andere plaatsen, een relatief bescheiden aantal maar in Chinese verhouding heel opmerkelijk. Onder hen: officieren en onderofficieren die hebben deelgenomen aan de oorlogen in Korea (1950-’52) en Vietnam en daar levenslange handicaps opliepen.

Het was voor het eerst sinds 1989 dat er rond het Tiananmenplein weer gedemonstreerd werd, een gebeurtenis die zwaar gecensureerd is. „Als soldaten of veteranen zich verenigen kunnen zij voor heel veel sociale onrust zorgen”, voorspelt marine-expert Ni Lexiong.

Vechtmachine

De belangrijkste internationale vraag is intussen niet langer of Xi erin zal slagen een nieuwe vechtmachine op te bouwen, maar wat hij met China’s militaire macht gaat doen. De wereldvrede bewaren en onze belangen verdedigen, is Xi’s vaste antwoord. Een van die ‘kern-belangen’ is de hereniging met het afgescheiden Chinese eiland Taiwan.

Mochten de Taiwanezen daadwerkelijk de onafhankelijkheid uitroepen, dan grijpt China in, heeft hij al meerdere malen gezegd. En China moet dan sterk genoeg zijn de VS ervan te weerhouden Taiwan te hulp te schieten. „En als wij vechten, moeten wij ook winnen”, aldus de partijleider in een recente toespraak tot een van de nieuwe divisies.

Lees ook hoe China hoopt te profiteren van Trumps afkeer van handelsverdragen

Het weerstaan van de Amerikaanse macht in het westelijk deel van de Stille Oceaan is ook zo’n kernbelang. Natuurlijk weet Xi – en elke generaal of admiraal – dat China nu nog geen partij is voor de VS. De snel toenemende Chinese defensieinspanning, nu 215 miljard dollar per jaar, valt nog steeds in het niet bij de 600 miljard dollar van Amerika. Maar China is „bezig aan een marathon, niet aan de 100 metersprint’’, zegt defensie-expert Liu.

Dat het niet langer alleen gaat om de verdediging van het moederland blijkt uit het plan voor de aanleg van wat ‘een parelketting’ aan marine- en luchtmachtbases in Afrika en het Midden-Oosten moet worden. De eerste Chinese marinebasis is in aanbouw in Djibouti, pal naast die van de VS en Japan. Het zou gaan om logistiek en vredesmissies.

Liu spreekt graag in metaforen:

„In de jungle van de geopolitiek is ieder land een wild dier. De VS is een gevaarlijke tijger, Japan is de wolf; de tijger en de wolf eten allebei vlees. China wil geen tijger zijn, China haat de sluwe wolf en China wil ook geen zwak schaap zijn dat door de vleeseters wordt verscheurd. Wij willen de olifant zijn: wij eten geen vlees en vallen geen andere dieren aan. En het belangrijkste is dat wij zo sterk zijn dat iedereen ons met rust laat.’’