Column

Durf te falen op je werk

Column Japke-d. Bouma We worden overspoeld met kantoorclichés op ons werk. Worden we daar beter van, vraagt Japke-d. Bouma zich wekelijks af.

japke0

Ik ken best veel mensen die goed zijn in hun werk. Die salarissen op tijd betalen, die jaarrekeningen netjes controleren, die offertes binnenslepen, die vriendelijk doch rechtvaardig met hun ondergeschikten omgaan, die branden blussen, die boeven vangen, die doen wat ze moeten doen en keihard werken, soms zelfs in hun eigen tijd.

Maar jongens, stop er maar mee, want ik heb een nieuwe beweging ontdekt, de ‘durf te falen-beweging’. Die maakt zich hard voor het maken van fouten op je werk. Sterker nog, je moet van deze beweging bewust fouten maken en je je (nog veel vaker) de woede van je baas op de hals halen. „Want teleurstellingen laten zien dat je ambitie hebt”, zo las ik op een site die ik sindsdien bovenaan mijn lijstje favorieten heb staan.

In het begin moet je even een drempel over. Zeker als je altijd geprobeerd hebt zo min mogelijk fouten te maken om je collega’s te ontzien. Maar als het niet meteen lukt, ga je gewoon naar een ‘faalcursus’, en daarna knal je de ene na de andere fout er moeiteloos uit.

231116__japke_falen

Want die zijn er dus: faalcursussen! Vroeger had je faalangstcursussen, maar ze hebben gewoon dat ‘angst’ eraf gehaald en nu zijn ze overal. Ik vond de ‘weekendcursus fouten maken moed’ het mooiste. Waarin je onder leiding van ‘faalkundigen’ leert om fouten te maken. En er zijn „fuckup nights” waarin mensen hun fouten en stommiteiten onder luid applaus delen – bevrijdend. Want als je voor je falen uitkomt, leer je er niet alleen zelf van, maar geef je dat geschenk ook aan anderen – win-win dus.

Iemand op Twitter schreef me dat het kantoor van zijn vrouw, waar ze werken aan een „agile transitie”, het „stralend falen” noemt. Ik zou zeggen: eindelijk. Jaren heb ik gedacht dat succesvolle mensen juist de minste fouten maken, nu kan ik me wel voor mijn hoofd slaan dat ik het niet eerder gezien heb.

En ik merk dat het aanslaat! Overal uit Nederland krijg ik brieven van kantoortijgers die juichend afdelingen oplopen met in hun hand een map met een gefaald project. Ze worden met applaus binnengehaald en op de schouders gehesen. Collega’s die alles goed willen doen en nog rekenfouten uit projectvoorstellen halen, worden door bazen terzijde genomen en moeten dan eens even goed nadenken waar ze nu helemaal mee bezig zijn.

Lees ook Japke-d’s column van vorige week: Neem ontslag en begin een start-up

De enige die niet zo blij is met de nieuwe fouten-beweging – zal je net zien – is mijn baas. Hij zei laatst: fouten maken doe je maar in je eigen tijd. En: ga liever van capabele collega’s leren, van managementboeken en van andermans fouten. Hij wil nu ook een foutenquotum, een soort maximum aantal fouten per dag, en mensen op cursussen sturen om te leren fouten te vermijden. Echt superouderwets.

Ja, het maken van fouten leidt natuurlijk niet automatisch tot succes. Kijk naar het Nederlands Elftal. En natuurlijk is het niet zo handig om een zwaar brugdeel op een ponton te zetten, je scalpel in een patiënt te laten zitten en een foute boeking te maken waardoor je bank 222 miljoen euro verliest.

Maar draai het nu ook eens om. En bedenk: hoe groter de fout, hoe groter de glorie, en hoe groter de glorie, hoe groter je volgende fout. En als de glorie nog even op zich laat wachten, zeg je gewoon dat je nog in het leertraject zit.

Meer #kantoorclichés op Twitter via @Japked