Theater ligt nu gevoelig in Turkije

Zaterdagavond ging in Gent de voorstelling ‘Sneeuw’ in première met belangrijke rollen voor Turkse spelers en een Turkse zangeres. „Zo’n veertig Turkse acteurs deden auditie, maar uiteindelijk durfden ze het niet aan”, zegt regisseur Luk Perceval.

Foto’s Jules August

‘Turkije verandert snel, niemand die het kan volgen. Sinds de bloedige coup van juli dit jaar weet je niet wie vriend of vijand is, wie je moet vertrouwen of niet. En dat terwijl we juist begrip en empathie nodig hebben”. Acteur Melih Gençboyaci is een van de Turkse spelers in de toneelversie naar de roman Sneeuw, geschreven door de Turkse Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk (1952). Het is de keuze van regisseur Luk Perceval om Pamuks roman uit te voeren bij NTGent in België.

De reden is zonneklaar, zoals hij daags voor de première toelicht in de foyer van de schouwburg: „Het theater is een blanke burcht. Zelden vragen wij, spelers en regisseurs, ons af hoe het bijvoorbeeld de Turkse gemeenschap in deze stad vergaat. De theaterdrempel voor hen is hoog, en al heeft de stad Gent het woord ‘allochtoon’ uit haar vocabulaire verbannen, toch is er weinig culturele samenwerking. Ik wil graag dat de Turkse gemeenschap naar Sneeuw komt. Maar ik moet toegeven: sinds president Erdogan de macht bezit, is dat moeilijk.

Zo’n veertig Turkse acteurs deden auditie, maar uiteindelijk durfden ze het niet aan. Ze zeiden: ‘Het was bijzonder u te ontmoeten, maar we zijn bang. Als we meedoen, kan dat misschien onze familie in Turkije kwaad berokkenen.’ Daar schrok ik van. Ik wist niet dat de situatie zo op scherp staat. Kennelijk worden onze landgenoten met een Turkse achtergrond vanuit Turkije gemanipuleerd.”

Luk Perceval in het Vlaamse radioprogramma Pompidou

Stukken uit christelijke landen

Het verheugt Perceval dat hij, naast Gençboyaci, een aantal Turkse spelers bereid heeft gevonden, onder wie Celil Toksöz en de Gentse zangeres van Turkse afkomst Melike Tarhan. Een gesprek als dit gaat onvermijdelijk over Turkse identiteit - maar wat is dat? Gençboyaci is uitgesproken: „Mijn vader was een van de eerste Turkse gastarbeiders in Duitsland. Daar ben ik geboren. Ik volgde de mime-opleiding in Amsterdam en ben betrokken bij de Wijksafari-voorstellingen van het gezelschap Zina. Mijn familie woont in Turkije, ik voel me met het land verbonden. Ik ben eerder Europees dan Turks.”

Politieke onderwerpen liggen gevoelig in het Turkije van nu. Celil Toksöz kwam als politiek vluchteling in 1986 naar Nederland. Hij zegt: „Als ik terugga naar Turkije, dan valt me op dat elke keer alles anders is. Het lijkt erop of de regering, zeker de huidige, er een verbijsteringsstrategie op nahoudt. Wat vroeger houvast bood, bijvoorbeeld familie of vrienden, kan plots een levensgevaarlijke band zijn. Nu Erdogan het bewind voert, is het voor het Nationale Theater in Istanbul en de staatstheaters in het land verboden repertoire uit christelijke landen te spelen; dus geen Shakespeare, Ibsen, Molière.”

2111CULsneeu2

Pamuk geldt in zijn thuisland als controversieel, een schrijver die door het westen is geannexeerd. In Sneeuw keert de dichter Ka (Pierre Bokma) na twaalf jaar ballingschap uit Frankfurt terug naar de stad Kars in noord-oost Turkije. Hij heeft als missie een reportage te schrijven over meisjes die zelfmoord plegen. Deze meisjes dragen een hoofddoek en een verbod daarop drijft hen tot de wanhoopsdaad. In werkelijkheid is Ka verliefd op de prachtige Ipek. Zij gaat ongesluierd door het leven, haar zusje niet. In de toneelversie speelt de hoofddoek een beslissende rol, tot in het decor toe: vanuit de nok van het theater hangen kleurrijke, zijden vaandels die soms bewegen op de wind. De toeschouwer kijkt naar een gesluierde wereld, maar volgens Gençboyaci symboliseert deze waaier aan kleuren „vrede, net zoals een regenboog peace verzinnebeeldt”.

Ragfijn dramatisch contrast

De poëtische tekst van Pamuk krijgt in de liedteksten van zangeres Melike Tarhan een ragfijn dramatisch contrast. Ze zegt: „Voor mij gaat Sneeuw over melancholie. Ik ben als de zingende ziel van Ka: ik begeleid zijn zoektocht naar Ipek met teksten van onze mystieke, islamitische dichters en troubadours uit de dertiende en veertiende eeuw. Je kan Turkse soefi-muziek vergelijken met Portugese fado’s vol weemoed. Ik zing zonder instrument, a capella. In mijn keuze heb ik me niet door politiek laten leiden, maar door alles wat muziek universeel maakt: liefde, dood en troost maar ook het religieuze gebed. Ik zie mezelf als het koor in een Griekse tragedie: met tekst en stem reflecteer ik op de gebeurtenissen.”

2111CULsneeu

Perceval noemt Pamuk een „visionair auteur die, in 2002 bij verschijning van Sneeuw, scherp schreef over de strijd tussen extreem islamitische overtuigingen en secularisatie. Nu is zijn boek nog actueler”. Töksöz verwoordt het als volgt: „De stadse wereld van roddel en achterdocht die Kars is, wordt de dichter uiteindelijk fataal. Kars is meer dan slechts plaats van handeling. De stad staat voor het Turkije van nu als een land dat ingeklemd zit tussen het westen en het oosten. Decennialang gold voor Turkije het adagium te verwestersen, nu heeft de drang om zich van het westen af te wenden de overhand genomen.”

De sluiers en hoofddoekjes vormen niet voor niets de leidende kracht in de voorstelling. Luk Perceval: „Volgens oosterse waarden is de sluier een teken van vrijheid en voor het westen geldt de sluier als teken van onderdrukking. De sluier nu is meer dan nooit een maatschappelijk symbool. Dit is het conflict tussen hart en politiek waar de voorstelling ons heenbrengt. Ik prijs me gelukkig dat we met de moed van deze Turkse auteurs het verhaal van Pamuk kunnen uitbeelden.”