Het grote Merkel Lexicon

Het ergerde de Duitse historicus en journalist Andreas Rinke dat veel collega’s Merkel afschilderen als die ondoorgrondelijke ‘sfinx aan de Spree’, die vrouw van wie niemand weet wat er in haar omgaat. Dus maakte hij het Merkel Lexicon.

Foto's Markus Schreiber/AP

Al jaren ziet hij Angela Merkel minstens een paar keer per week, soms iedere dag. En hij twijfelt er niet aan: „Ze heeft er nog plezier in, ze heeft er nog de energie voor – het is haar leven.” Andreas Rinke is politiek correspondent van het persbureau Reuters in Berlijn en auteur van het pas verschenen boek Das Merkel-Lexicon; Die Kanzlerin von A-Z.

Zijn eerste interview met Merkel maakte Rinke in 2005, toen ze net, op het nippertje, de verkiezingen had gewonnen, maar nog niet in functie was. Hij woont bijna al haar optredens bij – en dus ook de persconferentie waarop Merkel zondag bekendmaakte dat ze voor een vierde keer kanselier wil worden. Ze verwacht een harde campagne voor de Bondsdagverkiezingen in het najaar van 2017, zei ze. En als ze als winnaar uit de bus komt wil ze – na twaalf jaar aan de macht – voor nog eens vier jaar het land regeren.

Behalve journalist is Rinke ook historicus, en het begon hem steeds meer te ergeren dat veel van zijn collega’s zo’n kort geheugen hebben. Dat ze Merkel bijvoorbeeld steeds afschilderen als die ondoorgrondelijke ‘sfinx aan de Spree’, die vrouw van wie niemand weet wat er in haar omgaat. Maar als je kijkt wat ze in de loop der jaren allemaal heeft gezegd, zegt Rinke, zit daar een heel duidelijke lijn in. Zo ontstond het idee voor zijn boek, een scherp politiek en menselijk portret vermomd als naslagwerk.

„Neem de vluchtelingencrisis. Ik was verbluft dat zoveel collega’s in 2015 verbaasd waren over haar beleid om de vluchtelingen toe te laten. Al in 1993, toen er grote aantallen vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië kwamen, zette ze als jong politicus haar opvattingen heel precies uiteen: we bieden asiel aan mensen die vervolgd worden, wie hier niet mag blijven moet terug, wie wel mag blijven moet integreren. Dertien jaar later is dat nog steeds de grote lijn.”

In vele tientallen kleine, heel feitelijke hoofdstukjes vertelt Rinke over verschillende aspecten van de bondskanselier en de mens Merkel. Van Merkel en ambitie („Behalve door eerzucht wordt ze ook gedreven door plezier in haar werk en nieuwsgierigheid’’), Merkel en de blazer („Geen kledingstuk is zozeer met de persoon van Merkel verbonden als de blazer. Hoeveel ze er bezit, is onbekend. Het aantal ‘actief gedragen’ blazers moet rond de twintig liggen”) tot Merkel en Poetin, Merkel en de VS, en Merkel en woede („De in het openbaar altijd zo beheerste Merkel zou in kleine kring af en toe heel goed kunnen vloeken en schelden. Maar volgens naaste medewerkers wordt ze bij hele grote ergernis juist erg stil. Of ze spreekt heel rustig met bijtende spot. Dan weet iedereen: het is menens.”)

Veel van de lemma’s zijn gebaseerd op haar eigen woorden, en steeds met bronvermelding. „Dit is mijn bijdrage aan het debat over de post-factische wereld”, zegt Rinke.

In Duitsland hechten de meeste mensen aan stabiliteit, zegt hij, ter verklaring van het feit dat vrijwel niemand erover klaagt dat meer dan twaalf jaar aan de macht voor een regeringsleider misschien wat veel is. „En bovendien: aan de ene kant staat Merkel wel voor continuïteit en stabiliteit, maar aan de andere kant zijn er ook veel mensen, juist in haar eigen partij, die vinden dat ze symbool is van snelle verandering, té snelle verandering. Het besluit om alle kerncentrales te sluiten was bijvoorbeeld een plotselinge koerswijzing van 180 graden.’’

„Politiek is voor Merkel altijd een afweging. Haar opvatting sluit aan bij een citaat van Henry Kissinger, dat hij bij het nemen van een besluit voor 51 procent moet weten dat het een juist besluit is. Mensen moeten altijd het recht hebben met je van mening te verschillen.”

Gevraagd of hij het besluit van Merkel om door te gaan zag aankomen, zegt Rinke: „Het was heel waarschijnlijk, ze werkte al aan een langere termijnagenda, bijvoorbeeld over de digitalisering en de relatie met Afrika. Maar ik had een restje twijfel, want ik heb geen inzicht in de persoonlijke verhouding met haar man.”

In het hoofdstukje ‘Opvolger’ schrijft Rinke over de ‘paradox van de macht’: hoe langer een politicus regeert, hoe moeilijker het voor hem of haar is om ermee op te houden. „Ze noemde de manier waarop haar partijgenoot Christian Wulff als minister-president van Nedersaksen de macht overdroeg ooit voorbeeldig: halverwege zijn tweede ambtsperiode maakte hij plaats voor een partijgenoot. Maar na twee jaar verloor die opvolger de verkiezingen, dus ook die manier van stoppen bleek niet ideaal.”