In Oost-Aleppo zijn nu alle ziekenhuizen dicht

Na een nieuwe ronde bombardementen moeten de bewoners van Aleppo het nu zonder een werkend ziekenhuis stellen. Strijdende partijen lijken – niet alleen in Syrië – medische faciliteiten vaker als legitiem doelwit te beschouwen.

Een beschadigde ambulance in Syrië eerder deze week. Ammar Abdullah/Reuters

Het toch al zwaar beproefde oostelijke deel van Aleppo is dit weekeinde volgens de Wereldgezondheidsorganisatie van de VN (WHO) en andere hulporganisaties van zijn laatste medische faciliteiten beroofd door aanhoudende bombardementen. De circa 250.000 inwoners van het door rebellen beheerste deel van de stad zitten daarom nu zonder medische zorg, terwijl de strijd om de stad in volle hevigheid voortwoedt.

Een handvol ziekenhuizen dat nog werkte in het oosten van Aleppo is sinds dinsdag herhaaldelijk aangevallen. Het Syrische regeringsleger, bijgestaan door de Russische luchtmacht, hervatte die dag zijn hevige bombardementen op doelen in het oosten van de stad na een staakt-het-vuren van drie weken. Honderden burgers zijn sinds dinsdag om het leven gekomen, meldde het persbureau Reuters zondag, onder wie talrijke kinderen.

Het Syrische leger en de Russen lijken vastbesloten Oost-Aleppo, het laatste belangrijke stedelijke bolwerk van de rebellen in Syrië, tot elke prijs in handen te krijgen. Tot overmaat van ramp voor de bevolking in Oost-Aleppo zijn ook de voedselvoorraden nagenoeg uitgeput.

Chloorgasaanval

Vrijdag zag het personeel van het laatste kinderziekenhuis, waar op dat moment patiënten werden behandeld aan de gevolgen van een mogelijke chloorgasaanval, zich genoopt hun kliniek in allerijl te ontruimen nadat het gebouw binnen een paar dagen twee keer was geraakt. Dit weekend volgden de laatste vier geïmproviseerde medische faciliteiten in het oosten van de stad.

Tekst gaat verder na de video:

Susan Rice, de nationale veiligheidsadviseur van president Obama, noemde de aanvallen op ziekenhuizen ,,afschuwelijk”. Het regime van de Syrische president Assad en zijn bondgenoten, in het bijzonder Rusland, zijn volgens haar verantwoordelijk voor de gevolgen hiervan.

Sommige andere berichten suggereerden dat enkele medische hulpposten nog altijd open zijn maar dat de bevolking die niet langer durft te bezoeken uit vrees daar te worden getroffen door bommen of granaten. Een dergelijke overweging is niet zo onredelijk als ze lijkt. Aanvallen op medische faciliteiten zijn – niet alleen in Syrië maar bij voorbeeld ook in Jemen – steeds frequenter geworden. Strijdende partijen lijken die steeds meer als een legitiem doelwit te beschouwen. Verplegen die immers vaak niet ook gewonde strijders van hun tegenstanders?

Internationaal oorlogsrecht

Het Internationale Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen luidden nog geen jaar geleden al de noodklok over het groeiende aantal aanvallen op medische faciliteiten in oorlogsgebied. Het internationaal humanitair oorlogsrecht, dat strijdende partijen verplicht medische hulpverleners te ontzien, wordt voortdurend met voeten getreden.

„Gezondheidsfaciliteiten worden tegenwoordig vaak systematisch aangevallen”, zei Yves Daccord, directeur-generaal van het Internationale Rode Kruis eind vorig jaar tegen NRC. „Het taboe dat daarop lag is verdwenen.”

Lees hier het interview met Yves Daccord: Rode Kruis geeft IS-gebieden drinkwater

„De regeringen redeneren vaak: waar rebellen zijn, is alles om hen heen een legitiem doelwit, ongeacht wie of wat er aan de andere kant zit”, verklaarde Katrien Coppens, adjunct-directeur van Artsen zonder Grenzen.

„Alles aan de andere kant is de vijand.”

Toevalstreffers

Van toevalstreffers lijkt in veel gevallen geen sprake. Medische hulporganisaties informeren de strijdende partijen meestal precies over de gps-coördinaten van hun faciliteiten en markeren die duidelijk met symbolen op het dak, zoals een rode halve maan of een rood kruis.

In Jemen alleen al, zei Daccord, waren er in één jaar 140 aanvallen op medische faciliteiten geregistreerd. Voor Syrië, waar al veel langer en vaak nog veel heviger wordt gevochten, zijn geen betrouwbare schattingen van zulke incidenten beschikbaar.

Overigens is het niet zo dat het altijd niet-westerse regimes zijn die zich aan zulke aanvallen schuldig maken. In oktober vorig jaar voerde een Amerikaans toestel een verwoestende aanval uit op een kliniek van Artsen zonder Grenzen in het noord-Afghaanse Kunduz, waar op dat moment vermoedelijk ook enkele gewonde Talibaanstrijders werden behandeld. Bij de aanval kwamen 31 mensen om het leven. De VS verklaarden naderhand dat het om een vergissing ging.