De hardloper heeft het bloedheet, maar merkt daar zelf niets van

Geneeskunde Zonder dat ze er zelf erg in hebben kan de lichaamstemperatuur van hardlopers flink oplopen, tot boven de 40 graden.

Een op de zes deelnemers aan de Zevenheuvelenloop komt oververhit over de eindstreep. Van 227 gevolgde deelnemers aan deze Nijmeegse hardloopwedstrijd over 15 kilometer hadden er 31 een lichaamstemperatuur van boven de 40 graden Celsius toen zij finishten. Oververhitting doet zich daarmee vaker voor dan gedacht. Dat schrijft arts-onderzoeker Matthijs Veltmeijer in zijn proefschrift waarop hij vrijdag promoveerde aan het Radboudumc in Nijmegen.

De lichamelijke oververhitting gaat vanzelf weer over en heeft verder geen nadelige gevolgen voor de hardloper, zegt Veltmeijer aan de telefoon. Hoewel de omgevingstemperatuur tijdens de race laag was (met 11 graden), steeg de lichaamstemperatuur van de proefpersonen tijdens het lopen gemiddeld van 37,6 tot 39,2 graden Celsius. De temperatuur loopt op door de langdurige intensieve beweging, legt Veltmeijer uit. „Het energieverbruik van spieren is inefficiënt, bij het hardlopen komt 80 procent van de verbruikte energie vrij als warmte en slechts 20 procent wordt omgezet in beweging. Als het lichaam die overtollige warmte voldoende kwijt kan, is dat geen probleem.”

Hardloperskoorts

Warmteproductie door spieren blijkt echter niet de enige verklaring. De verhoging van de lichaamstemperatuur tijdens grote lichamelijke inspanning is deels het gevolg van een ontstekingsreactie, zonder dat er een infectie aanwezig is. ‘Hardloperskoorts’ noemt Veltmeijer dit verschijnsel.

Het bestaan ervan heeft Veltmeijer aangetoond in een serie experimenten met proefpersonen op een loopband, waarbij zij in verschillende sessies ontstekingsremmende middelen paracetamol en ibuprofen of niets kregen toegediend. Bij de combinatie van de twee middelen, bleek de lichaamstemperatuur minder hoog op te lopen dan in de controlesituatie. Het is bekend dat duursporters deze middelen wel vaker slikken, en er zijn ook aanwijzingen dat dit hun prestatie kan bevorderen. Een hogere lichaamstemperatuur betekent immers ook dat mensen eerder vermoeid raken. Maar, voegt Veltmeijer snel toe, „Ik zou niemand aanraden om deze middelen te slikken, want er zitten ook gezondheidsrisico’s aan, met name voor de maag en de nieren.”

Hoe het komt dat de ene loper wel oververhit raakt en de ander niet, is nog niet duidelijk. Veltmeijer: „Wat we wel constateren is dat lopers die in het ene jaar een hoge temperatuur krijgen, dat in het volgende jaar ook hebben. Mogelijk speelt hier de hardloperskoorts ook een rolletje.”

De koorts van extreme inspanning is niet exclusief verbonden aan hardlopen, maar komt daar wel vaak voor. Veltmeijer: „Bij wielrennen heb je ook vaak een langdurige inspanning, maar daarbij wordt de hitte beter afgevoerd door de wind langs het lichaam. En de inspanning tijdens het voetballen is bijvoorbeeld ook intensief, maar een explosieve sprint wordt daar afgewisseld met periodes van rust en wandelen, waardoor het lichaam weer kan afkoelen.”

Het is niet heel ingewikkeld om in te schatten onder welke omstandigheden het risico op oververhitting het grootst is, zegt Veltmeijer, die zelf ook hardloper is. „Warm weer en een hoge luchtvochtigheid maken het lastiger om overtollige lichaamswarmte kwijt te raken.” En hoe langer de inspanning duurt, hoe verder de temperatuur kan op lopen.

En, heeft Veltmeijer zondag ook nog zelf meegedaan aan de 33 ste editie van de Zevenheuvelenloop? „Nee helaas”, zegt hij beschroomd. Na zijn promotie golden andere prioriteiten.