Tegenstem Oekraïne-referendum was niet tegen EU

De uitkomst van het referendum was ook negatief geweest als de ‘strategische thuisblijvers’ (2,5 procent) wel waren gaan stemmen.

GeenPeil-voormannen Jan Roos (L) en Thierry Baudet (R). Foto Remko de Waal / ANP

Nederlanders die 6 april tegen het associatieverdrag met Oekraïne stemden, deden dat niet uit afkeer van de Europese Unie. Dat meldt Trouw op basis van het Nationaal Referendum Onderzoek (.pdf) onder 2.500 kiesgerechtigden. Ze stemden tegen het verdrag omdat ze samenwerking met Oekraïne niet vertrouwen vanwege de corruptie in dat land, of uit vrees dat Oekraïne zo een stap dichter bij toetreding tot de EU zou komen.

Een groep wetenschappers onderzocht voor, tijdens en twee weken na het referendum de beweegredenen van 2.500 kiesgerechtigden. Onderzoeker Kristof Jacobs, hoofddocent aan de Radboud Universiteit van Nijmegen, zegt in Trouw dat het er sterk op lijkt “dat de kiezer oprecht heeft geprobeerd om de vraag op het stemformulier te beantwoorden”. Slechts 7,5 procent van de kiezers bracht hun stem uit tegen de EU.

Slechts vijf tot twaalf kiezers gaf in het onderzoek als argument voor de tegenstem dat zij tegen militaire samenwerking met Oekraïne waren, of tegen visumliberalisatie voor inwoners van het land.

Ja-stemmers wilden vooral de bevolking van het land steunen (37,7 procent). Op de tweede plaats kwam het bevorderen van handelsrelaties (21 procent). Dit was ook het belangrijkste argument van de voor-campagne. Uit het onderzoek blijkt verder dat de uitkomst van het referendum ook negatief was geweest als de ‘strategische thuisblijvers’ (2,5 procent) wel waren gaan stemmen.

Referendum

Een ruime meerderheid van de kiezers stemde ‘nee’ bij het referendum over het associatieverdrag van de EU met Oekraïne. 61 procent stemde tegen, 38,2 procent voor. De opkomst was 32,28 procent, waarmee het referendum rechtsgeldig is. Omdat het een raadgevend referendum betreft is het kabinet niet verplicht de uitslag over te nemen, maar Rutte zei al op de avond van de uitslag dat Nederland het verdrag nu “niet zonder meer” kan bekrachtigen. Rutte is op zoek naar wat hij noemt een ‘geitenpaadje’. Hij wil noch het verdrag zonder meer opzeggen, noch het advies van de kiezers naast zich neerleggen.

Bij het referendum stond de vraag centraal of Nederland een samenwerkingsverdrag tussen de EU en Oekraïne moet ondertekenen. Het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne werd op 21 maart 2014 ondertekend. Er was sinds 2012 over onderhandeld. In het verdrag staan afspraken over samenwerking op tal van terreinen zoals handel, energie en rechtsstaat.

Het verdrag kan pas in werking treden alle betrokken landen en instellingen hebben geratificeerd. Nederland heeft dit als enige land nog niet gedaan door de uitslag van het referendum op 6 april. Desondanks kan een fors deel van de afspraken, bijvoorbeeld die over handel, gewoon doorgaan omdat die gelden voor de Europese Unie als geheel. Militaire samenwerking kan intergouvernementeel worden afgesproken. Nederland dient zich dan te schikken naar de meerderheid.