Column

Kunnen we even 5 minuten blij zijn?

Zijn jullie klaar voor een bak met goed nieuws of zitten jullie lekker in de eigen bubbel te somberen over de dramatische kant die het opgaat met de wereld? Nou, riemen vast, ik ga een column lang de zon laten schijnen. Want het gaat economisch gezien niet een beetje goed in Nederland, het gaat uitermate goed. Dat is al een tijdje zo, maar het wordt steeds beter. Deze week verrastte de harde groei van de economie ongeveer iedereen. Kon het nóg beter? Ja dat kon het.

Consumenten blijven positief gestemd: hun vertrouwen staat nu op het hoogste niveau sinds augustus 2007 (u weet wel, toen we van een financiële crisis nog geen weet hadden). Dat vertrouwen is niet zomaar een getalletje, het is opgebouwd uit allerlei vragen: of het met de eigen financiën beter gaat en hoeveel vertrouwen er is dat het met die financiën het komende jaar beter zal blijven gaan, idem voor de economie in het algemeen. Consumenten kopen ook meer. Dus vergeet afgelopen Prinsjesdag toen politici verkondigden dat het beter gaat met de economie maar dat de burger dat nog niet voelt. Die burger zit al een tijdje surfend op haar nieuwe telefoon een extra chocomelk te bestellen. We kopen meer elektronica, gaan vaker uit eten en een dagje uit, aldus het CBS.

Bedrijven zijn, na een dipje in augustus, ook positiever én investeren meer. Ze verwachten voor 2017 meer omzet, investeringen en banen. Het aantal banen stijgt al. En de werkloosheid daalt snel. Waren er op het hoogtepunt van de crisis zeven werklozen per vacature, nu zijn dat er drie.

We zijn niet het enige land waar het beter gaat. In de Verenigde Staten zijn de cijfers ook goed, en daar stijgen eindelijk de lonen weer. In de rest van Europa: zelfde verhaal. U las jarenlang in stukjes als deze vertwijfelde vragen over waarom het nou toch maar niet wilde lukken met die westerse economieën. Waarom de motor wel pruttelde maar niet echt aansloeg, zelfs na al die bakken met geld die de centrale banken in de economie pompten. Welnu, de motor loopt! Hoera.

Voordat ik de Emile Ratelband van het economische nieuws word: ik weet dat economie niet alles is. Dat onvrede over van alles gaat. Nederlanders hebben vertrouwen in de economie, en weer wat meer in de politiek, maar dat het met Nederland de goede kant opgaat geloven maar weinig mensen. Zorg nummer 1 en 2: immigratie, integratie en hoe we samenleven. (Bron: Sociaal en Cultureel Planbureau.)

En ik weet ook dat we over die economische bloei van alles relativerends kunnen zeggen. De economen van het Centraal Planbureau en De Nederlandsche Bank hebben ons al gewaarschuwd voor de nare eigenaardigheid in de Nederlandse economie. Onze economie is uitzonderlijk grillig omdat zoveel geld in huizen en pensioenen vastzit en we tegelijk relatief veel geld lenen via hypotheken. We krijgen hardere klappen maar kennen ook hogere oplevingen. Dus ja, dat we nu weer uitbundig groeien, uitbundiger dan onze buurlanden, je kan er ook zorgelijk over zijn. Hè bah, nou doe ik het toch: somberen.

Elke economische voorspeller wijst nu op de vele onzekerheden die echt optimisme moeilijk maken. We weten niet hoe het nieuwe nationalisme dat door het Westen waart in de vorm van Brexit en Donald Trump uitpakt. Maar één ding is glashelder: mogelijke zorgen of problemen zijn veel en veel makkelijker aan te pakken als de economie groeit. Laten we 5 minuten blij zijn dat we uit die deprimerende economische flat line zijn. Volgens mij mogen we een gebakje bestellen en ondubbelzinnig juichen: hoera, groei!

Marike Stellinga is econoom en schrijft elke zaterdag op deze plek over politiek en economie.