Jeremy Clarkson is terug, tot vreugde van veel autofans

Autoshow

Vergeet Top Gear, leve The Grand Tour. Jeremy Clarkson, ex-BBC, maakt nu een autoshow voor Amazon. Vanaf vandaag te zien, in vijf landen.

Foto Roderick Fountain / Amazon Prime

In de stromende regen stapt Jeremy Clarkson een gebouw uit, dat moet lijken op het hoofdkantoor van de BBC in Londen. Dit is het einde van Clarkson, zegt een Britse radiostem als hij in een taxi stapt. Hop, het vliegtuig in, op naar Los Angeles. In de garage haalt Clarkson zijn huurauto op: een Ford Mustang. Hij rijdt de stad uit, de woestijn in. De zon schijnt. „I can see clearly now the rain is gone”, speelt de radio. „All of the bad feelings have disappeared.”

De blauwe Mustang van Clarkson krijgt gezelschap van een rode en een witte. Natuurlijk: dat zijn makkers James May en Richard Hammond.

De drie rijden door de woestijn door een konvooi dat doet denken aan Mad Max. Ze komen uit bij een podium waar honderden fans joelen. Straaljagers scheren over in formatie. De boodschap van Clarkson, May en Hammond: zo behandel je helden. Je laat ze flauwe en foute grappen maken als dat goede kijkcijfers oplevert. Je gunt ze status en staat sterrengedrag toe. Je neemt ze vooral niet een goedlopend televisieprogramma af, zoals de BBC deed vorig jaar deed met Top Gear, na een handgemeen op de set van het programma waarbij Clarkson een medewerker zou hebben geslagen.

Maar Hammond, May en Clarkson zijn terug. De videodienst van Amazon gaf in de nacht van donderdag op vrijdag de eerste aflevering vrij. Het was de bedoeling het trio om één minuut over twaalf terug te laten keren, maar de eerste aflevering was al voor middernacht te bekijken.

Na de filmische opening betreden de presentatoren het podium. The Grand Tour is een wereldreis, legt Clarkson uit. De drie zullen met hun groene legertent de wereld over trekken. „We zijn als zigeuners, alleen zijn onze auto’s wel verzekerd”, zegt Clarkson. Typische Top Gear-humor. Bang opnieuw in opspraak te raken is Clarkson niet. Zijn programma is nu alleen op internet te bekijken, zegt hij. „Dat betekent dat ik een paard kan bevredigen en er mee wegkomen.”

Pas na dertien minuten gaat The Grand Tour over auto’s. Het programma is flitsender, met duurdere auto’s, en nog mooier gefilmd dan Top Gear. Naar verluidt kostte een aflevering gemiddeld 5,2 miljoen euro om te maken. Dat is het viervoudige van wat Clarkson, Hammond en May bij de BBC mochten uitgeven, constateert The Telegraph.

In de eerste aflevering reizen de mannen van de Amerikaanse woestijn naar de Portugese Algarve voor een race tussen drie hybride race-auto’s (ijsbeer-vriendelijke technologie, dixit Clarkson): een McLaren P1 (1,7 miljoen euro), een Porsche 918 Spyder (790.000 euro) en een Ferrari LaFerrari (1,2 miljoen euro, en consequent Ferrari the Ferrari genoemd door May). Ze gaan tot 200 kilometer per uur, maar stoten minder uit dan een doorsnee gezinsauto.

Net als bij de BBC presenteren de drie op Amazon een auto-programma met flair en grappen, die soms geforceerd ingestudeerd overkomen maar vaak raak zijn. Hammond is het mikpunt van grappen omdat hij klein is, May omdat loom oogt. Een racebaan wordt omgedoopt tot het ‘ebolacircuit’, omdat het parcours op het dodelijke virus onder een microscoop lijkt. Toch wordt er meer dan genoeg gesproken over spoilers, snelle bochten nemen en gewichtbesparende motorklepstangetjes van carbon om duidelijk te maken dat The Grand Tour een serieus autoprogramma is.