Hoge Raad: Meavita-zaak moet over

Een van de rechters van de Ondernemingskamer was met pensioen ten tijde van de uitspraak.

Loek Hermans maakt bekend om af te treden als fractievoorzitter van de VVD in de Eerste Kamer. Hij was voorzitter van de raad van commissarissen bij Meavita. Foto Bart Maat/ ANP

De zaak rond het faillissement van thuiszorgorganisatie Meavita moet geheel over. De Ondernemingskamer heeft procedurele fouten gemaakt door met onvoldoende rechters te oordelen over de zaak. Dat blijkt uit een op vrijdag gepubliceerde uitspraak van de Hoge Raad.

Het volgt daarmee het advies van de advocaat-generaal, de belangrijkste adviseur van de Hoge Raad.

Aftreden VVD’er Loek Hermans

Een van de rechters was met pensioen toen de Ondernemingskamer op 2 november de uitspraak vaststelde. Dat is de reden dat er een volledig nieuwe beoordeling van de zaak nodig is.

De Ondernemingskamer, een afdeling van het gerechtshof die gespecialiseerd is in conflicten binnen organisaties, oordeelde dat er sprake was van wanbeleid bij Meavita. Een deel van de miljoen kostende onderzoek naar de affaire werd verhaald op enkele voormalige bestuurders en commissarissen van Meavita. Loek Hermans was de voormalige president-commissaris van het zorgconcern. Hij besloot om na de uitspraak af te treden als voorzitter van de VVD-fractie in de Eerste Kamer.

Ook over dit onderdeel heeft de Hoge Raad zijn bedenkingen. Om de onderzoekskosten te verhalen op bestuurders of commissarissen moeten zij persoonlijk verantwoordelijk zijn voor het wanbeleid. Dat is onvoldoende aangetoond.

Het zorgconcern Meavita ontstond in 2007 uit een fusie. Twee jaar later ging het bedrijf failliet met een miljoenenschuld. Met 20.000 medewerkers, 100.000 cliënten en een half miljard omzet was Meavita een van de grootste zorgconcerns in Nederland. Het was werkzaam voor ruim 60 gemeenten.