‘Armin maakte altijd al veel herrie’

Jonge jaren

Hoe word je wie je bent? De roem van Armin van Buuren kent bijna geen grenzen – vijf keer werd hij gekozen tot beste dj ter wereld. Zijn jongenskamer lag recht boven de kamer waar zijn vader uit zijn dak ging met Mahler, Bach en progressieve rock.

Raadsel

Natuurlijk zijn de ouders trots op hun zoon. „Je groeit met zijn roem mee”, zegt vader Joep van Buuren. „Maar soms denk je ineens: wat heeft hij toch allemaal bereikt?”

Bij het betreden van de Ziggo Dome bijvoorbeeld, als duizenden mensen uit hun dak gaan bij zijn muziek. Moeder Marianne Verwaijen: „Dan lopen we hand in hand en zeggen we: ‘dit feestje zou er zonder ons niet zijn geweest’.”

Het is hun eigenlijk een raadsel waarom hun ene zoon wereldberoemd is geworden, en hun andere zoon Eller, evenzeer muzikaal getalenteerd, niet. Nog niet. Eller, gitarist, schrijft Armins succes toe aan „extreem hard werken” en „talent” plus „geluk” mensen te hebben ontmoet die hem het succes gunnen. „Bovendien is hij slim. Hij heeft zich nooit van het pad laten brengen door het succes.”

Klepfamilie

Armin van Buuren (39) groeide op in een ruim, vrijstaand huis aan het water. Als kind was hij „lekker eigenwijs” en „vrij en open”, zegt zijn moeder. „Ik mis de tijd dat we samen stonden af te wassen en de slappe lach kregen.” Er werd thuis veel gediscussieerd. Moeder: „Zo tegen tien uur ’s avonds gingen we over het leven praten.” Armin: „We zijn een enorme klepfamilie.” Vader kwam af en toe tegendraads uit de hoek. Armins echtgenote Erika van Thiel moest daaraan wennen. „Zijn vader zei soms dingen waar hij zelf niet achter stond. Ik dacht: dat zal hij toch niet menen?” Vader: „Provoceren, hè? Anderen uit de tent lokken.” Armin spreekt van een „progressief” nest. „Freek de Jonge. Koot en Bie. Het was een betrokken, geëngageerd gezin.” Moeder: „Wij lezen nog steeds de Volkskrant.”

Georganiseerd geluid

Armin was al vroeg bezig met muziek en techniek, hoewel hij ook buiten speelde en veel vriendjes had. Vader: „Wij hebben Armin als peuter eens aangetroffen tussen kisten waaruit hij de banden van de spoelen van een bandrecorder aan het halen was.” Armin: „Ik wilde weten waar de muziek vandaan kwam.” Het draaien van de spoelen boeide hem. „Ik ben gefascineerd door de techniek van geluid; trillende lucht die je trommelvliezen bereikt en waaraan je hersenen een vertaling geven.”

Hij heeft het ook altijd interessant gevonden „als toeschouwer” te zien wat geluid en muziek met mensen doen. „Mijn vader had een videocamera. Ik experimenteerde met mijn videofilmpjes door er andere muziek onder te zetten. Schilderen met geluid. Dingen uit z’n context halen.” Muziek, zegt Armin zijn vader na, is georganiseerd geluid. „Geluid is niet tastbaar. Terwijl de associatie van geluiden mensen toch kan choqueren. In vervoering kan brengen.” Want dat is wat een dj doet: een verhaal vertellen. „Het hart raken door georganiseerd geluid, daar gaat het om.”

Progressieve rock

Muziek was er altijd in Huize Van Buuren. Vooral vader was er gek op. „Er is geen muziekstijl die ik niet kan waarderen”, zegt hij. Vooral ’s avonds, na zijn werk als huisarts, placht hij allerhande muziek ten gehore te brengen, op zijn koptelefoon of op volle sterkte. Armin: „Sommige huisartsen worden depressief of gaan aan de pillen. Mijn vaders uitlaatklep is muziek.” Mahler en Bach en Beethoven. Maar niet alleen klassiek.

Moeder: „Kent u het radioprogramma Superclean Dreammachine van Ad Visser?” Armin: „Mijn slaapkamer lag recht boven de zitkamer van mijn vader. Daar draaide hij keihard Vangelis, en progressieve rock als Emerson, Lake en Palmer.” Vader: „Armin heeft wel eens gezegd dat hij het prima vond als wij harde muziek afspeelden. Dan wist hij dat we thuis waren. Dat was veilig.”

Revolutionair

Het lawaai dat zijn vader produceerde, kreeg hij als een boemerang terug. Moeder: „Armin heeft altijd veel herrie gemaakt.” Vader: „In het begin was ik er niet van onder de indruk.” Broer Eller: „De basedrum gonsde door mijn kamer. Ik dacht weleens: jeetje, mag het alsjeblieft uit.”

Op achtjarige leeftijd hoorde Armin op school een cassettebandje van dance-pionier Ben Liebrand, die de beat van Art of Noise had gemixt met het weerbericht van het ANP. „Revolutionair”, zegt Armin. Hij begon Liebrand te volgen op de radio. Werd lid van de fanclub. „Ik begon steeds meer gekke muziek te verzamelen.” Op zijn twaalfde bezocht hij de Leidse studentenkamer van een jonge broer van zijn tante, die componeerde. „Hij had zijn hele kamer volgestouwd met samplers, keyboards en drumcomputers. Ik liep daar binnen en wist wat ik wilde.” Op het Stedelijk Gymnasium in Leiden, in de tijd van de opkomst van house, kreeg hij „behoefte aan draaitafels en platen”. Hij kocht apparaten van het geld van zijn krantenwijk, „en van wat ik verdiende met het rondbrengen van rekeningen voor particulier verzekerde patiënten van mijn vader”.

Bekijk foto’s van Armin van Buuren als kind en als jongere. De tekst gaat hieronder verder.

Boem boem boem

Er zijn veel overeenkomsten tussen vader en zoon. Armin: „Tijdens het draaien van muziek ga ik op in mijn eigen wereld. Ik kan me volledig afsluiten van mijn omgeving en ben totaal gelukkig. Mijn cocon. Dat heb ik ook bij mijn vader gezien.” En doet hij als dj niet wat zijn vader ook altijd heeft gedaan: het delen van enthousiasme? „Mijn vader werd helemaal leip van bepaalde muziek en zei tegen mijn moeder: Jan, moet je dat horen!” Dat is zoals dj’s contact maken met hun publiek. „Contact, een heel mooi woord vind ik dat. Dancemuziek is contact.”

In het begin werd er neergekeken op dance, vertelt hij. „Toen ik begon, kon je er moeilijk geld mee verdienen. Ik had dan ook geen enkele commerciële ambitie.” Zelf heeft hij dance altijd beschouwd als „een tegenbeweging, een reactie op de mooie liedjes van de jaren tachtig van Michael Jackson, Madonna, Duran Duran”. Deze muziek „wilde terug naar het oergevoel met de nooit stoppende basedrum. Boem boem boem”. Dat wekte de haat van anderen op. „Eigenlijk was dat de bedoeling. Het was zoiets als provo in de jaren zestig. Zoals het gebruik van de Moog synthesizer door de Beatles, waar heel veel mensen moeite mee hadden. Ga verder terug in de tijd. Dan zie je Bach ineens twee halve noten in een akkoordenschema gebruiken. Dat mocht niet!”

Niet dat de beginnende dj Armin een soort recalcitrante punker was, zegt broer Eller. „Maar hij zat natuurlijk wel in z’n puberteit. Hij was op zoek naar een identiteit.”

Bijbaantje

Na het gymnasium wilde Armin geneeskunde studeren, maar werd uitgeloot. Zijn „parkeerstudie” rechten werd pas na drie jaar „een beetje leuk”. Dat was in 1999. „Een sleuteljaar.” Voorafgaand aan dat jaar „heb ik me een paar jaar enorm eenzaam gevoeld omdat ik niet wist wat ik met mijn leven aan moest”. Hij had weinig affiniteit met studentenverenigingen, was merendeels thuis. „Daar had ik mijn studio. Daar kon ik produceren.”

Dj Tiësto stelde hem in 1999 voor aan de producer met wie hij zijn carrière zou opbouwen. En in juli leerde hij „op een zuipvakantie op Kreta” Erika van Thiel kennen, met wie hij trouwde en twee kinderen kreeg. Erika: „Hij was daar met een groep vrienden. Ik met een vriendin.” Armin vertelde haar dat hij studeerde en als bijbaantje op dinsdagavond dj was in een studentenkroeg in Leiden. „Niets bijzonders”, zegt Erika. „Ik had een bijbaantje in een bakkerij.”

Moeder: „Armin is een echte familieman. Natuurlijk is hij een paar keer op het randje geweest. Dat hij geen privé-leven meer had en dat wij zeer bezorgd waren of het wel goed ging. Dat is een strijd geweest, die hij heeft gewonnen. Begin dit jaar heeft hij met zijn gezin een reis gemaakt in een camper in Nieuw-Zeeland. Ze kwamen als herboren terug.”