Column

Een glimlachje om Leefbaar

mirjamdewinter0

Toen Pim Fortuyn met zijn Leefbaar Rotterdam in maart 2002 de gemeenteraadsverkiezingen won, wilde ik ook verhuizen. Net als al die Amerikanen die vorige week de site van de Canadese immigratiedienst bezochten, zocht ik het internet af naar een betaalbare woning in Amsterdam of Utrecht. Die verhuiswens verdween op de dag dat Fortuyn werd vermoord. Niet omdat ik dacht dat daarmee het probleem was opgelost, zeker niet, maar omdat ik het laf vond om te vluchten nu de stad zo verdeeld was geraakt. De linkse media en elite waren met de demonisering van Fortuyn schuldig aan deze politieke moord, vond zijn aanhang, en voor dat verwijt wilde ik niet weglopen. In plaats van te verhuizen of de straat op te gaan om te protesteren tegen het (in mijn ogen) xenofobe Leefbaar Rotterdam, voegde ik me tussen de rouwenden langs de route van de begrafenisstoet. De moord op Fortuyn verlamde mijn stembanden, letterlijk en figuurlijk. Ik vond dat ‘we’ inderdaad lessen moesten trekken uit deze politieke moord en besloot om Leefbaar Rotterdam een kans te geven en de partij te beoordelen op haar daden.

Nu, vijftien jaar na de oprichting van de partij ‘voor de gewone Rotterdammer’, zou het kunnen zijn dat ik inmiddels gewend ben geraakt aan de verruwing van de maatschappelijke discussie in het algemeen, maar blijken de Leefbaren lang niet het “grote gevaar” waar ik zo bang voor was. En ze hebben wel degelijk wat voor elkaar gekregen in de stad. We hebben het bijvoorbeeld aan voormalig Leefbaar-wethouder Marianne Van den Anker te danken dat er een einde kwam aan de overlast van de tippelzone op de Keileweg. Niet door domweg het gebied schoon te vegen, maar door de prostituées te begeleiden naar een beter leven. Precies zoals de partij het in haar nieuwste slogan belooft: ‘Hard met een hart.’

Toch betrapte ik mezelf op een zelfgenoegzaam glimlachje toen Leefbaar-wethouder Ronald Schneider vorige week met piepende banden op het nippertje wist te ontkomen aan een woedende menigte in Hoogvliet, omdat hij – van de partij die ‘wel naar de mensen luistert’– de bewoners vooraf niet had ingelicht over de komst van twaalf statushouders in hun wijk. Ze waren niet geïnformeerd omdat „de gemeente gebruik heeft gemaakt van het gemeentelijk versnellingsarrangement”, waren letterlijk de ambtelijke woorden van de Leefbaar-wethouder in een zaal vol tierende Rotterdammers, die mogelijk allemaal op Leefbaar hebben gestemd. Wat zullen deze ‘vergeten mensen’ zich verraden voelen door hun partij, net als toen het azc in de Beverwaard ze ‘door de strot werd geduwd’. En dan moet over anderhalve week het stadsreferendum over het plan van deze wethouder voor het slopen van ‘hun’ twintigduizend sociale huurwoningen nog komen.