Recht & Onrecht

Nederland is te bang voor demonstraties

Terwijl in de Verenigde Staten elke dag tienduizenden ongehinderd demonstreren tegen Donald Trump, werd in Nederland een demonstratie tegen Zwarte Piet verboden en de betogers gearresteerd.

Sinds de verkiezingen op 8 november protesteren er in de Verenigde Staten dagelijks tienduizenden mensen tegen de toekomstige president. In New York, bijvoorbeeld, marcheerden er afgelopen zaterdag meer dan 25.000 Trump-tegenstaanders over de 5th Avenue naar de Trump Towers. Er was veel politie op de been, uiteraard, maar verboden werd de demonstratie niet. Op diezelfde dag wilde in Nederland een groepje van tweehonderd betogers van de actiegroep Kick Out Zwarte Piet tijdens de intocht van Sinterklaas demonstreren tegen Zwarte Piet. Maar dat mocht niet.

Want de burgemeester van Rotterdam had op vrijdagavond lucht gekregen van de geplande demonstratie en had deze in allerijl verboden. Maar dat niet alleen: er werd bovendien een zogeheten ‘noodbevel’ uitgevaardigd dat de aanhouding van de betogers mogelijk maakte. Toen de demonstranten op zaterdagochtend in Rotterdam arriveerden, werden ze door de politie tegen gehouden en vervolgens werden alle betogers (alsmede een aantal omstanders)  gearresteerd.

Het recht om te betogen is een fundamenteel beginsel

De handelwijze van Burgemeester en politie werpt een aantal vragen op. Ten eerste is het meer dan twijfelachtig of het noodbevel gerechtvaardigd was. Een noodbevel is een van de meest ingrijpende bestuurlijke middelen omdat hierdoor de vrijheid van meningsuiting en de demonstratievrijheid buiten werking worden gesteld. De Burgemeester moet alles doen om demonstraties te faciliteren, ook indien de inhoud van de betoging door (een deel van) de bevolking als controversieel wordt beschouwd.  Het recht om in het openbaar te betogen en in het kader daarvan ook controversiële meningen te uiten, is immers een van de meest fundamentele beginselen van elke rechtsstaat.

Volgens de gemeentewet mag  een noodbevel derhalve alleen worden ingezet in geval van “ernstige wanordelijkheden, rampen, zware ongevallen of de vrees daarvoor”, in uitzonderlijke noodsituaties dus.  Volgens hoogleraar bestuurlijk sanctierecht Henny Sackers  was er echter afgelopen zaterdag “geen sprake van een noodsituatie”.

Adovcaten aanhouden is altijd uiterst bedenkelijk

Voorts werden er in Rotterdam niet alleen de actievoerders maar ook omstanders aangehouden, waaronder een advocaat, mijn oud-kantoorgenoot Michiel Pestman.  Pestman was naar eigen zeggen naar Rotterdam gereden om de demonstratie te observeren. Toen de demonstranten door de politie werden ingesloten ging Pestman naar de groep opgehouden betogers toe om hen uitleg te geven over de situatie. Maar daarna mocht hij de groep niet meer verlaten en werd, net als de betogers, aangehouden.

De aanhouding van advocaten tijdens en vanwege de uitoefening van hun werk is in een rechtsstaat altijd uiterst bedenkelijk. Even bedenkelijk is het feit dat omstanders die niet tot de groep actievoerder behoorden door de politie eveneens werden aangehouden.

 

Het vertrouwen in het rechtstatelijk optreden van de politie wordt nog verder aangetast omdat het Team Paraatheid Rotterdam, belast met de beveiliging van de intocht, op diezelfde zaterdag een waarschijnlijk grappig bedoelde foto op twitter plaatste, waarbij het Team als Zwarte Pieten poseerde, met daaronder de tekst: “Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de Parate Eenheid”. Het spreekt vanzelf dat deze foto niet betamelijk was en het aanzien van de politie heeft geschaad. Want de politie dient ten alle tijden neutraal te zijn en zich niet te mengen in het maatschappelijk debat. De tweet werd weliswaar vrij snel verwijderd, maar toen was het kwaad al geschied.

 

Ook in Nederland is men terecht bezorgd over de gevolgen die de Amerikaanse verkiezingen zouden kunnen hebben voor de rechtstatelijke grondbeginselen van dit land en velen steunen de Anti-Trump betogers. Het is jammer dat er niet even bezorgd wordt gereageerd op de weinig rechtstatelijke omgang met demonstraties in ons eigen land.

 

De Togacolumn verschijnt wekelijks en wordt afwisselend geschreven door een rechter, een officier en een advocaat. Deze week Britta Böhler, advocaat en hoogleraar Advocatuur aan de Universiteit van Amsterdam. 

 

 

 

 

 

Blogger

Britta Böhler

Britta Böhler studeerde rechten in Freiburg, waar ze ook promoveerde. Ze werkte aanvankelijk als advocaat in Duitsland en sinds begin jaren 90 in Nederland. Eerst bij Loeff Claeys Verbeke en daarna zelfstandig bij Böhler Advocaten. Ze was tot 2011 senator voor Groen Links. Ze schreef diverse boeken, waaronder 'Crisis in de rechtsstaat' en 'De Beslissing'. Britta Böhler is bijzonder hoogleraar advocatuur aan de Universiteit van Amsterdam.