Recensie

Filmische evenknie van een sterk, afwisselend popalbum

‘Sing Street’ speelt zich af in 1985, met massale jeugdwerkloosheid, nog massaler getoupeerd haar en gigantische schoudervullingen. De film biedt prettig pretentieloos vermaak. ●●●●

Regisseur John Carney weet als geen ander het plezier van muziek maken en het schrijven van liedjes te vertalen naar aanstekelijke films. In het bitterzoete Once, zijn doorbraak, gaat een Ierse straatmuzikant in Dublin samenwerken met een Tsjechische singer-songwriter op wie hij vervolgens verliefd wordt.

Begin Again, met Keira Knightley als zangeres en Mark Ruffalo als producer, bleek ook charmant, met live op New Yorkse straten opgenomen muziek. Met het semi-autobiografische Sing Street, zijn nieuwste, keert Carney terug naar Dublin.

Lees verder na de video.

Kleurrijke optredens

Het verhaal speelt zich af in 1985, met massale jeugdwerkloosheid, nog massaler getoupeerd haar en gigantische schoudervullingen. Een somber tijdperk waarin de dreiging van een atoomoorlog alomtegenwoordig is. Gelukkig brengen de kleurrijke optredens in Top of the Pops en New Romantics-videoclips op de nieuwe muziekzender MTV verlichting in het leven van de gevoelige tiener Conor en zijn besluiteloze broer Brendan. Om indruk te maken op het meisje Raphina, een fotomodel, begint hij met medescholieren een bandje.

Net als de hoofdpersonen in zijn eerdere films, horen we aan de liedjes die Conor schrijft hoe het met hem gaat. Zijn op en neer gaande gevoelens voor Raphina (‘The Riddle of the Model’), maar ook over zijn scheidende ouders, verwerkt hij via muziek. Het ene moment wil hij de nieuwe Simon Le Bon zijn, de blonde zanger van Duran Duran, het andere moment heeft hij het zwarte piekhaar en de lange jas met opgerolde mouwen van Robert Smith, de neerslachtige frontman van The Cure.

Sing Street biedt prettig pretentieloos vermaak, met pakkende, afwisselende liedjes: het filmische equivalent van een sterk popalbum.