‘Van Goghs schetsboek lag tussen de kasboeken’

In Parijs is dinsdag een onbekend schetsboek van Vincent van Gogh gepresenteerd. „Imitatie”, oordeelt het Van Gogh Museum. De ontdekker, Bogomila Welsh-Ovcharov, is niet onder de indruk. „De expertise van het museum vertoont echt gebreken.”

Bogomila Welsh-Ovcharov Foto Merlijn Doomernik

Wonderen bestaan! Bogomila Welsh-Ovcharov zegt het in een uur tijd tweemaal. De Canadese kunsthistoricus was zondag in Amsterdam ter promotie van haar boek over Vincent van Gogh, dat dinsdagmiddag in Parijs in vier talen is verschenen.

Welsh, oud-hoogleraar aan de Universiteit van Toronto en auteur van diverse studies over Van Gogh, presenteert daarin een onbekend schetsboek van de Nederlandse schilder. Een groot formaat album met 65 tekeningen, een sensationele vondst die niet door iedereen onmiddellijk is geaccepteerd.

Voor het eerst tijdens haar internationale promotietour is Welsh zenuwachtig. Nederlandse journalisten, heeft ze vooraf tegen haar Nederlandse uitgever gezegd, zijn vaak zo sceptisch en direct.

Het gesprek vindt plaats in de bibliotheek van het Ambassade Hotel in Amsterdam. Aan een belendend tafeltje zit haar partner, die het gesprek zwijgend volgt.

Het schetsboek is al sinds 1944 in bezit van een anonieme familie. Waarom heeft het zo lang geduurd voordat het aan een wetenschapper is getoond?

„De familie wist niet wat ze in handen had. En verder is het toeval. Een buurman adviseerde om het schetsboek aan een deskundige voor te leggen. Dat was Franck Baille, oprichter van een veilinghuis in Monaco. Hij nam drie jaar geleden contact met mij op en liet me een tekening van een cipres zien. Ik geloofde mijn ogen niet: een Van Gogh, een onbekende tekening van een van de grootste moderne kunstenaars. Toen ik hoorde dat ze uit een schetsboek met 65 tekeningen kwam, snakte ik naar adem.”

Heeft u de eigenaar van het album ontmoet?

„Ja, een heel eenvoudige vrouw. Ze heeft de tekeningen deels ook gewoon uit het album gescheurd.”

Het schetsboek is meer dan 120 jaar niet herkend als een belangrijk kunstwerk. Hoe kan dat?

„Niet alles in het leven is te verklaren. Met allerlei andere papieren lag het schetsboek te verstoffen in een opslag van het Café de la Gare in Arles, waar Van Gogh een kamer huurde. De moeder van de eigenaresse heeft die papieren in 1944 gered uit een gebombardeerd pand achter het café. Later, na een overstroming in Arles, zijn helaas veel van die documenten weggegooid.”

De café-eigenaren, Marie en Joseph Ginoux, bezaten vijftien schilderijen van Van Gogh. Die verkochten ze aan handelaren die na de dood van Van Gogh op snuffeltocht langskwamen. In een overgeleverde brief vertelt een van die handelaren dat Joseph Ginoux geen tekeningen van Van Gogh had.

„Ginoux wist niet dat hij het album bezat. Uit een eveneens teruggevonden notitieboekje van een medewerker weten we dat dokter Rey [de arts die Van Gogh behandelde nadat hij zijn linkeroor had afgesneden] het schetsboek namens Van Gogh op 20 mei 1890 heeft afgegeven in het café. De eigenaren waren op dat moment ziek. Marie Ginoux had last van de pre-menopauze en Joseph was bij een traditioneel feest in Arles door een jonge stier op de hoorns genomen.

„Ik vermoed dat het schetsboek, een ongelinieerd kasboek, door de cafémedewerker in een kast is gezet, bij de andere kasboeken. Het heeft lang een sluimerend bestaan geleid.”

Dokter Rey bracht niet alleen het schetsboek naar het café, maar ook lege olijfdozen en een pak geruite theedoeken. Van Gogh heeft in een brief vanuit de kliniek Marie Ginoux bedankt voor de olijven die zij hem stuurde. Is er ook een verklaring voor de theedoeken?

„Nee. Behalve dat Van Gogh een eerlijke man was. Het waren zijn spullen niet, dus toen hij terugging naar Parijs wilde hij ze terugbezorgen. In het schetsboek staan portretschetsen van Marie en Joseph. Misschien vond hij het een passend afscheidscadeau.”

Van Gogh-expert Ronald Pickvance schreef een enthousiast voorwoord bij uw boek. Heeft u het schetsboek ook aan andere Van Gogh-experts getoond?

„Nee. Dat vond ik niet passend. Aan Ronald had ik een fijne metgezel, samen hebben we bijna honderd jaar onderzoek naar Van Gogh gedaan. Onze expertise staat als een huis. Drie jaar geleden ben ik wel met tien tekeningen uit het schetsboek naar het Van Gogh Museum geweest.”

En?

„Nul commentaar. Heel teleurstellend en frustrerend. Ik had gerekend op een collegiale reactie, een discussie, dat leek me normaal.”

Wat voor reactie van het museum verwacht u op uw boek?

„Het museum heeft vorige week vier exemplaren gekregen. Ik verwacht een negatieve reactie.”

Is het museum niet dé autoriteit?

„Ik wil het museum niet openlijk aanvallen, maar hun expertise vertoont echt gebreken. Het museum beoordeelt echtheidsaanvragen in eerste instantie alleen op foto. Van de tweehonderd aanvragen voor een authenticatie ziet het museum jaarlijks misschien maar vijf kunstwerken in het echt.

„Mag ik een voorbeeld geven hoe het daar gaat? In 1991 heeft het museum gekeken naar het schilderij Zonsondergang bij Montmajour. Geen echte Van Gogh, luidde het oordeel. In 2013 presenteerde het museum het schilderij opeens als een sensationele ontdekking.

„Ik heb in mijn leven veel zogenaamde Van Goghs gezien. Lang voordat het Van Gogh Museum met authenticeren begon, kwamen eigenaren van schilderijen naar deskundigen als Ronald en mij. Nu heeft het museum opeens het laatste woord. Is dat terecht? De wereld is groot, er zijn meer autoriteiten.”

Wat betreft techniek en kwaliteit wijken de tekeningen in het schetsboek duidelijk af van de bekende tekeningen uit dezelfde periode.

„Van Gogh maakte tekeningen voor verschillende doeleinden. Het gaat in dit schetsboek niet altijd om uitgewerkte composities voor schilderijen. Dit schetsboek was alleen voor zijn eigen ogen bestemd. Daarin legde hij snel vast wat hij zag, om het later uit te kunnen werken.

„Je moet dus niet met de bekende tekeningen in je hoofd dit album beoordelen. Van Gogh doet iets anders hier.”

Wat gaat er met de tekeningen gebeuren?

„Geen idee. De eigenaresse beseft nu pas wat ze bezit, ze is in shock. Ik hoop dat er snel een tentoonstelling komt. De onderliggende krijttekeningen, de stroken van de rietpen, je moet ze in het echt zien.”

Wat leert dit schetsboek ons over Van Gogh?

„Dat hij direct na zijn mentale ineenstorting snel weer is gaan tekenen. Ook weten we meer over zijn werkproces. In het schetsboek staan veel ‘eerste gedachten’. Je ziet hem nadenken over composities. Ook blijkt dat Ronald Pickvance altijd gelijk heeft gehad met zijn veronderstelling dat er een schetsboek uit de Provence moest zijn.”

Voor de oorlog zeiden diverse deskundigen: ‘Waar zijn de vroege schilderijen van Johannes Vermeer.’

„Ja, en toen kwam Han van Meegeren met zijn vroege Vermeers. Maar die schilderijen waren zo ongeloofwaardig, Van Meegerens ego zie je overal doorheen. Dit schetsboek is anders. Als je echt de tijd neemt…”

Welsh pakt haar boek: „Kijk eens naar deze stralende zon, naar deze luchten … zijn ze niet geweldig? Deze schetsen zijn in the heat of the moment gemaakt. Maar niet minder geniaal dan zijn meer uitgewerkte tekeningen.”

De laatste tijd zijn diverse kunsthistorici en handelaren van naam slachtoffer geworden van vervalsingen. Bent u niet bang dat…

Haastig: „Nee, ik ben niet bang. Misschien wordt mijn vondst niet door iedereen meteen geaccepteerd. Dat kan. Maar over enige tijd zal dat veranderen, daar ben ik van overtuigd. Het zal sommige kenners moeite kosten om de tijd terug te spoelen en onbevangen naar deze tekeningen te kijken. Met Ronald Pickvance heb ik eindeloos naar het schetsboek gekeken. Dan vroeg ik aan hem: ‘Ronald, zijn wij nou gek dat we dit als werk van Van Gogh zien?’ En dan zei Ronald: ‘Nee, Bogomila, als de wereld deze tekeningen niet accepteert, dan is de wereld gek.’”

U kunt niet meer doen dan u heeft gedaan?

„Zo is het. En ik heb niet alleen mijn connaisseurschap ingebracht. Op wetenschappelijke wijze is de herkomst beschreven, er is technisch onderzoek gedaan en ik heb de tekeningen geduid. Meer kan ik niet doen. Wonderen bestaan!”