Dansgroepen strijden om bestaan

LeineRoebana dreigt bijna een half miljoen euro subsidie te verliezen. Ook andere dansgezelschappen strijden tegen subsidiekorting.

Scènefoto van de voorstelling Snow in June door LeineRoebana. Foto Deen van Meer

Het was een jubileum met een zwart randje. Dit weekend vierde dansgezelschap LeineRoebana het 25-jarig jubileum in de Stadsschouwburg in de wetenschap dat per 1 januari een einde kan komen aan hun subsidie van het Fonds Podiumkunsten. Al in augustus kreeg LeineRoebana een negatief advies. Het wachten is op een oordeel van de Bezwaarcommissie van het FPK op hun 35 pagina’s tellende bezwaarschrift.

Ook gezelschappen die een positieve beoordeling, maar geen geld kregen toegewezen (de zogenoemde categorie B, waaronder dansproductiehuis Korzo en de jeugddansgroepen Danstheater Aya, DOX en Maas Theater en Dans) leven tussen hoop en vrees. Bij een aantal lopen de ontslagprocedures al en ligt de planning stil. Namens die gezelschappen bieden de NAPK (Nationale Associatie Podiumkunsten) en belangenorganisatie Kunsten ’92 vandaag een petitie aan met meer dan 10.000 handtekeningen aan de vaste commissie Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Het is een oproep om de bewezen kwaliteit van deze groepen (voorlopig) te behouden.

Op 21 november debatteert de Tweede Kamer over de cultuurbegroting en een mogelijke verhoging van het budget. Met (minimaal) 9,5 miljoen euro, bovenop de 10 miljoen die al zijn toegezegd voor festivals, zouden alle categorie-B gezelschappen (ook toneel en muziek) kunnen doorwerken.

Negatief advies

LeineRoebana kregen een negatief advies (categorie C). Zij verliezen 448.000 euro van het FPK en houden vooralsnog alleen de subsidie over van Amsterdam (160.000 euro) en Breda, de tweede thuisstad, die in december besluit of de subsidie van 80.000 naar 150.000 euro gaat. In het bezwaarschrift vecht het gezelschap het FPK-advies aan op zowel cijfermatige als inhoudelijke gronden. „Onze eigen-inkomstenquote bijvoorbeeld is, anders dan het Fonds suggereert, niet slechter dan die van vergelijkbare gezelschappen”, zegt Andrea Leine. „De commissie heeft daarnaast weinig voorstellingen bezocht en lijkt onze expliciete oriëntatie op dans met live muziek te negeren.”

„Het zure is”, vervolgt Leine, „dat we door het negatieve advies van het FPK nu ook het geld dreigen te verliezen van de provincie Noord-Brabant. Die is zeer positief en wil ons graag voor de regio behouden. Maar de toekenning van de provincie is gekoppeld aan het advies van het FPK. Dat zit helemaal dichtgetimmerd.”

Trailer van de voorstelling LIGHT van LeineRoebana. Lees verder na de video.

En zo, zegt Leo Spreksel, artistiek directeur van het Haagse productiehuis Korzo (ook categorie B, wat hier een verlies van 175.000 euro betekent), bepaalt het FPK een groot deel van het dansaanbod in Nederland, niet alleen door middel van de eigen adviezen maar ook via dit zogeheten ‘matchingsysteem’. “Dat geeft het Fonds een soort monopoliepositie; lagere overheden kunnen zo geen eigen beleid uitvoeren.” Een en ander kan tot gevolg hebben dat het dansaanbod in sommige regio’s vrijwel verdwijnt.

Van twaalf naar vijf producties

Bij een productiehuis als Korzo blijft aanmerkelijk minder geld over voor onafhankelijk beleid. Spreksel: „Van twaalf producties zullen we naar hooguit vijf terug moeten. Daarnaast kunnen we vrijwel alleen nog jonge dansmakers begeleiden die zelf geld meebrengen. En dat zijn projectsubsidies van het Fonds.”

Van subsidiënt ontwikkelt het Fonds zich zo min of meer tot landelijk programmeur. Of de politiek zich volgende week over deze kwestie zal uitspreken is onzeker; in het algemeen is men terughoudend ten opzichte van de autonomie van het FPK. Het NAPK, Kunsten ’92 en de ruim tienduizend ondertekenaars van de petitie zien echter ook in de stelselwijziging die voor 2020 is voorzien een zwaarwegend argument om aan te dringen op voortzetting – in elk geval tot 2020 – van de subsidies van “producenten met decennialange expertise, ervaring en uitgebreide netwerken.”