Plotseling heerst Kramer ook op de mijl

Schaatsen

Sven Kramer won bij de wereldbekerwedstrijd in Harbin voor het eerst sinds 2008 de 1.500 meter.

Ook zonder naar de uitslag te kijken, zag iedereen in de goed gevulde ijshal Heilongjiang van het Chinese Harbin in één oogopslag wie de beste was op de 1.500 meter. De macht waarmee Sven Kramer, soeverein glijdend met twee handen op de rug, al bij het ingaan van een binnenbocht zijn Belgische tegenstander Bart Swings ‘op at’. Het triomfantelijk priemende wijsvingertje na de finish richting het publiek, gecombineerd met de blik van de ongenaakbare heerser. Al twaalf jaar een vertrouwd beeld op lange afstanden of allroundtoernooien. Maar nu ook op het koningsnummer. Eindelijk.

De winst van Kramer op de schaatsmijl bij de eerste wereldbekerwedstrijden van het nieuwe seizoen was ook als rijtje kale cijfers indrukwekkend. De winnaar van de vijf kilometer (vrijdag) en de ploegachtervolging (zaterdag) opende op de eerste 300 meter als een van de snelsten: 24,1 seconden. Daarop volgden twee rondjes met minimaal verval (26,6 en 27,7), plus de snelste slotronde van iedereen (28,2). In een baanrecord van 1.46,79 versloeg hij regerend wereldkampioen Denis Joeskov (1.47,46) en nummer drie Bart Swings (1.47,54) met een ruime marge. „Ik ben hier heel blij mee”, jubelde Kramer meteen na afloop voor de camera’s van de NOS.

Zilveren uitschieter

Op zijn dertigste lijkt de kopman van Lotto-Jumbo eindelijk ook grip te hebben gekregen op de 1.500 meter. Pas twee keer eerder won hij op deze afstand in wereldbekerverband, in Heerenveen in 2007 en in Berlijn in 2008. Er was een zilveren uitschieter bij de WK afstanden in Nagano 2008, er waren fraaie gevechten met toppers op de mijl als de Italiaan Enrico Fabris of de Noor Havard Bokko bij allroundtoernooien. Maar sinds 2010 reed Kramer zelden nog een 1.500 meter die hem zelf tot tevredenheid stemde. Zie hem dat jaar bij het EK in Hamar mismoedig het hoofd schudden naar vader Yep op de tribune: ‘weer niet’. Zoals hij dit jaar in oktober in het Duitse Inzell nog baalde na een in eigen ogen ondermaatse trainingsrace.

Tot Kramer twee weken geleden bij de seizoensopening om de KNSB Cup ‘zomaar ineens’ naast de vijf en tien kilometer ook de 1.500 meter won. Op superieure wijze bovendien. Nee, hij had zich er niet speciaal op gericht, sprak hij in Groningen. „Misschien moet je het loslaten en komt het dan juist naar je toe.” Ook in Harbin, na zijn tweede winst op de mijl van dit seizoen, noemde hij ‘ontspanning’ als het geheim van zijn plotselinge succes. „Voor een schaatser van mijn niveau was het soms best frustrerend dat mijn 1.500 meter een beetje achterbleef bij de rest. Maar ik heb geleerd om me er nu niet meer zo druk over te maken.”

Toch blijft hij ambitieus om ook op het koningsnummer te heersen als de groten: Ard Schenk, Eric Heiden, Johann Olav Koss. In de herfst van zijn carrière heeft Kramer er nog een aanpassing van zijn techniek voor over. Net als Martiná Sáblíková bij de vrouwen rijdt hij de mijl sinds dit seizoen grotendeels met twee handen op de rug, waardoor hij zijn macht zichtbaar beter kwijt kan op het ijs. „Het geeft meer rust om met mijn handen op mijn rug te schaatsen en het is ook zeker efficiënter”, legde hij na afloop uit in Harbin. „Ik open nu iets relaxter en rijd dan vanuit mijn kracht drie goede ronden.”

In zijn derde seizoen onder coach Jac Orie, die al goud won met middenafstandspecialisten Mark Tuitert en Stefan Groothuis, lijkt Kramer in zijn trainingen een optimum te hebben gevonden tussen kracht en uithoudingsvermogen. Sinds zijn beginjaren was hij niet meer zo dominant bij de start van het seizoen. Ook uit de resultaten van zijn ploeggenoten blijkt hoe hoog het trainingsniveau van de kopman van Lotto-Jumbo is. De 20-jarige Patrick Roest eindigde als vierde op de 1.500 meter (1.47,92), Kjeld Nuis (1.47,38) en Douwe de Vries (1.48,50) werden eerste en tweede in de B-groep.

„Je kunt niet alle ballen in de lucht houden”, antwoordde Kramer bij de KNSB Cup op de vraag of hij zich voor de Winterspelen van 2018 nu serieus gaat richten op de 1.500 meter. Natuurlijk, hij wil al goud op de vijf en tien kilometer en de ploegachtervolging. Maar als Schenk, Heiden of Koss de 1.500 meter konden winnen, waarom Kramer dan niet?