De bossen van de zee doen het nog goed

Ecologie

Het gaat verrassend goed met kelpwouden, een soortenrijk ecosysteem in zee. Dat blijkt uit een wereldwijde inventarisatie.

De wereldwijde toestand van kelpwouden, de uitgestrekte onderzeese ‘bossen’ van bruinwieren, is beter dan gedacht. Dat blijkt uit een eerste mondiale inventarisatie van deze vaak soortenrijke ecosystemen.

De analyse is maandag gepubliceerd in het tijdschrift PNAS, en werd uitgevoerd door een internationale groep van 37 ecologen. Aanleiding voor hun onderzoek waren alarmerende berichten over de achteruitgang van kelpwouden in verschillende delen van de wereld.

Kelpwouden komen voor in voedselrijke kustwateren met een gematigd of koel zeeklimaat. Het kelp bestaat uit diverse soorten bruinwieren die zich vasthechten op de vaak rotsachtige bodem en snel groeien, vaak tientallen meters hoog. Het kelpwoud biedt beschutting en voedsel aan allerlei soorten vissen en andere dieren. De laatste decennia is her en der gezien dat wouden plaatsmaken voor kale vlaktes vol zee-egels, of eenvormige tapijten van turfalgen.

Maar die veranderingen doen zich niet wereldwijd voor, zo blijkt uit de inventarisatie. In ruim eenderde van de onderzochte gebieden is inderdaad sprake van achteruitgang. Maar in ruim een kwart zagen de ecologen juist vooruitgang. En in de overige gebieden vonden geen noemenswaardige veranderingen plaats. Van verandering was sprake als ofwel de biomassa van het kelp in een bepaald gebied veranderde, of de dichtheid van de wieren. „We waren verrast om nog zo veel relatief gezond kelp te zien”, zegt zeebioloog Kira Krumhansl van de Simon Fraser University in Burnaby (Canada), tevens eerste auteur van het artikel.

Uit hun onderzoek blijkt dat er niet één wereldwijde factor is die de veranderingen stuurt, zoals klimaatverandering. Het gaat om een complex aan lokale factoren, die tot een grote variatie aan waargenomen veranderingen leidt. Zo kan het dat voor de kust van Spanje een verbetering (een grotere dichtheid van kelp) is gemeten, terwijl in het nabijgelegen Noordzeegebied sprake is van lichte achteruitgang.

Soms waren de veranderingen ook onverwacht, zoals voor de kust van Noord- en Midden-Chili. Daar is een trend van afkoelend zeewater waargenomen, wat gunstig is voor kelp. Toch namen de kelpwouden er af. Oorzaak blijkt het grootschalig oogsten van kelp, voor allerlei toepassingen, zoals meststof, voedselingrediënt en onderdeel van cosmetische producten.

Onderzoek aan kelpwouden heeft belangrijke inzichten geleverd in de werking van voedselpiramides, en de complexe invloed van soorten op elkaar. Bekend is de relatie tussen zeeotters, kelp en zee-egels. Zeeotters eten graag zee-egels, die op hun beurt kelp grazen. Zijn er voldoende zeeotters, dan worden er veel zee-egels gegeten en groeit het kelp. Verdwijnen zeeotters dan krijgen zee-egels meer kans, en komt het kelp onder druk te staan, waardoor ook andere soorten het moeilijk krijgen. In sommige gebieden wordt de rol van de otters vervuld door kreeften of roofvissen.

Ondanks de veelheid aan data die nodig waren voor deze eerste wereldwijde inventarisatie, benadrukken de onderzoekers de beperkingen van beschikbare gegevens. Zo hebben ze slechts 34 kustregio’s onderzocht van de 99 waarvan bekend is dat er kelpwouden voorkomen. Vaak is er niet meer dan twintig jaar achter elkaar gemeten. Langere tijdreeksen zouden een beter beeld geven, aldus de onderzoekers.