Commentaar

Dubbele Europese opdracht na dubbele dreun uit Amerika

De Amerikaanse kiezer heeft gesproken en een onzeker Europa vraagt zich bezorgd af: what’s next? Wat staat Europa te wachten nu huisvriend Amerika opeens een wel heel andere toon aanslaat?

Dinsdag raakte een weifelend en toch al overvraagd Europa nóg een zekerheid kwijt. De onvoorwaardelijke steun van wereldmacht VS, betrouwbaar partner sinds zeventig jaar, staat ter discussie. Voor Europa was de verkiezing van Donald Trump zelfs een double whammy: Trump wil een ander buitenlands beleid, tegelijk is zijn overwinning een opsteker voor populisten die internationale oriëntatie willen inruilen tegen nationaal belang.

Het oude continent had vóór 8 november eigenlijk al genoeg problemen. Vluchtelingencrisis en aanslagen door moslimextremisten ondermijnden het zelfvertrouwen. Een in heel Europa groeiende beweging zet vraagtekens bij open grenzen, Europese samenwerking en internationale handelsverdragen. Eén land, en niet het geringste, ligt met de EU in een pijnlijke scheiding.

De interne Europese crisis valt samen én hangt samen met een vijandige buitenwereld. Een assertief Rusland jaagt staten aan de oostrand van de Unie de stuipen op het lijf. In Turkije zuivert president Erdogan de democratie systematisch van oppositie-geluiden en zet zo de samenwerking met Europa onder druk. Verderop staan Syrië en Irak in brand.

Hoe de dubbele dreun van de Amerikaanse kiezer precies zal uitpakken is niet te zeggen. De kracht van het populisme zal blijken bij de talloze referenda en verkiezingen die de komende maanden in Europa op de rol staan, Trumps nieuwe koers zal scherpere contouren krijgen met de keuze van sleutelfiguren voor zijn regering. Maar duidelijk is één ding: Europa moet volwassen worden.

Europa kan niet langer de junior partner in een transatlantisch verband spelen. De relatie met de VS verliep weliswaar niet altijd soepel – de Irakoorlog dreef een wig in de alliantie – maar Europa wist: in geval van nood zijn de VS nabij. Zo simpel is het niet meer.

Een concrete test van de nieuwe verhoudingen wordt de Europese bijdrage aan de NAVO-begroting. Talloze Amerikaanse presidenten hebben het rijke Europa aangespoord om meer voor de eigen defensie te betalen, maar lieten Europa vervolgens wegkomen met smoesjes. Trump lijkt dat dat niet meer te pikken, en eigenlijk heeft hij daar gelijk in.

Maar met extra geld voor de NAVO is Europa er niet. Trump praat over wereldpolitiek als een permanent onderhandelingsspel waarin het VS-belang voorop staat. Als Trump wil onderhandelen, moet Europa snel zijn onderhandelingspositie verbeteren.

Daar zijn methodes voor. Europa staat sterker als het met één stem spreekt – ook al valt dat nog zo zwaar. Europa staat sterker als het op zoek gaat naar andere machtige partners, bijvoorbeeld in Azië. Europa staat ook sterker als het werk maakt van het al bestaande Frans-Duitse plan om de defensiesamenwerking fors uit te breiden. Eén mogelijk antwoord op de nieuwe werkelijkheid is dus méér samenwerking, maar de vraag is hoe dat moet als aversie tegen samenwerking óók deel is van de nieuwe werkelijkheid.

Verschuivingen in transatlantische verhoudingen raken heel Europa, maar één land in het bijzonder: Duitsland. Een hechte band met de VS is lang opgevat als een bestaansvoorwaarde voor het moderne Duitsland. Ook dat was een onderdeel van die naoorlogse ‘Amerikaanse’ orde. Duitsland is tevens het machtigste land in Europa. Het ligt dus voor de hand dat Berlijn het voortouw neemt in de zoektocht naar nieuwe verhoudingen in het tijdperk-Trump.