Schipperen met democratie op de Balkan

Toenadering EU en zuiderburen

De EU heeft het moeilijk met de buren in Zuidoost-Europa. Moldavië lonkt naar Rusland, in andere landen is het slecht gesteld met de democratie.

Een Foto Georgi Licovski/EPA

Igor Dodon (41) speelt geen verstoppertje. Gevraagd door een journaliste van The Daily Beast wat voor type leider hij wil zijn, antwoordde de favoriet van de Moldavische presidentsverkiezingen van aanstaande zondag: „een dictatoriale leider, net als Poetin.”

Indien Dodon het zondag haalt in de tweede, beslissende ronde, belooft hij zich in te spannen om het kleine Moldavië, ingeklemd tussen Roemenië en Oekraïne, te veranderen in een loyale Russische bondgenoot. Het associatieverdrag dat zijn land in 2014 tekende met de Europese Unie, wil hij via een referendum inruilen voor lidmaatschap van de Euraziatische Unie, een alliantie van Sovjet-republieken onder auspiciën van Rusland.

Dodon is niet de enige politicus in de regio die flirt met Rusland. Van de landen bij de Zwarte Zee tot post-Joegoslavische staten zoals Montenegro en Servië: in verkiezingstijd berichten internationale media onvermoeibaar over spanningen tussen pro-westerse en pro-Russische tendenzen.

Niet geheel onterecht. De Russische pogingen om kwetsbare landjes van het pad richting EU- en NAVO-lidmaatschap af te brengen zijn echt. De instrumenten gaan van energiepolitiek tot desinformatiecampagnes op internet en televisie.

Maar de onderliggende reden voor de steun aan pro-Russische partijen ligt vaak elders: als bestuurders brengen pro-Europese kabinetten het er vaak belabberd vanaf. Hun oppositie hoeft alleen maar te teren op hun diep corrupte imago.

Ingepalmde staat Moldavië

Moldavië heeft vanouds genoeg problemen. Niemand weet hoe het verder moet met de in het begin van de jaren negentig afgescheiden, pro-Russische provincie Transnistrië. Bovendien behoort het land tot de armste van Europa.

Tientallen miljoenen trok de EU sinds 2010 uit voor Moldavië, maar vandaag zijn Europese rapporten vernietigend over de staat van de democratie. Thorbjørn Jagland, secretaris-generaal van de Raad van Europa, omschreef het land als een door oligarchen „ingepalmde staat”.

In dat extreme klimaat gingen de meeste stemmen in de eerste verkiezingsronde eind afgelopen maand niet naar de pro-Europese anti-corruptiestrijdster Maia Sandu, maar naar Poetin-aanhanger Dodon.

Ingepalmde staat Montenegro

‘Ingepalmde staat’ is ook de term die kritische ngo’s gebruiken voor Montenegro. Die ministaat aan de Adriatische Zee onderhandelt sinds 2012 met de EU over troetreding. Uittredend premier Milo Djukanovic, een ex-communist, schildert zichzelf af als pro-westers. Critici zien een opportunistische autocraat die zijn vrienden verrijkt en banden onderhoudt met de georganiseerde misdaad.

‘Pro-NAVO-tiran’ Djukanovic, aldus pro-Russische media, grijpt de kritiek op hem aan om de hele oppositie te brandmerken als vijfde kolonne van het Kremlin. Eind oktober won zijn Democratische Partij van Socialisten opnieuw de presidentsverkiezingen.

Volgens voortgangsrapporten die de Europese Commissie deze week uitbracht over uitbreiding in Zuidoost-Europa, wordt in „de meeste landen vooruitgang geboekt” bij hervormingen, maar gebeurt dat met „verschillende snelheden”. Voorlopig lijkt de verstandhouding tussen de EU en haar fragiele buurstaten vooral neer te komen op de formule: stabiliteit en de belofte van hervormingen in ruil voor Europees geld en een vergezicht op mogelijke EU-toetreding.

Servië en Macedonië

In Servië, dat sinds 2014 praat met de EU, buigt premier Aleksandar Vucic de traditioneel pro-Russische koers langzaam om richting westen. De EU heeft kritiek op de politieke mediacontrole en intimidatie van critici – voorlopig zonder gevolg.

In buurland Macedonië, ook EU-kandidaat, loopt een onderzoek naar vrijwel de hele top van regeringspartij VMRO-DPMNE wegens het afluisteren van politici en journalisten, verkiezingsfraude en het toedekken van moord. Toch was Europese en Amerikaanse druk niet genoeg om de spil in het schandaal, ex-premier Nikola Gruevski, van het politieke toneel te doen stappen.

Een geldverslindend prestigeproject om het stadscentrum van Skopje in neogotische kitschstijl te herbouwen, gaat gewoon door in de aanloop naar de parlementsverkiezingen in december. Het zorgt voor cynisme onder de bevolking. De afgelopen twee jaar gingen duizenden verschillende keren de straat op. Maar pogingen van pro-Russische media faalden om dat verzet in een kwaad daglicht te stellen. Als antwoord op de verdachtmakingen besmeurden demonstranten de protserige overheidsgebouwen met verfkogels. Boodschap: hier is geen sprake van een gewelddadige pro- of anti-Russische revolutie, maar van een kleurrijk protest.