Nederlanders hebben het vaak over intensief telefoongebruik

De gesprekken over het gebruik van de telefoon worden vooral gevoerd met de partner. Dat blijkt uit donderdag verschenen onderzoek van Deloitte.

Een fietser gebruikt zijn mobiele telefoon op de fiets op het Nijmeegse Keizer Karelplein. Foto Vincent Jannink/ANP

Onderzoek van Deloitte laat zien dat bijna eenderde van de Nederlanders weleens een discussie heeft gehad over het intensieve gebruik van hun telefoon. Deze discussies worden meestal gevoerd met de partner (24 procent). Verder voert 14 procent discussies over hun telefoongedrag met ouders en 12 procent met vrienden of huisgenoten. 8 procent van de mensen die discussies voeren over hun smartphone werd door hun kinderen aangesproken op hun telefoongebruik.

Telefoongebruik in de nacht
Dat Nederlanders hun telefoon inderdaad intensief gebruiken, blijkt ook uit het onderzoek. Van de jongeren checkt ruim de helft zijn mobiel als ze eigenlijk willen slapen en 15 procent van deze groep beantwoordt zelfs ’s nachts berichtjes. Gemiddeld verstoort 33 procent van de respondenten zijn nachtrust met de smartphone. Naast berichtjes beantwoorden is ’s nachts het checken van de tijd, het lezen van het nieuws en het bekijken van sociale media populair; 65 procent van de respondenten gebruikt zijn telefoon ook onder het tv-kijken en 37 procent wanneer ze aan het eten zijn met hun familie.

Mobiel bankieren
Als Nederlanders dan op hun mobiel zitten, dan gaan ze ook relatief vaak online bankieren. Van de onderzochte landen zijn alleen de Zweden actiever met online bankieren. Daar gebruikt 55 procent een app om online te bankieren. In Nederland is dit 53 procent. Deze mensen gebruiken de app vooral om hun saldo te checken. Daarnaast maakt 43 procent van de smartphonegebruikers ook daadwerkelijk geld over met hun mobiel.

Minder bellen
Het Deloitte-onderzoek laat ook zien dat er voor het eerst minder wordt gebeld. Vorig jaar gaf 80 procent van de ondervraagden aan dat ze in de voorgaande week hadden gebeld. Dit jaar was dat slechts 70 procent en is voor het eerst het sturen van berichten via apps als WhatsApp en Facebook Messenger populairder dan bellen. Dit heeft ook effect op de hoeveelheid sms’ers. Nog maar 40 procent van de ondervraagden stuurden in de week voor het onderzoek een sms-bericht. In 2015 was dit nog 60 procent.

Inmiddels maakt 53 procent van de smartphonegebruikers gebruik van snel mobiel internet via 4G. Bijna de helft van de respondenten op het platteland vindt 4G sneller dan hun wifiverbinding thuis. In de stad is dat slechts 36 procent. Gebruikers van 4G zijn ook eerder tevreden over hun provider en zouden die sneller aanraden aan een vriend dan gebruikers van 3G. Toch kiezen Nederlanders hun provider nog steeds vooral op basis van de prijs.