Wat zijn de economische consequenties van Trumps zege?

Foto’s Meg Roussos / Bloomberg

Wat gaat de toekomstige president Trump doen voor de economie? Plannen zat, maar die zijn onuitgewerkt, wild en niet zelden tegenstrijdig. En financiële dekking is er nauwelijks. Geen wonder dat de financiële markten er woensdag geen chocola van konden maken. De verwarring is groot. De verlamming ook. Hier de belangrijkste economische aspecten van Trumps verkiezingszege. Het woord ‘klimaat’ komt er overigens niet in voor.

Handel

Handel is vermoedelijk het grootste slachtoffer van president Trump, tenminste als zijn verkiezingsbeloften gestand worden gedaan. Hij staat afwijzend tegenover Nafta, het handelsverdrag met Canada en Mexico, waarvan hij vindt dat het nauwelijks voordelen maar wel veel nadelen heeft gebracht – vooral in de vorm van een verlies aan werkgelegenheid. TPP, het nieuwe handels- en investeringsverdrag met Aziatische landen (uitgezonderd China) kan alsnog sneuvelen en de kansen van TTIP, een soortgelijk verdrag met de EU dat in de steigers staat, lijken verkeken. China en Mexico moeten vrezen voor hogere Amerikaanse invoertarieven.

Globalisering was voor de Trump-campagne een ontwikkeling die vooral de elite bevoordeelde, ten koste van de Amerikaanse werknemer. Een stop op dit proces zou een trend versterken die toch al aan de gang is: de wereldhandel groeit dit jaar niet langer sneller dan de groei van de wereldeconomie. Dat gebeurde sinds 1990 alleen in de recessiejaren 2001 en 2009. Het is mogelijk dat de oorzaak hiervan ligt in veranderende internationale productieketens en robotisering die het rendabeler maakt om dicht bij huis te produceren. Veel economen zien echter ook een opkomend protectionisme als oorzaak van een fenomeen dat door maatregelen van Trump, en tegenmaatregelen van de handelspartners, versterkt zou kunnen worden. De president van de VS heeft overigens een grote persoonlijke beleidsvrijheid bij de handelspolitiek.

Immigratie

Een harder immigratiebeleid behoort tot de kern van het Trump-programma. Met name illegale Mexicanen zouden het land moeten verlaten, of in ieder geval weinig hoop hebben om te worden gelegaliseerd. Keith Wade, topeconoom van Schröders, zei woensdag dat dit beleid onverwachte nadelen kan hebben. Veel goedkope arbeidskracht komt van Latijns-Amerikaanse migranten, van wie een groot deel (zo’n 11 miljoen) niet legaal in de Verenigde Staten verblijft. Zij doen veel laagbetaalde klussen die gewone Amerikanen wellicht niet willen verrichten. Het is de vraag in hoeverre sommige sectoren goed kunnen blijven functioneren als dit leger van goedkope arbeidskrachten wegvalt. Volgens Wade is er een kans dat een krapte in dit deel van de arbeidsmarkt de lonen over een breed front opdrijft. De Amerikaanse lonen stijgen, met 2,8 procent per uur, toch al het snelst sinds 2009, zo bleek vorige week uit de jongste cijfers over de arbeidsmarkt. Hogere lonen sijpelen vroeg of laat door in de inflatie, die dan mee omhooggaat. Wade noemde in dat verband de term ‘stagflatie’, een fenomeen waarbij inflatie en economische stagnatie tegelijk optreden. Dat lijkt ver weg. Maar het is een kwadrant waarin geen enkele beleidsmaker verzeild wil raken.

Belastingen

Lagere inkomstenbelasting voor iedereen, met een toptarief van 35 procent. En een vennootschapsbelasting van nog maar 15 procent. Dat was de inzet van de campagne van Trump. Dat is vriendelijk voor het bedrijfsleven, dat wellicht een deel van het nu buitengaats geparkeerde vermogen naar de Verenigde Staten terug zou halen. Grote bedrijven, met Apple voorop, hebben honderden miljarden dollars op buitenlandse rekeningen omdat zij daar belasting over moeten betalen als zij het geld naar de VS terug zouden sluizen.

De lagere belastingen zouden op korte termijn een flinke economische impuls kunnen geven, maar ze kunnen de inkomensongelijkheid vergroten. Het is juist die groeiende ongelijkheid die de voedingsbodem was voor veel van de maatschappelijke onvrede waar de Trump-campagne juist van heeft geprofiteerd. De belastingplannen slaan bovendien een gat in de begroting. Tenzij er tegelijk fors wordt bezuinigd.

Investeringen

Van concrete bezuinigingsplannen is geen sprake. Of het terugdraaien van Obama ‘affordable care act’ (Obamacare) geld gaat opleveren is onzeker. Integendeel: Trump heeft beloofd om juist grootscheeps te gaan besteden (defensie) en investeren, met name in de Amerikaanse infrastructuur. Met dat laatste voornemen is weinig mis, sterker nog: het is gemeengoed onder economen en internationale organisaties dat landen als de VS dit soort investeringen moeten gaan plegen. Ook het Internationale Monetaire Fonds (IMF) dringt er al een tijd op aan. In Amerika is een flink deel van de infrastructuur nodig toe aan verbetering. Zo’n revitalisering kan bijdragen aan de productiviteit van de Amerikaanse werknemer en de economie. Want het is de achterblijvende productiviteit die de onderliggende oorzaak is van veel van de problemen: de structureel lijkende stagnatie die Amerika, en een groot deel van de andere westerse landen, sinds de Lehman-crisis plaagt.

Het probleem is dat lastenverlaging én een groots investeringsplan tegelijk het gat in de begroting nog groter maken. Op basis van de vage plannen van Trump is becijferd dat de schatkist er tegen de 1.000 miljard dollar per jaar bij in zou schieten. Dat komt neer op een extra begrotingstekort van ruim 5 procent van het bruto binnenlands product per jaar. Dat is bovenop een al verwacht begrotingstekort van rond de 4 procent. Met een staatsschuld die al 108 procent van het bbp bedraagt (IMF-definitie), staan de overheidsfinanciën al flink onder druk.

Dat maakt het buitengewoon onwaarschijnlijk dat Trump beide plannen onverkort zal kunnen uitvoeren. Ook al heeft hij, anders dan Obama, een Congres achter zich waarin zijn partij de meerderheid heeft. De financiële markten mogen tot nu toe mild op zijn verkiezing hebben gereageerd, dat is wel mede omdat analisten, zoals Wade, ervan uitgaan dat slechts een klein deel van alle begrotingsplannen er daadwerkelijk van komt.

De staatsschuld

Een van Trumps wildere uitspraken in de campagne was dat hij beleggers in Amerikaanse staatsleningen een zogenoemde ‘haircut’ zou vragen. Dit gaat niet over het kapsel van de toekomstige Amerikaanse president, maar over de praktijk dat schuldeisers van een onderneming in problemen een deel van die schuld niet terugbetaald zullen krijgen. Zo’n haircut mag in het bedrijfsleven dan normaal zijn, bij Amerikaanse staatsleningen is dit ondenkbaar. Zij behoren tot de veiligste beleggingen ter wereld, en een groot deel van het financiële systeem draait om zulke Amerikaanse treasury bills en bonds. Die mogen niet eens het begin van reputatieverlies oplopen.

Trump slikte zijn uitspraak dan ook meteen in. Dit betekent niet dat de schade beperkt zal blijven. De immigratieplannen én de handelstarieven kunnen leiden tot hogere inflatie, en dat is slecht voor Amerikaanse staatsobligaties. Die dalen dan in koers, waardoor hun effectieve rente oploopt. Een oplopend begrotingstekort is eveneens nadelig, omdat de kredietwaardigheid van de VS eronder zou lijden. En zo’n snel oplopende rente lijkt het beleid te doorkruisen waar de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, mee bezig is.

De centrale bank

Sinds de Lehmancrisis heeft de ‘Fed’ de rente op de geldmarkt op vrijwel nul gezet, en kocht Amerikaanse staatsleningen op om de effectieve rente op dergelijke langlopende leningen eveneens te drukken. De ‘Fed’ is heel behoedzaam bezig die politiek terug te draaien. Dat gaat uiterst langzaam: eind vorig jaar werd de geldmarktrente met een kwart procentpunt verhoogd, maar door alle onzekerheden over de economie werd daar dit jaar geheel van af gezien. Beleggers verwachtten in december wél weer een stapje omhoog, maar zelfs dat is nu onzeker geworden.

De vraag is nu: kan president Janet Yellen van de Fed leven met een wild begrotingsbeleid onder Trump? Tijdens de campagne beschuldigde Trump haar van het bedrijven van politiek door de rente veel te laag te houden, waardoor de Obama-economie er kunstmatig beter uit zou zien. Het is onduidelijk of de betrekkingen tussen de twee kunnen worden gerepareerd, en of Yellen medeverantwoordelijk wil worden gehouden voor Trumps beleid. Indien niet, dan zou ze kunnen opstappen. De voordracht voor een nieuwe voorzitter van de Fed is het recht van de president.

De beurzen

Wat moet je als belegger met zulk uiteenlopend en intern vaak tegenstrijdig beleid? Dat vroegen ze zich woensdag in de dealingrooms ook af. Een economische impuls is goed, een Fed die daarna op de rem gaat staan juist niet. Een sterk oplopend begrotingstekort is gevaarlijk, maar een vennootschapsbelasting van 15 procent is juist weer aantrekkelijk. En hoeveel van Trumps plannen kunnen worden uitgevoerd? Geen idee. Na een aanvankelijke daling in Azië, stonden de Amerikaanse beurzen er woensdag besluiteloos bij, met een winstje van 0,03 procent aan het eind van de middag. Bij zo veel mist rond het beleid, zetten beleggers de auto liever even stil aan de kant van de weg.