Schilder van melancholie en lichtheid

overleden Jan Roeland (1935-2016)

De schilder Jan Roeland behoorde tot de Nederlandse kunsttop, maar zijn werk is hier weinig te zien geweest.

Schilder foto Cherry Duyns

Jan Roeland was hard aan het werk voor een volgende tentoonstelling. Vijf weken geleden maakte de schilder daarover nog afspraken met zijn galeriehouder Martita Slewe. „Jan was al een tijd ziek, maar het werken hield hem op de been.” De expositie komt er, belooft Slewe. Maar wel zonder de kunstenaar, die maandag na een kort ziekbed op 81-jarige leeftijd overleed.

Slewe stelt een tentoonstelling met gestileerde eenden in het vooruitzicht, Roelands favoriete onderwerp van de laatste tien jaar. Daarvoor schilderde Roeland vooral enveloppen, messen, hamers en planten – doeken die balanceren op het snijvlak van figuratie en abstractie.

Roeland, een verwoed vogelaar, bracht de eenden op doek terug tot driehoeken, cirkels en andere basisvormen. Vooral in reproductie doet zijn werk soms denken aan dat van Dick Bruna. Maar oog in oog met zijn doeken verdwijnt die associatie. Vooral door de kleuren en de verfhuid, die zijn doeken tegelijk een zekere melancholie en lichtheid bezorgen. Martita Slewe spreekt van „een tragische schoonheid” en wijst op de verwantschap met de gedichten van K. Schippers.

In een vraaggesprek met NRC zei Roeland tien jaar geleden dat hij vaak maanden aan zo’n eenvoudig ogende compositie zat te pielen: moest de snavel van de eend nog een centimeter naar links, of misschien juist een fractie naar rechts? De compositie mocht beslist niet anekdotisch worden, legde Roeland uit: „De vorm moet interessant zijn, en een intrige bevatten, zodat je er steeds opnieuw naar kunt kijken.”

Dat lukt heel goed, weet Erik Bos uit ervaring. De eigenaar van Nouvelles Images in Den Haag, de andere vaste galerie van Roeland, leeft omringd met werken van Roeland. „Hij is altijd een van mijn favoriete schilders geweest. Ik heb al lang een groot doek van hem aan de muur, Compositie met vier vazen. Altijd als ik naar dat schilderij kijk, gebeurt er iets met me. De eenvoud is bedrieglijk: telkens weer lijkt het alsof de kleuren van binnenuit beginnen te stralen met een diepte waarin het oog zich makkelijk kan verliezen.”

Ook kunstenaar Joris Geurts, een oud-leerling van Roeland, roemt hem. „De voorstelling was voor Jan niet meer dan een kapstok voor zijn spel met vormen en kleuren.” Geurts zocht zijn leraar van de AKI in Enschede vaak op in diens atelier. „Jan was serieus en humoristisch tegelijk. Je kon enorm met hem lachen, maar tegelijk maakte hij je deelgenoot van zijn twijfels over de compositie van zijn schilderijen. Als docent had hij ook geen absolute manier van lesgeven. Hij gaf zijn studenten altijd een scala aan overwegingen.”

Roelands werk is opgenomen in de collecties van onder meer het Stedelijk Museum Amsterdam en het Van Abbemuseum in Eindhoven. Maar in het verleden heeft recensent Janneke Wesseling erop gewezen dat Roelands werk te weinig in Nederlandse musea te zien is geweest. Roeland behoort volgens haar tot de top van de Nederlandse kunst. „Een mooie overzichtstentoonstelling zou op z’n plek zijn”, zegt Joris Geurts.