Prediker van het welvaartsevangelie

Portret Donald J. Trump

Hij erfde het vastgoedimperium van zijn vader en werd in één klap multimiljonair. Vervolgens werd hij op eigen houtje miljardair. Als hij al twijfelt aan zichzelf zal de aanstaande president van de Verenigde Staten dat nooit laten merken.

Foto Damon Winter/The New York Times

Nadat Donald Trump woensdagnacht om drie uur in New York zijn overwinningstoespraak had gehouden, schalde het lied door de speakers dat hem al maanden op zijn campagne begeleidt: You can’t always get what you want van The Rolling Stones. Het is een ironische keuze, gelet op de filosofie die Trump zelf uitdraagt. Trumps geloof in eigen kunnen is onbegrensd. Als hij al twijfelt, zal hij dat niet laten merken.

De aanstaande president van de Verenigde Staten is niet, zoals tegenstanders hem vaak afschilderen, ‘on-Amerikaans’, of een product van het reality tv-tijdperk. Hij is niet zomaar aan komen waaien. Trump verenigt twee eigenschappen in zich die bij veel Amerikanen voorkomen: het sociaal darwinisme waarin alleen de sterkste overleeft en bestaansrecht heeft. En het ‘willen is kunnen’-evangelie, dat christelijke wortels heeft maar ook wordt aangehangen door seculiere Amerikanen.

Jacht op materieel geluk

Donald Trump werd in 1946 in Queens, New York, geboren als vierde kind in het gezin van Fred en Mary Trump. De jacht op materieel geluk kwam veel in zijn vaders familie voor. Zijn opa Friedrich emigreerde uit Duitsland naar de Verenigde Staten in de jaren van de goudkoorts. Niet om goud te zoeken, maar om kroegen en bordelen uit te baten.

Vader Fred Trump bouwde in Donalds jeugdjaren een machtig vastgoedimperium in New York. Ook Fred Trump had oog voor wat de markt vroeg. Hij bouwde goedkope, grootschalige appartementencomplexen voor de lagere middenklasse tijdens de crisisjaren. Hij maakte daarbij handig gebruik van de subsidie die de gemeente aan zulke projecten gaf. De appartementen waren onopvallend maar degelijk.

Niet alleen zakelijk, ook mentaal werd Trump opgevoed door zijn vader. Hij kreeg religieuze vorming in de Marble Collegiate Church op Manhattan, de kerk van zijn ouders. Die kerk werd geleid door de charismatische dominee Norman Vincent Peale, die ook wel bekend staat als de uitvinder van de zelfhulpboekjes. Peale schreef een bestseller die Amerika tot vandaag zou beïnvloeden: The Power of Positive Thinking. Peale betoogde daarin dat willen gelijk staat aan kunnen. De wereld bestaat volgens hem uit winnaars en verliezers, en door jezelf van je grootheid te overtuigen, word je een winnaar.

Er is bijna geen Hollywoodfilm die niet volgens deze theorie werkt. En ook Trump omarmde de theorie, waarmee hij staat in de typisch Amerikaanse traditie van het ‘welvaartsevangelie’: materiële welvaart is een teken van Gods genade.

Toen Donald Trump in 1974 het vastgoedimperium van zijn vader erfde, en meteen multimiljonair werd, gooide hij het zakelijke beleid om. Trump geloofde niet in baksteen. Mensen moeten verleid worden. In zijn boek The Art of the Deal schreef hij dat zijn vastgoed „grootser, glamourachtiger, opwindender” moest worden. Hij bouwde van glas en bladgoud torens, casino’s, resorts en hotels die zijn naam dragen.

De schone schijn telt

De merknaam-Trump moest voor glamour en succes staan. Ook als het zakelijk tegenzat, wat regelmatig gebeurde, telde de schone schijn. Als geen ander laat Trump zich leiden door zijn pr-instincten. Hij ging zijn naam verbinden aan de society-elite van New York. Hij kocht de Miss Universe-verkiezing in de jaren negentig. Hij werd de ster van de realityserie The Apprentice, waarin hij, als God op een troon, oordeelde over het zakelijk vermogen van kandidaten. Vrijwel iedereen werd vernederd, tot de laatste kandidaat overbleef – volledig in stijl met Trumps visie op winnaars en verliezers.

Ook schuurde hij tegen de New Yorkse tabloids aan, die hij voedde met Trump-nieuwtjes, en van wie hij de gewoonte voor kleinerende bijnamen overnam. ‘Crooked Hillary’, ‘Lyin’ Ted’. Het verzinnen van die namen is een ambacht, vertelde Trump eens. „Zo is het belangrijk dat de ‘g’ bij ‘lying’ wegvalt, zodat het lekkerder klinkt.”

In de jaren tachtig ontwikkelde Trump zijn onaantastbaarheid. Zijn beruchte grab them by the pussy-uitspraak spoort met wat hij toen al in talloze interviews had verteld: macht rechtvaardigt morele zelfbeschikking. Hij maakt sindsdien geen geheim van zijn seksisme en racisme. Zo noemde hij de voormalige Miss Universe Alicia Machado uit Venezuela ‘Miss Piggy’ en ‘Miss Housekeeping’, omdat hij haar te dik vond.

Sensatie werd een onderdeel van Trumps persona. Hij kocht eens een hele pagina in New York Daily News om de doodstraf te eisen tegen vijf Afro-Amerikaanse jongens die beschuldigd werden van een verkrachting in Central Park. De jongens bleken later onschuldig. Hij citeerde steeds vaker het onbetrouwbare sensatieblad National Enquirer. En hij bleef dat doen, onder meer toen hij de vader van rivaal Ted Cruz beschuldigde van betrokkenheid bij de moord op John F. Kennedy.

Tabloids en reality-tv

Zijn presidentscampagne bouwde Trump op de elementen die zijn leven vormden: het welvaartsevangelie van de jaren zeventig, de tabloids uit de jaren tachtig, de glamour van de jaren negentig, en de reality-tv van na de eeuwwisseling.

Trump wist zichzelf sinds juni 2015 iedere dag in het nieuws te houden. Tv-zenders zonden elke toespraak van hem uit, om maar niets van het spektakel te missen. Trump gaf hun altijd wat ze wilden: een dystopisch beeld van Amerika („Als je in de binnensteden op straat loopt, word je neergeschoten”), complottheorieën, en altijd drama.

Alles kwam samen in een opmerking van Trump in het tweede tv-debat met Clinton. Hij zei toen dat hij een eventuele nederlaag misschien niet zou accepteren. Het was de ultieme combinatie van een complottheorie, een tv-drama, en de zonder twijfels uitgedragen overtuiging dat Donald Trump alleen wint.

Donald Trump werd eens uitgelachen door tv-critici toen hij tegen zijn aanhang had gezegd: „We gaan zoveel winnen dat jullie er helemaal ziek van worden. Jullie zullen zeggen: houd op, meneer de president, genoeg!” Het zijn woorden van profetische waarde gebleken.