Gerstein raast als een duivel over de toetsen

Twee Russische pianisten brachten onlangs een album uit met Franz Liszts Transcendentale etudes – twaalf even enerverende als virtuoze stukken. De meeste aandacht ging uit naar de opname van Daniil Trifonov (1991), het jonge pianowonder dat op zijn dubbelalbum ook maar even de hondsmoeilijke Paganini-etudes meenam. De ‘andere’ pianist was Kirill Gerstein (1979). Trifonovs spel heeft misschien meer pianistische glans, maar de set van Gerstein is zeker niet minder interessant. Gerstein diept vooral de donkere lagen uit en raast op duivelse wijze over de toetsen, zonder de dramatische opbouw uit het oog te verliezen. Na de intense razernij van de tiende etude speelt hij Harmonies du soir even spannend als sprankelend. Bij Gerstein hoor je dat de etudes, die vaak los worden gespeeld, echt een eenheid vormen.