Frictie tussen geldschieters over torenhoge Griekse schuld

Noodsteun

De Griekse staatsschuld groeit maar door. Dat is onhoudbaar, vindt premier Tsipras. Net als het IMF wil hij schuldverlichting.

De ruïnes van de Foto Alkis Konstantinidis/Reuters

179,2 procent van het nationaal inkomen. Zo veel bedraagt inmiddels de schuld van de Griekse overheid. Die schuld – bijna driemaal de Europese norm van 60 procent – groeit nog steeds. Griekenland krijgt, beetje bij beetje, miljarden aan noodleningen van de andere eurolanden uitgekeerd. Aflossen doet het land, waar de economie blijft stagneren, heel mondjesmaat.

Zo gaat het niet langer, vindt Alexis Tsipras, de Griekse premier. Hij wil nu vooral één ding binnenhalen in Brussel: schuldverlichting.

Tsipras laat zich daarvoor van zijn beste kant zien. Afgelopen weekend ontsloeg hij een paar lastige ministers die hervormingen traineerden die de eurolanden en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) eisen. Op 5 december komt de Eurogroep, het orgaan van de ministers van Financiën van de eurozone, bijeen om een aantal Griekse hervormingen waaronder de privatisering van overheidsbedrijven, te beoordelen. Die beoordeling zal positief zijn, zo voorspelde Tsipras zondag zelfverzekerd. En dan kunnen „gesprekken beginnen” over „specifieke maatregelen ter verlichting van de Griekse schuld op de korte, middellange en lange termijn”.

De timing van Tsipras’ offensief is niet toevallig. Voor het einde van het jaar wil het IMF beslissen of het gaat meebetalen aan het huidige noodpakket voor de Grieken ter waarde van 86 miljard euro, dat tot nu toe alleen door de eurolanden wordt opgehoest. Het IMF stelt een belangrijke voorwaarde: schuldverlichting. Experts van het IMF betogen al een tijd dat de Griekse schuld van 316 miljard euro onhoudbaar is. Met zo’n schuldenberg kan het land niet zelfstandig gaan lenen op de financiële markten als het noodpakket in 2018 afloopt, vindt het IMF.

IMF als bondgenoot

Het IMF, altijd hard voor Griekenland waar het gaat over hervormingen en bezuinigingen, is nu dus even de bondgenoot van het wankele land. De Grieken én het IMF staan bij het schuldvraagstuk tegenover de eurolanden – vooral tegenover Duitsland.

‘Schuldverlichting’ klinkt in Duitsland, en ook in Nederland, als: die miljarden komen nooit meer terug. In de aanloop naar de Bondsdagverkiezingen van oktober 2017 is Berlijn weinig compromisbereid. De Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble (CDU) zei maandag bij Eurogroep-overleg in Brussel dat „speculatie” over schuldverlichting voor de Grieken nu „volledig zinloos” is, afgezien van een aantal kleinere ingrepen waartoe de Eurogroep al in mei besloot. Zijn Nederlandse collega Jeroen Dijsselbloem, tevens voorzitter van de Eurogroep, liet zich in gelijke zin uit. Ook in Nederland komen er verkiezingen aan.

Hoe staat het er nu precies voor met de Griekse staatsschuld? En hoe kan die eventueel worden verlicht? Griekenland kreeg al een keer schuldverlichting, in 2011. Particuliere beleggers moesten toen ongeveer de helft op hun claims afschrijven, wat de staatsschuld reduceerde met ongeveer 100 miljard euro.

Nog zo’n haircut zal grotendeels voor rekening moeten komen voor de eurolanden, want zij zijn nu verreweg de grootste schuldeisers van de Grieken. Europese regeringen leenden 53 miljard euro direct aan Griekenland uit (waarvan Duitsland ruim 15 miljard en Nederland ruim 3 miljard). En via de noodfondsen EFSF en ESM, waarvoor de eurolanden garant staan, kwam daar tot dusver 173 miljard euro bij. Griekenland heeft de eurolanden nog niets terugbetaald.

Het IMF is een veel kleinere schuldeiser. Het heeft nog 13 miljard euro uitstaan in Athene, nadat de Grieken het fonds al zo’n 14 miljard euro terugbetaalden. Het IMF zelf scheldt in principe nooit schuld kwijt. Met ‘schuldverlichting’ bedoelt het IMF dat anderen verliezen moet gaan nemen: de Europese regeringen. Die willen dat niet, zeker niet voordat verkiezingsjaar 2017 voorbij is.

Schuld uitsmeren

Dat betekent niet dat er helemaal niets mogelijk is. In mei stelde de Eurogroep Griekenland betere voorwaarden voor het huidige leningenpakket in het vooruitzicht, als het land slaagt voor het ‘examen’ in december. Het noodfonds ESM kan de toch al heel lange gemiddelde looptijd van de leningen (28 jaar) nog verder verlengen (naar maximaal 32,5 jaar). Ook kan de rente (gemiddeld 0,8 procent) hier en daar nog wat lager. Hierover, zei Dijsselbloem, zal de Eurogroep in december beslissen.

Of dat eindeloos ‘uitsmeren’ van de schuld voor het IMF voldoende zal zijn om zelf weer de portemonnee te trekken, valt nog te bezien. Het fonds wil dat de Eurogroep zich in december ook vastlegt op extra maatregelen. Het IMF heeft een drukmiddel in handen: vooral Duitsland wil dat het IMF betrokken blijft bij Griekenland, zowel als toezichthouder als als financier. En laat nu juist Duitsland het land zijn dat het felst is gekant tegen schuldverlichting.