Goede vrijdag

kiest elke woensdag een gedicht bij de stemming van de dag.

Het was de dag waarop ik mijn eigen hoofd afhakte

en door de keuken stommelde.

Geen ogen om mezelf mee te zien

ik voelde me vredig op een vreemde manier.

De keuken werd een hindernisbaan

maar ik raakte warmte en leegte aan,

kookte mijn hoofd in een pan

om mijn adem te bedaren en mijn tong te sussen,

en toen ik mals en stil was

serveerde ik mijn hoofd op wit servies:

een appel in de mond en de kin onder kraakbeen,

hoorde je verrukt naar adem snakken.