Recensie

De zoon van een ‘teckel’

Boek

Als voorproef van zijn Mulisch-biografie voert zijn jarenlange uitgever Robbert Ammerlaan je door het veelzijdige landschap dat het schrijverschap van Mulisch heeft bepaald.

Een biografie van Harry Mulisch is Zijn eigen land niet, dat maakt Robbert Ammerlaan al vroeg in zijn boek duidelijk. Drie jaar geleden verschenen berichten in de media dat hij Mulisch’ officiële biograaf was, maar aangezien hij niet lang daarna zijn pensionering onderbrak om uitgeverij Hollands Diep op te richten, is het nog maar de vraag of er op de destijds aangekondigde verschijningsdatum, 2018, wel een biografie in de winkels ligt.

Tot nader bericht is er nu Zijn eigen land, wat dus geen biografie is, en ook geen ‘letterkundige studie’ of een ‘analyse van een groot en complex schrijverschap’. Ammerlaan zelf houdt het op ‘een reisverhaal’, waarmee hij het werk goed typeert. De lezer wordt, aan de hoffelijke hand van de man die jarenlang Mulisch’ uitgever bij De Bezige Bij was, meegevoerd langs achttien thema’s die bepalend waren voor Mulisch’ schrijverschap, zoals zijn ouders, het jodendom, de Tweede Wereldoorlog (in de personen van Eichmann en Hitler), vrouwen, het oude Egypte, Cuba en het daaraan gelieerde engagement.

Waardevolle bronnen

Ammerlaan noemt Mulisch ‘de meest autobiografische schrijver van zijn generatie’, en daarom heeft hij er voor gekozen het persoonlijke leven en het oeuvre van Mulisch met elkaar te verknopen. Deels put hij hierbij uit autobiografische bronnen die al bij de lezer bekend waren, zoals Voer voor psychologen, Mijn getijdenboek, oude interviews en Het voorbestemde toeval, de bundeling gesprekken die Marita Mathijsen met Mulisch voerde.

Het blijken waardevolle bronnen, maar je gaat pas echt recht overeind zitten als er uit onbekende geschriften geciteerd wordt: brieven van en aan Mulisch, dagboekaantekeningen (Mulisch betreurde het dat hij er in zijn leven niet meer had gemaakt) en andere documenten, zoals het niet bepaald flatterende karakterschetsje dat een medewerker van Mulisch’ voormalige middelbare school maakte toen de aspirant-schrijver wegens diefstal bij de reclassering belandde.

Brieven

Ook kon Ammerlaan bijvoorbeeld naar hartelust bladeren in het zogenaamde ‘Paarse schrift’, een ringbandcahier waar Mulisch zijn eerste verhalen, ideeën, invallen en beschouwingen in opschreef. Daarbij dragen de vele foto’s en illustraties ook flink bij aan het oproepen van de schrijver; Zijn eigen land is in wezen een soort collage waarin de kiem en de daaruit voortgroeiende boeken worden aangewezen. Een belangrijke kiem is een op het eerste oog onschuldig voorval in het leven van de drie-jarige Mulisch, als hij er door zijn ouders op uit wordt gestuurd om een pakje sigaretten te halen, omdat het de eerste keer was dat hij een ‘opdracht’ te vervullen had. Vader en moeder Mulisch zijn sowieso prominente figuren in het boek. Indirect omdat ze nauwgezet alles van de jonge Harry bewaarden, en in directe zin omdat veel van hun brieven erin zijn opgenomen. Verdomd goed geschreven brieven ook nog, waarbij vooral die van de temperamentvolle, joodse moeder (volgens Mulisch was ze ‘een echte teckel’) een genot zijn om te lezen.

Vertrokken naar de VS

Alice Mulisch-Schwartz, die een stuk jonger was dan vader Kurt, verliet het Haarlemse gezin toen Harry negen jaar oud was. Eerst woonde ze in Amsterdam, en zes jaar na het einde van de oorlog – waarin Kurt zijn ex-vrouw en zoon van deportatie wist te vrijwaren – vertrok ze naar de Verenigde Staten, waar ze slechts met grote moeite een leven op wist te bouwen.

Kurts verhaal is min of meer bekend: als Oostenrijker werkte hij in de bezettingsjaren voor een Duitse roofbank, waardoor hij na de oorlog in ongenade viel en moeite had om aan geld te komen. Lichamelijk takelde hij in rap tempo af. Maar al die tijd correspondeerden de voormalige echtelieden over hun wonderbaarlijke kind dat al snel literair succes wist te behalen.

Twitter avatar chr_weijts Christiaan Weijts Mulisch droomt van @TheodorHolman , dagboek geciteerd in boek Ammerlaan… https://t.co/czGPibIXRe

Volgens Ammerlaan (1944) heeft Mulisch de impact van het vertrek van Alice naar buiten toe altijd gebagatelliseerd: dat vermeend weggestopte leed wordt in Zijn eigen land wel behandeld, maar zal in een in de toekomst te verschijnen biografie – wellicht aan de hand van meer gesprekken met familie of vrienden – dieper uitgezocht kunnen worden.

En er komt wel meer langs dat vraagt om uitdieping of kritische benadering. Neem Mulisch’ standpunt ten opzichte van Cuba. ‘Van Eichmann heb ik geleerd waartoe rechts leidt,’ constateerde hij, ‘van Fidel Castro, wat daartegen gedaan kan worden.’ Tja, zo overzichtelijk kun je het politieke spectrum ook indelen.

Verderop in het boek komt Cees Nooteboom aan het woord, die stelt dat Mulisch zich de laatste jaren in de Herenclub onaangenaam fel uitte, omdat hij van mening was dat de sharia al zo’n beetje ingevoerd was. Het kwam de sfeer niet ten goede.

Dit lijken me zaken die in een biografie aan bod kunnen komen, dit boek is er het platform niet naar. Ammerlaan heeft de wonderlijke figuur die Mulisch was én de omstandigheden waarin boeken als Twee vrouwen en De ontdekking van de hemel konden ontstaan, op willen roepen en is daar buitengewoon goed in geslaagd.