Er staat een Russische beer in de Kamer

Geopolitiek

Rusland bedreigt de stabiliteit in Europa, zei premier Rutte. Daarom moet het Oekraïne-verdrag er komen. Zien de fractieleiders in de Tweede Kamer hetzelfde gevaar?

©

Hoe gevaarlijk is Vladimir Poetin? Over zijn dreiging zijn de fractievoorzitters eensgezind. „De Russische beer heeft zijn winterslaap onderbroken en heeft zelfbewust gedacht: nu is het genoeg”, zegt de één. „Wat we zien zijn buitengewoon bedreigende en provocatieve acties.” „Zij weten precies waar we kwetsbaar zijn.” „De spanningen zijn hoog en op onderdelen vergelijkbaar met de Koude Oorlog”, zeggen anderen.

Het Russische gevaar. Opeens was de dreiging daar, in volle omvang: de Russische beer is bezig met het verstoren van de geopolitieke verhoudingen. Premier Mark Rutte kwam ermee, op zijn wekelijkse persconferentie. Hij waarschuwde dat de stabiliteit in Europa in het geding is. Daarom moet Nederland het samenwerkingsverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne ondertekenen, vond hij.

Het ging om een kwestie die „groter dan Nederland alleen” was. „Wij zijn als land ook onderdeel van een bredere internationale gemeenschap die als één front strijdt vóór stabiliteit aan onze grenzen en tégen agressie in de wereld.” Dit front dreigt volgens hem doorbroken te worden met de Nederlandse nee-stem tegen het Oekraïneverdrag. Hij sprak over de „vacuümbommen” die Rusland op de stad Aleppo gooit. „Europa moet eensgezind zijn tegen landen die dit doen.”

Politiek theater? In elk geval had zijn dramatische oproep effect. Na maanden van stilstand zit er zodanig beweging in de binnenlandse politiek dat Rutte met de Europese partners kan gaan praten over een oplossing. Hij vertrouwt op genoeg steun in het parlement. Dinsdag debatteert de Tweede Kamer erover met Rutte.

De toegenomen Russische assertiviteit is overduidelijk, laat een rondgang langs zes fractieleiders zien. Maar om die te gebruiken voor binnenlands-politieke doeleinden en dus de uitslag van een referendum te negeren?

Onder de indruk van Ruttes woorden zijn de dwarsliggers niet. „Vergezocht”, zegt SP-leider Emile Roemer. CDA’er Sybrand van Haersma Buma zegt dat het „tien stappen verdergaat als je roept dat de oppositie in Nederland de bommen boven Aleppo zo’n beetje mogelijk maakt”. Alexander Pechtold (D66) is nog het meest genegen het kabinet te steunen. Hij begrijpt het geopolitieke argument van Rutte, maar vindt dat hij er zeven maanden te laat mee komt. „Tot vorige week was dit voor hem een ‘handelsverdragje’.”

Coalitiepartner en PvdA-leider Diederik Samsom heeft het over een nogal „ruig en kort weggetje” van de premier, hoewel hij Ruttes „gedachtengang wel kon volgen”. „Het is niet zijn stijl om zich op het geopolitieke toneel een morele rol aan te meten. Dat vindt hij nationaal al lastig.”

Onzekere bevolking

Hoe beoordelen de fractievoorzitters in de Tweede Kamer Vladimir Poetin? Wat moet de binnenlandse politiek met die nieuwe wereldorde aan, die zich onder druk van Rusland lijkt te ontwikkelen? Zorgen heeft iedereen. Tegelijk wagen de meesten zich niet aan apocalyptische scenario’s.

Op zijn kamer aan het Binnenhof gaat CDA-fractievoorzitter Van Haersma Buma er echt voor zitten. Hij heeft de breedste analyse van allemaal. „Dit gaat niet over Poetin, dit gaat over iets wat veel groter is”, zegt hij. „Het is ook groter dan alleen geopolitiek. Dit gaat over ons deel van de wereld, de hele westerse wereld, inclusief Amerika met Trump. We zijn op zoek naar onze identiteit en onze toekomst.”

Democratische landen hebben volgens Buma een „legitimatieprobleem”. Ze kunnen niet meer standaard leveren wat hun bevolking van hen gewend was: materiële verbetering. Leiders van niet-democratische landen maken indruk op die onzekere bevolking. Zij weten de moderne media goed te bespelen en zetten zichzelf krachtig neer. Hé, zo gek is dat niet, denken mensen dan. „Niet alleen Poetin is gevaarlijk. Kijk ook naar Erdogan en die rare Duterte in de Filippijnen. En als Trump niet wint, zegt het feit dat hij zó ver komt genoeg.”

Fysieke dreiging valt mee

Een „fysieke aanval” uit het Oosten ziet Buma niet komen. „Een beetje reële Poetin moet weten dat als het gaat om een echte clash, zijn middelen altijd kleiner zijn dan de onze.” ‘Ons’, dat is de NAVO.

Een nieuwe Koude Oorlog, dat is ook PvdA-leider Samsom „te dramatisch gesteld”. „We zijn intussen wel negen nucleaire wapenverdragen verder.”

Ongeveer dezelfde geruststelling komt van VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra. „Er is geen reële dreiging in de vorm van een massieve Derde Wereldoorlog”, zegt hij. Zijlstra beschrijft hoe geraffineerd Poetins tactiek is. „Poetin paste nu al een keer of zes dezelfde tactiek toe, met proxy wars. Hij laat lokalen en Russische minderheden verdeeldheid zaaien en haalt dan langzaam de zaak naar zich toe.”

Tot nu toe gebruikte Poetin die strategie niet bij EU-landen of lidstaten van de NAVO. Maar, zegt Zijlstra, wat als NAVO-lid Letland aan de beurt is? In het oosten is 95 procent van de bevolking van oorsprong Russisch. „Om te voorkomen dat hij dat soort dingen überhaupt probeert, moeten wij duidelijk zijn. Don’t go there.

Europa doet veel te weinig

De fractievoorzitters lijden niet aan grootheidswaanzin. Geen van hen maakte Poetin ooit persoonlijk mee. Op Halbe Zijlstra na, die hem ontmoette in de tijd dat hij voor Shell werkte. Alléén kan Nederland weinig tegen Poetin beginnen, vinden ze allemaal. Liefst zien ze Europa als één blok optrekken, dat zegt zelfs EU-criticus Emile Roemer. „Iedereen begrijpt dat je bij zulke grote, grensoverschrijdende problemen moet samenwerken.”

Punt is alleen dat die Europese samenwerking haast ontbreekt waar het gaat om buitenlands beleid, dat zien ze ook. Kijk naar de Europese buitenlandchef, Federica Mogherini, zegt Buma. Aardige dame, hij heeft haar één keer ontmoet. „Maar daarna is ze nooit meer langs geweest en dat vind ik ongelofelijk. Geopolitiek doet de EU niks en op alle andere terreinen gaat het maar door.”

Nederland kan en moet meer initiatief nemen om tot een gezamenlijke Europese strategie te komen, vindt Diederik Samsom. Met een paar gelijkgestemde landen, denk aan Zweden en het Verenigd Koninkrijk, moet Nederland de grote landen – Duitsland en Frankrijk – overhalen. „Als grootste van de kleintjes zijn wij bij uitstek geschikt om dit soort patstellingen te doorbreken.” Is zijn partijgenoot Bert Koenders, minister van Buitenlandse Zaken, daar al mee bezig? „Ja, alleen nog met te weinig resultaat.”

Energie is de sleutel

Hoe moet zo’n eensgezind beleid eruitzien? Energie, noemen ze bijna allemaal. Verminder heel snel de Europese afhankelijkheid van Russisch gas, zeggen Alexander Pechtold en Jesse Klaver, dan raak je Poetin waar het hem pijn doet. Al spelen aan Europese kant de economische belangen nog te veel mee, zegt Pechtold: „Als Shell steeds meegaat op allerlei handelsmissies, helpt dat niet. Dat moeten we niet meer faciliteren.”

Alleen: Nederland heeft jarenlang expliciet als doel gehad om de ‘gasrotonde’ van Europa te zijn, hét knooppunt voor doorvoer en opslag van gas. Waarvan een flink deel uit Rusland komt. Verkeerde keuze, zegt Jesse Klaver. „Daar maak je Rusland veel te belangrijk mee. Maar met die rotonde stoppen, dat wil het kabinet dan weer niet. Dan vind je het gewoon niet belangrijk genoeg.”

Natuurlijk moet Nederland voor zijn energie niet afhankelijk zijn van „de Poetins en ayatollahs in de wereld”, zegt ook Halbe Zijlstra. Al is die wederzijdse band door het Russische gas volgens hem ook ergens goed voor. Poetins grootste probleem is volgens Zijlstra dat hij door zijn geld heen raakt en een boycot van Russisch gas zou dat probleem groter maken. „Dan breng je hem in een situatie dat hij echt gekke dingen moet gaan doen, dat lijkt me niet verstandig.”

Als Poetin doorgaat met provoceren, zijn nieuwe sancties een prima manier om hem te straffen, vinden de meeste fractieleiders. Alleen Emile Roemer is daartegen. Hij denkt dat „een politiek van deëscalatie” de beste strategie is. Meer sancties opleggen werkt alleen maar averechts, zegt hij. „Wat Poetin voor propaganda naar buiten brengt is één, maar wat achter de schermen gebeurt is veel belangrijker. Je móét diplomatiek in contact blijven.”

Makkelijk te verstoren

Op een nieuwe wapenwedloop zit geen van de fractieleiders te wachten. Toch investeren ze in hun verkiezingsprogramma’s bijna allemaal in defensie. „Niet naïef zijn”, noemen ze dat.

Klaver, Buma en Pechtold waarschuwen voor nieuwe technologische oorlogsvoering. „Onze samenleving is zó makkelijk te verstoren, we zijn op alle fronten zo naïef”, zegt Pechtold. Bombarderen is volgens hem allang niet meer nodig: „Gooi het elektronische betalingsverkeer ergens een weekje plat en we hebben een groot probleem.”

Jesse Klaver ziet met Roemer van de SP het minst het nut in van extra defensiematerieel. Een lading nieuwe tanks zal heus niet werken om de onzekerheid in de samenleving weg te nemen, zegt Klaver. Investeren in cyber security vindt hij belangrijker. „Onze infrastructuur, die moeten we verdedigen. Onze dammen, onze dijken, álles regelen we elektronisch.”

Met al die dreiging kom je vanzelf terug bij de vraag: wáárom krijgt het samenwerkingsverdrag met Oekraïne dan toch geen voorrang boven de uitslag van een raadgevend referendum? Omdat Nederlanders „gekke henkie” niet zijn, zegt Emile Roemer. Die zien heus wel wie profiteren van zo’n verdrag, zegt hij. De elite, niet het volk. „Corruptie en diefstal zijn aan de orde van de dag in Oekraïne. En dit verdrag is dan ineens van het grootste belang voor wereldvrede? Onzin.”

Het geopolitieke belang van het verdrag is echt niet nieuw, zegt Klaver. „Hier hebben wij voor gewaarschuwd. Het is een beetje laat om nu pas te benadrukken dat het belang zo groot is.” Hij schat de kans klein dat GroenLinks een aanpassing van het verdrag steunt. „We moeten recht doen aan de uitslag. Daar ben je politicus voor, om die weging te maken.”