Wat er gebeurt met het spaargeld voor het Koninkrijk Gods

Noorse broeders

De leiders van de internationale sektarische geloofsgemeenschap Noorse broeders weten wel raad met het geld van hun volgelingen. Via belastingparadijzen investeren ze het in zichzelf en naaste verwanten.

Foto'S Scanpix

Hoe minder voor journalisten traceerbaar is, hoe beter. Bernt Aksel Larsen, het zakelijke brein achter de internationale sektarisch christelijke geloofsgemeenschap Noorse broeders, is in staat van paraatheid als in januari dit jaar een journalist vragen stelt aan collega-broeders in Zuid-Afrika. Zijn advies: geen antwoord geven.

De Noorse krant Dagens Næringsliv wil weten wie de eigenaar is van het lifestyle estate Cote de Val aan de Vaalrivier nabij Johannesburg. Dat de Noorse broeders via een Cypriotisch bedrijf met geld in het luxe recreatieproject zitten, moet geheim blijven.

Larsen verordonneert de broeders in Zuid-Afrika snel „een holdingstructuur [te] maken waarin een stichting of jullie privé eigenaar zijn van Cote de Val”. In de jaarrekening mag niet worden gemeld dat het Cypriotische bedrijf met geld in het project zit. Larsen: „Concreet zou ik nu geen antwoord geven aan de journalist, maar zorgen dat dit zo snel mogelijk geregeld is. Ik geloof overigens dat jullie moeten zien te voorkomen dat Noorwegen of broeders betrokken worden bij iets wat met eigendom of zaken doen te maken heeft.”

De Noorse broeders tellen 40.000 leden, van wie 2.000 in Nederland. Het wereldwijde centrum Brunstad staat in het zuiden van Noorwegen. In dat land verschijnen al jaren berichten over de vermenging van zaken en geloof bij de broeders, die zich internationaal Brunstad Christian Church (BCC) noemen. Harde bewijzen waren er – tot nu toe – niet. Hoe meer journalisten schrijven over geldstromen en belastingparadijzen, hoe dieper de broeders zich ingraven.

Met de arrestatie in Nederland, in maart, van de Nederlandse ex-broeder Jonathan van der L. (34) staat de kerk voor de grootste crisis in haar bestaan. Van der L. heeft de fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst FIOD wegwijs gemaakt in het ondoorzichtige netwerk van de broeders. De FIOD nam bij hem 50 gigabyte aan informatie in beslag. NRC en Dagens Næringsliv hebben de beschikking over deze honderden interne documenten en 200.000 e-mails, waaronder ook de mail van Larsen over het project in Zuid-Afrika. De mails tonen aan dat Jonathan van der L. niet alleen een sleutelfiguur was in de Nederlandse tak van de beweging, maar wereldwijd de rechterhand van geestelijk leider Kåre J. Smith (71) en zakelijk leider Larsen (56).

Bermuda, Cyprus en Dubai

Smith en Larsen geven leiding aan een wereldwijd netwerk van meer dan 450 bedrijven en stichtingen. Binnen het netwerk verwisselen bedrijven routinematig van eigenaar en wordt voortdurend geschoven met miljoenenleningen. De geldstromen lopen verrassend vaak via een belastingparadijs.

De bedrijven en stichtingen worden bestuurd door, of staan op naam van, individuele personen. Zij werken nauw samen met Larsen en Smith. In de praktijk is het Larsen die na overleg met Smith opdrachten uitdeelt. Jonathan van der L. en anderen voeren ze uit. Zo regeren Smith en Larsen over het broedersyndicaat, alsof het hun privé-eigendom is.

Het duo bemoeit zich met ondernemingen waarmee het officieel geen binding zegt te hebben. Neem Compusoft, Europees marktleider in ontwerpsoftware voor keukens en badkamers. Het bedrijf heeft ook een vestiging in Nederland. Dat het gros van de aandelen van Compusoft in handen is van Noorse broeders is onbekend. In 2014 gaat een half miljoen euro dividend als lening naar een bedrijf van de broeders op Cyprus.

Larsen zit bij de aandeelhoudersvergadering van Compusoft. Maar hij is ook betrokken bij het aannemersbedrijf Emergo in Stadskanaal, buigt zich over productiecijfers van de Noorse aannemer IEC-Hus en woont met leider Smith directievergaderingen van de Finse ruitersportfirma Finn-Tack/Horze bij. Al deze bedrijven zijn deel van het zakelijk netwerk van de broeders en maken gebruik van volgelingen die er vrijwilligerswerk doen.

Rode draad in de in beslag genomen e-mails is het betalen van zo min mogelijk belasting. Bedrijven zijn gevestigd op onder meer de Britse Maagdeneilanden, Bermuda, Cyprus en in Dubai. De vennootschaps- en dividendbelasting is daar lager of nihil. Wat het management in Cyprus en Dubai uitvoert, is in Noorwegen bedacht. Daarmee zijn de broeders in Noorwegen belastingplichtig en kan de route via Cyprus gezien worden als belastingontwijking, waarschuwt een advocaat voorjaar 2013 in een e-mail aan Larsen: „De plek waar het echte leiderschap zit is bepalend.” Larsen schrijft terug dat hij voorzichtig zal zijn met het documenteren van „formele en informele” beslissingen.

Persoonlijke geldmachine

De financiële motor van het netwerk zijn de 40.000 gelovigen, verspreid over de wereld. Hun miljoenen, bijeen gespaard voor het Koninkrijk Gods, gaan jarenlang naar onder meer twee op Cyprus geregistreerde ondernemingen: BCC Global en BCC Financial. BCC is de afkorting van Brunstad Christian Church. Hoewel Smith en Larsen geen officiële functie hebben bij beide bedrijven, sturen zij ze wel aan.

Voor de dagelijkse leiding van BCC Global en BCC Financial vinden Smith en Larsen iemand die uitermate geschikt is: de Nederlander Jonathan van der L.. Hij is een trouwe broeder, heeft als ex-rechercheur van de opsporingsdienst FIOD een fiscale achtergrond en hij spreekt vloeiend Noors.

BCC Global ontvangt van de afdelingen van de kerk onder meer het abonnementsgeld dat leden betalen voor het eigen satellietkanaal Brunstad TV. BCC Financial is de interne bank van de kerk. Cyprus is hiervoor de ideale plek. Het heeft een fraai belastingregime en de bancaire regels zijn er soepeler dan in West-Europese landen. In die landen zou een bankvergunning nodig zijn, op Cyprus niet.

Afdelingen die spaargeld hebben lenen dit aan BCC Financial. Die leent het weer uit. In de Borrowing & Lending Covenants van BCC Financial staat dat het geld enkel mag worden uitgeleend aan bedrijven of stichtingen die een religieus, humanitair of charitatief doel hebben. Contracten met private personen zijn verboden. Eind 2014 heeft BCC Financial 86 miljoen euro aan leningen uitstaan.

De e-mails laten zien dat religieuze organisaties niet of nauwelijks profiteren van het spaargeld. BCC Financial blijkt de persoonlijke geldmachine van Larsen en Smith.

Grote schoonmaak

Larsen geeft vanuit Noorwegen per mail instructies aan Van der L. om geld tegen aantrekkelijke voorwaarden uit te lenen aan een selecte groep rond beide leiders. Zo kunnen 19 broeders, onder wie kinderen van Smith, in 2011 samen 1 miljoen euro lenen om privé aandelen in ruitersportbedrijf Finn-Tack te kopen. Daarna lenen 9 dochters, zonen, schoonzonen en neven van Smith of Larsen nog eens 1,4 miljoen euro.

Larsen geeft ook opdracht geld aan hemzelf over te maken. Zo ontvangt hij privé en via een bedrijf 19 leningen, samen 2,6 miljoen euro. Ook kerkleider Smith doet mee. Samen met Larsen krijgt hij indirect een lening van 6 miljoen euro. Larsen is zich van het risico bewust. De lening aan Smith en hem is „gevaarlijk”, schrijft hij aan Van der L..

Het meeste geld dat BCC Financial uitleent gaat naar bedrijven uit het netwerk. Terwijl gewone banken na de financiële crisis moeilijk doen, is bij BCC Financial snel en gemakkelijk geld te krijgen, tegen een lage rente en zonder dat zekerheden worden gevraagd.

Het uitdelen van leningen blijkt dé manier om goedkoop geld rond te sturen in het netwerk. Anders dan bij een factuur of uitbetaling van dividend is een lening belastingvrij. En een lening kan na verloop van tijd als ‘oninbaar’ worden afgeboekt. Zo wordt slechts een deel van de leningen terugbetaald.

De eigen accountant van de broeders, Deloitte in Oslo, heeft in 2012 kritiek op de leningen. Dat de kerk zorgt voor de financiering van BCC Financial, die op zijn beurt weer leent aan partijen die verbonden zijn aan de kerk, kan als „ontwijking” worden beschouwd. Zeker omdat de voorwaarden niet marktconform zijn en broeders worden bevoordeeld boven anderen die zulke leningen niet krijgen. Beste oplossing is de leningen te beëindigen, adviseert Deloitte.

Dat juist in deze tijd ook Noorse media kritisch beginnen te schrijven over de sektarische broeders en de zakelijke verstrengelingen van leiders Smith en Larsen maakt de zaak urgent. Om de media de wind uit de zeilen te nemen trekt Larsen zich terug uit zijn officiële functies bij de kerk. Achter de schermen verandert er niets. Larsen blijft opdrachten uitdelen, laten de mails zien. Daarna worden op Cyprus de discutabele leningen overgeheveld naar BCC Global. Anders dan BCC Financial heeft BCC Global geen accountantstoezicht en geen governanceregels. De jaarcijfers 2015 van BCC Financial bevestigen de grote schoonmaak. Van de 86 miljoen euro aan leningen uit 2014 is een jaar later nog maar 36 miljoen euro over.

Tussen de leningen die worden overgeheveld naar BCC Global zitten leningen aan familie en vrienden. Bij BCC Global worden vervolgens tientallen leningen aan bedrijven en particulieren, samen 7,4 miljoen euro, als ‘oninbaar’ afgeboekt tot 1 euro.

Daarmee komt geen einde aan het geschuif met de leningen van familieleden, vrienden en hooggeplaatste broeders en hun bedrijven. Nu gaan ze naar een derde bedrijf op Cyprus, dit keer met een aandeelhouder afgeschermd door een trustkantoor op Bermuda. Dat is nog veiliger.

Zoals leningen worden uitgedeeld, zo worden ook baantjes verdeeld. De entourage rond het leidersduo krijgt hoge posities en fraaie opdrachten. Hanne Smith Nielsen, dochter van Smith, wordt in 2015 directeur van ruitersportfirma Finn-Tack/Horze. Schoonzoon Tobias Nielsen mag als architect voor bijna twee ton aan rekeningen sturen. Betaald worden beiden met spaargeld van de discipelen, via een bedrijf op Cyprus.

Vijfsterrenhotel in Bangalore

Intussen reizen Smith en Larsen op kosten van hun discipelen de wereld rond. Zij betalen met een creditcard van weer een ander Cypriotisch bedrijf dat mede gefinancierd wordt met een miljoenenlening van een goededoelenstichting van de Nederlandse broeders.

In 2012 geeft kerkleider Smith met deze kaart 15.000 euro uit, waaronder 450 euro in de Hugo Boss-shop in het Indiase Bangalore. Daar logeert hij in het vijfsterrenhotel The Leela. In de wintermaanden verblijft de kerkleider in Maleisië, Tokio, San Francisco en Honolulu. Daar is hij in het luxe Kahala Resort, volgens de website een geliefde „celebrity hideaway” van Amerikaanse presidenten en Hollywood-sterren. Larsen bezoekt strandhotel Waihi Beach in Nieuw-Zeeland, gevolgd door een verblijf in het luxe Loews Hotel in Miami Beach.

Smith gebruikt ook de creditcard van een ander Cypriotisch bedrijf, Smilar Invest. Dat bedrijf is eigendom van hem en Larsen, ieder voor 50 procent. Smilar Invest is „een privé-investering” benadrukt Larsen tegenover Noorse media. Maar ook hier zijn de privébelangen verweven met de kerk. Directeur van Smilar Invest is weer Jonathan van der L.. Zijn salaris wordt niet betaald door Smilar Invest maar door een broederbedrijf. En het personeel in het Cypriotische kantoor van Smilar Invest werkt ook voor broederbedrijven.

Uit een e-mail van de accountant van Smilar Invest blijkt dat kerkleider Smith eind 2014 – begin 2015 voor zeven mille privé-uitgaven doet met de kaart van dit bedrijf. De accountant vraagt om kopieën van de rekeningen. Jonathan van der L. reageert namens Smith: „Dit wordt contant terugbetaald aan de firma. Volgende keer wordt geld meegenomen naar Cyprus.”

Door de privé-uitgaven cash terug te betalen voorkomen Smith en Larsen dat zij in Noorwegen belasting moeten betalen over deze in natura genoten inkomsten. De Belastingdienst zou dit kunnen zien als belastingfraude en witwassen.

De accountant bevestigt voorjaar 2015 dat ze het geld gekregen heeft.

Vier maanden later heeft Smith al 20.757 euro met de creditcard uitgegeven. De kerkleider rekent onder meer 11.500 euro af in een hotel in Miami. De accountant informeert nu bij een zoon van Smith: „Ik neem aan dat u contant geld voor deze kosten meebrengt tijdens uw volgende bezoek aan Cyprus.”

Dat contante geld ontvangen Smith en Larsen van Jonathan van der L.. Hij pint het in Nederland van rekeningen van bedrijven in Dubai en brengt het naar Larsen in Noorwegen, blijkt uit een verklaring van Van der L. voor de rechtbank in Zutphen. Een uitdraai van het sms-verkeer tussen hem en Larsen, waar de FIOD de hand op heeft gelegd, ondersteunt dat. Larsen vraagt: „Neem jij euro’s mee?” Later sms’t Van der L.: „Is het wenselijk dat ik 4K euro meeneem?”

Argwanende toezichthouders

Lange tijd kunnen de broeders hun gang gaan, maar afgelopen jaren stellen toezichthouders kritische vragen over de wereldwijde geldstromen. Dat begint met accountant Deloitte die kritiek heeft op de leningen. Daarna volgt de Belastingdienst in Nederland die in 2014 besluit de goededoelenstatus van een stichting af te pakken.

Vervolgens stelt de Britse belastingdienst kritische vragen over de bedragen die de lokale afdeling uitleent aan BCC Financial op Cyprus. Hoe zeker is het dat dat geld daadwerkelijk gebruikt wordt voor liefdadigheid? De dienst is tevreden met de verzekering dat dat absoluut het geval is.

Daarmee zijn de problemen niet voorbij. Ook de Nordea Bank in Oslo plaatst vraagtekens bij de governance rond BCC Financial. Verwijzend naar de regels omtrent het witwassen van geld vraagt de bank om een lijst met leningen. Nordea krijgt van Jonathan van der L. met medeweten van Larsen een lijst waarop de leningen aan privé-personen, onder wie familie en vrienden, zijn geschrapt.

Ook een andere Noorse bank, DNB Nor, maakt zich zorgen over „de vermenging van kerkelijke en zakelijke belangen”. Dat staat in een brief die in de zomer van 2015 bezorgd wordt bij de Noorse broeders. De bank wijst op het risico van belangenverstrengeling en wil weten hoe het met de interne controle staat. Die moet immers voorkomen dat geld, gespaard door vrijwilligers, in de zak van individuen verdwijnt.

Ook deze bank krijgt op de mouw gespeld dat BCC Financial alleen geld uitleent aan bedrijven die zijn aangesloten bij de kerk. Op deze wijze wordt, schrijven de broeders, „volledig uitgesloten” dat individuen zich kunnen bevoordelen.

Reageren? onderzoek@nrc.nl