Bouw flipperkast, speel en leer veel

Bouwpakket

In een paar uur bouw je zelf een flipperkast. Daarna leer je over energie, krachten en eenvoudige machines.

„Wow, wat cool!”, roept Hugo (12) meteen als hij het bouwpakket van een flipperkast ziet. ‘Ontdek de wetenschap met de flipperkast’ staat erop. Het is een boek en een bouwdoos tegelijk.

Het eerste hoofdstuk is een handleiding met tekeningen hoe je de flipperkast stap voor stap in elkaar moet zetten. Uit grote vellen papier en karton moet je de genummerde stukjes uitdrukken en in elkaar zetten. „Je hebt helemaal geen plakband of lijm nodig!”, zegt Hugo een beetje verbaasd.

Het is nog niet zo makkelijk, ontdekt Hugo. Je moet heel goed kijken naar de plaatjes in de handleiding, want voor je het weet zitten de stukjes verkeerd om aan elkaar. Maar Hugo vindt het leuk, erg leuk. „Alles wat je nodig hebt zit er al bij”, de elastiekjes en een knikker.

Langzaam ontstaat er een prachtige flipperkast. Met een molentje dat gaat draaien als de knikker erdoor rolt, stootkussens die het balletje wegveren en een trechter waarin de bal rondjes draait voordat hij door het gat onderin rolt. En natuurlijk de afschieter en de twee flippers die je aan de zijkant kunt bedienen. Na bijna drie uur puzzelen is Hugo klaar: het werkt!

De volgende dag leest Hugo het hele boek van Nick Arnold en Ian Graham in één keer uit. Het gaat over de bewegingen die je kunt zien in de flipperkast. Over massa en gewicht, over energie en verschillende soorten krachten. En over eenvoudige machines, zoals hefbomen, katrollen en schroeven. „Ik heb er veel van geleerd”, zegt Hugo, „Bijvoorbeeld over de werking van de zwaartekracht.”