Column

Rotterdams mooiste

In de schittering van de zon ligt ze er vanuit de lucht nog mooier bij dan vanaf de wal. Met het witte buizenwerk van de Maeslantkering aan beide oevers als haar gewillig gespreide benen. Voor haar monding een handvol grote jongens uit alle werelddelen, geduldig wachtend tot ze naar binnen mogen.

Deze week werd gevierd dat precies 150 jaar geleden de eerste spade de grond in ging voor de aanleg van de Nieuwe Waterweg, de levensader van Rotterdam, van Rijnmond, van de Nederlandse economie. Met schop en kruiwagen werd door zo’ n 600 arbeiders in zes jaar tijd een 4,3 kilometer lange doorgang gegraven naar de Noordzee, zodat zeeschepen voortaan moeiteloos (zonder sluizen of bochten) naar de stadshavens konden varen. Het werd uiteindelijk de redding van Rotterdam, ook doordat tegelijkertijd het Noordzeekanaal werd aangelegd en Amsterdam het zelfs even leek te gaan winnen als havenstad. Waterbouwkundig ingenieur Pieter Caland, de ontwerper van de Nieuwe Waterweg, had zich namelijk vergist. Volgens zijn berekeningen zouden de stroming en het getij ervoor zorgen dat het kaarsrechte kanaal niet zou dichtslibben, maar de natuur deed niet waar Caland op gehoopt had en de vaargeul verzandde alsnog.

Kort na de aanleg was de waterweg alweer zo slecht begaanbaar dat een schip van de Nederlandsch-Amerikaansche Stoomvaartmaatschappij (met als thuishaven Rotterdam), moest uitwijken naar Amsterdam, iets wat mooie spotprenten opleverde in de Nederlandse kranten. Na felle debatten in de Rotterdamse gemeenteraad werd uiteindelijk extra geld uitgetrokken voor het verder uitbaggeren van de geul, waarna de ingenieur vanwege de enorme budgetoverschrijdingen op eigen verzoek uit zijn functie werd gezet. Na de uitdieping kreeg Caland alsnog gelijk en werd het kanaal inderdaad vanzelf breder en dieper.

Op het (bescheiden) feestje van Rijkswaterstaat deze week was het burgemeester Aboutaleb die vol bewondering sprak over Caland: „Deze man heeft ervoor gezorgd dat Rotterdam is wat het nu is, omdat hij bereid was om groot te denken. En dat is soms nodig om anderen voor te zijn.”

Tegelijkertijd gaf de burgemeester het startschot voor het nog verder uitdiepen van de Nieuwe Waterweg en de omliggende havens. Niet omdat Caland zijn werk niet goed gedaan heeft, maar omdat Rotterdam nóg grotere zeeschepen wil kunnen binnenhalen. Kosten: ruim 60 miljoen euro. Een beslissing die dit keer zonder slag of stoot is genomen, want niemand die tegenwoordig nog twijfelt aan de noodzaak ervan. En los van het economische belang zijn en blijven de havens, de Nieuwe Maas, de benen van de Maeslantkering en de Nieuwe Waterweg per slot van rekening het mooiste wat we in Rotterdam te bieden hebben.

Mirjam de Winter (@mirjamdewinter) is freelancejournalist en stadsgids in Rotterdam.