Column

Het Halbe-lachje

Weijts, Christiaan 2015 3

“Ik heb Hans van Mierlo nooit horen vragen wat nu precies het beláng van kunst was. En daarom mis ik hem.” Die zinnetjes sprak acteur Gijs Scholten van Aschat bij het D66-jubileumcongres, en ze zijn even schitterend als trefzeker. Want waarom vraagt niemand ooit naar het belang van fietspaden of apotheken, terwijl de kunsten zich altijd moeten vermommen als groente en fruit: maar we zijn zo góéd voor je!

Woensdagavond was ik bij een groot cultuurdebat, in de oude zaal van de Tweede Kamer, met vertegenwoordigers uit de cultuursector en woordvoerders uit de Kamer. Dan ga je Van Mierlo, die hier nog sigaretten gerookt moet hebben achter de dikke gordijnen, inderdaad missen.

Vooral als de VVD-afgevaardigde aan het woord komt. Michiel van Veen. Knoopje dicht. Jaspandje straktrekken. En kleppen maar: „We hebben 200 miljoen bezuinigd. Maar de koude sanering heeft niet plaatsgevonden op de schaal van 200 miljoen. Dat betekent dat bijna evenveel mensen blijven eten van de koek die 200 miljoen kleiner is geworden.”

Die Michiel. Hij zegt het echt. In de stad waar diezelfde avond toneelgroep De Appel te horen krijgt dat het doek definitief is gevallen. Volgens de Raad voor Cultuur zijn er al 20.000 vaste banen in de cultuursector verdwenen.

Michiel glimlacht. Draait aan zijn trouwring. Hij weet nog wel iets. De Gouden Kalveren. Hij was eens bij de uitreiking. Het paard van Sinterklaas won de publieksprijs. Maar er was geen enkele jurynominatie voor die film! „Dan zeg ik: wat is hier nu aan de hand?”

Michiel van Veen: het vadsiger broertje van Halbe Zijlstra. Met precies hetzelfde lachje: onderdrukte voorpret om iets ondeugends. Waarschijnlijk oefenen ze daar samen op tijdens hun Dungeon & Dragon-avondjes. „Het is van de gekke dat het publiek een prijs kiest voor de beste film, die de sector zelf links laat liggen.”

Godallejezus. Wat mis ik Van Mierlo.

Gelukkig zit Karlijn Benthem in de zaal, van het Groningse muziektheater het Houten Huis. „Het is belangrijk dat júllie het belangrijk maken!”, roept ze. „Als jullie dat niet doen, dan gaat de rest van Nederland het ook niet doen. Dan worden inderdaad de publieksfilms belangrijker dan de kunstwerken. En dan zijn we echt verlóren.”

Haar stem breekt. Na een daverend applaus reageert Michiel van Veen. Met zijn Halbelachje: „Volgens mij is dat een discussie van 2010.” Binnenkort vertrekt hij. Naar Gemert-Bakel, waar hij tot burgemeester is benoemd.

Ik geloof niet dat iemand hem zal missen.

Christiaan Weijts schrijft hier elke vrijdag een column, op andere dagen doen Tom-Jan Meeus en Jutta Chorus dit.