Einde nabij voor theatergroep De Appel nu subsidie uitblijft

De Haagse D66, de enige partij die nog voorstander was van steun aan het theatergezelschap, ziet geen toekomst in het nieuwe subsidieplan dat De Appel indiende.

Acteurs van toneelgroep De Appel tijdens een repetitie van het stuk Casanova in 2013. Foto ANP

Het laatste uur lijkt nu echt geslagen te hebben voor theatergroep De Appel. De Haagse D66, de enige partij die nog voorstander was van gemeentelijke steun aan het theatergezelschap, heeft woensdag laten weten geen toekomst te zien in het nieuwe subsidieplan dat De Appel heeft ingediend. Volgens de fractie is de toekomstvisie van De Appel „niet helemaal solide” en is het daarom “onverantwoord” om de theatergroep nog langer te onderhouden met gemeentegeld.

Lees ook onze necrologie van Toneelgroep De Appel: Alles deed De Appel anders

Dat zegt Birgül Özmen, raadslid voor D66 in Den Haag. Eerder pleitte D66 als enige partij in de Haagse gemeenteraad nog voor een herziening van de subsidiestop die wethouder van Cultuur Joris Wijsmuller de theatergroep had opgelegd. Maar na lezing van het nieuwe financiële plan van De Appel vindt ook D66 het risico dat er weer tekorten ontstaan te groot, zegt Özmen. Zonder steun van D66 is de kans dat wethouder Wijsmuller alsnog besluit de theatergroep te subsidiëren bijna nihil.

Afgelopen zomer oordeelde de adviescommissie van de Haagse gemeente genadeloos over De Appel. Het werk van het gezelschap zou volgens de commissie „op alle fronten onder de maat” zijn. Wethouder Wijsmuller (Haagse Stadspartij) besloot het advies van de commissie op te volgen en de subsidie van De Appel met ingang van 2017 te stoppen. Desastreus nieuws voor het theatergezelschap, dat jaarlijks 2 miljoen van Den Haag ontvangt en daarmee sterk afhankelijk was van de gemeente.

Inmiddels heeft De Appel een doorstartplan opgesteld, ‘De Appel 2021’, dat vrijdag ter overweging bij de gemeenteraad ligt. In dit plan is rekening gehouden met een flink lagere subsidie van 750 duizend euro per jaar. Om de kosten alsnog te dekken is De Appel onder meer van plan de lonen van medewerkers met 20 procent te verlagen. Daarbij wordt rekening gehouden met een „afvloei” van medewerkers, die niet voor minder salaris willen werken. Ook dat zou de kosten terugdringen. Daarnaast gaat De Appel in het plan uit van meer bezoekers: 25 duizend per jaar, waar het er nu in een goed jaar zo’n 20 duizend zijn. De Appel noemt dit aantal een “ambitieus target” dat door middel van “verbreding van het publiek” toch haalbaar moet zijn.

Die ‘verbreding’ moet vooral door coproducties tot stand komen. „Door samenwerkingen met bijvoorbeeld het Koninklijk Conservatorium hopen we een jonger publiek aan te trekken”, zegt Eveline van Leeuwen, hoofd marketing bij De Appel. De beoogde nieuwe artistiek leider David Geysen moet het Appeltheater toegankelijker maken, met meer laagdrempelige muziektheatervoorstellingen.

Wethouder Wijsmuller heeft vorige week in een brief aan de gemeenteraad laten weten dat ook het nieuwe plan van De Appel volgens hem onvoldoende grond biedt voor subsidie. Bij het voorgenomen korten op de lonen van de medewerkers vraagt hij zich af of „deze reductie daadwerkelijk gerealiseerd kan en mag worden”.

Bovendien merkt hij op dat ook het ontslag van een aantal medewerkers waarschijnlijk op rekening van de gemeente komt: naar schatting zal de ‘afvloei’ nog zo’n half miljoen aan kosten met zich meebrengen – een bedrag dat De Appel niet zelfstandig kan ophoesten. Bij het beoogde bezoekersaantal zet hij ook kanttekeningen: „Gelet op de realisatiecijfers van de afgelopen jaren is het maar zeer de vraag is of deze target realistisch is”.