Waarom machtige vrouwen (bijna) altijd een broekpak dragen

Mode

Na de jaren negentig raakte het ‘pak voor vrouwen’ uit de gratie. Nu is het broekpak terug. Met dank aan Hillary Clinton en Angela Merkel.

Hillary Clinton op een campagnebijeenkomst in Cincinnati, Ohio, afgelopen maandag. Foto Brian Snyder/Reuters

Een kobaltblauwe met bijpassende top bij een persconferentie in september. Een olijfgroene met een heuplang jasje voor een ontmoeting met Benjamin Netanyahu. Een rode met een ronde hals voor het eerste presidentiële debat. Een donkerblauwe met witte revers en een witte top voor het tweede – er is bijna geen recente foto van Hillary Clinton te vinden waarop ze géén broekpak aan heeft.

Dat is niet altijd zo geweest. Als presidentsvrouw droeg ze vaak de pastelkleurige mantelpakjes die verplicht leken voor de echtgenotes van Amerikaanse presidenten, tot Michelle Obama liet zien dat het ook anders kan. Maar sinds Clinton in 2000 haar eigen politieke carrière begon heeft ze de broek aan. Ze zit daarmee in het kamp van Angela Merkel, die ook bijna altijd een broek met een jasje draagt. In haar geval een felgekleurd jasje op een zwarte pantalon.

Collages met Merkel als regenboog of ‘50 Shades of Merkel’ zijn online hits. Van Clinton worden tegenwoordig ook regenbogen samengesteld. Haar pakken worden de laatste tijd geregeld speciaal voor haar ontworpen door Ralph Lauren. Ze zijn best chic, hebben hier en daar een sierrandje, maar zijn verder degelijk: hooggesloten, soms met een opstaand boordje. Niet te smal, het jasje over de billen, een enkele keer zelfs bijna tot aan de knieën. De broek strak noch wijd.

De broekpakken van Clinton en Merkel lijken op de eerste plaats een soort schilden, veilige lagen die over het lichaam worden gelegd en dat verhullen, waardoor daar in elk geval niet over wordt gepraat. De vrolijke (lees: vrouwelijke) kleuren en het bijna verplichte halskettinkje zorgen ervoor dat het pak niet te snel kan worden afgedaan als saai, of mannelijk.

Hoe veilig een pak is, bleek eigenlijk pas goed toen Merkel een keer een laag uitgesneden avondjurk droeg; opeens werd duidelijk dat ze een flinke boezem heeft. De reacties op die jurk kunnen haar alleen maar hebben aangemoedigd nooit meer iets anders dan een broekpak aan te doen. Bij elk openbaar optreden ongeveer hetzelfde dragen scheelt bovendien een hoop gedoe. Je elke dag weer opnieuw representatief en toch leuk aankleden kost, zoals elke werkende vrouw weet, tijd en energie en doet je snakken naar zoiets gemakkelijks en neutraals als, nou ja, een pak.

Hoewel het pak voor vrouwen nooit gewoon ‘pak’ lijkt te kunnen worden genoemd. Het is een broekpak of in het geval van een pak met een rok, een mantelpak. En als het een directe vertaling is van een pak voor mannen wordt het ook wel omschreven als ‘mannenpak voor vrouwen’. Het feit dat er een speciaal woord voor een pak voor vrouwen bestaat, zo merkte de website Quartz op, maakt van vrouwen die een pak dragen per definitie de uitzondering.

Hoe mal en oubollig het woord broekpak is, bleek toen de kleding van Bill Clinton –wederom door Quartz– werd beschreven op de manier waarop de kleding van de (tot nu altijd) vrouwelijke partners van presidentskandidaten wordt beschreven: „Hillary Clintons echtgenoot droeg een charmant broekpak om haar nominatie voor president van de VS te eren.”

Het broekpak door de tijd heen (tekst gaat verder onder de slideshow):

Verboden broeken

Het pak zoals we het nu kennen – een jasje met een bijpassende broek en eventueel een gilet – ontstond aan het eind van de negentiende eeuw. Vrouwen begonnen ze aan het begin van de twintigste eeuw te dragen. De eersten die het pak omarmden waren lesbiennes.

Het grote publiek maakte in de jaren dertig kennis met vrouwen in pak dankzij filmsterren Katharine Hepburn, Greta Garbo en Marlene Dietrich. In die tijd was een pak een gewaagde keuze. Volgens het Amerikaanse maandblad Vanity Fair kon je als vrouw gearresteerd worden vanwege het dragen van een broek.

Nog in 1968 werd de Amerikaanse societyvrouw Nan Kempner uit een restaurant in New York gezet omdat ze gekleed was in een modieuze Le Smoking van Yves Saint Laurent (waarna ze de broek uitdeed en alleen in het jasje weer naar binnen ging). In Nederland speelde tv-presentator Mies Bouwman een grote rol in de acceptatie van het broekpak – wat heet: ze veroorzaakte een rage – toen ze in 1970 het programma Een van de acht ging presenteren in broekpakken van couturier Dick Holthaus, iets waartegen ze zich aanvankelijk had verzet; een broek was destijds nog een kledingstuk dat je als vrouw vooral in je vrije tijd droeg, en zelfs dan niet altijd.

In Europa ging het met het broekpak overigens een stuk sneller dan in de VS. In de jaren tachtig was het daar nog lang niet in alle kantoren toegestaan broeken te dragen. In de Amerikaanse senaat was het zelfs tot 1993 verboden, en dat verbod werd alleen maar opgeheven omdat twee vrouwelijke senatoren het negeerden.

Emancipatie

De jaren negentig waren de gloriejaren van het broekpak. Veel vrouwen omhelsden het als alternatief voor het mantelpak, in de jaren tachtig het breedgeschouderde uniform van de ambitieuze vrouw. Modeontwerpers als Tom Ford en Helmut Lang verkochten pakken voor modeliefhebbers die ze ook ’s avonds graag droegen, bij merken als het Nederlandse Vanilia hingen sobere en betaalbare exemplaren klaar voor vrouwen met een (nog) bescheiden budget.

Maar zoals dat met dingen die in de mode zijn gaat: het broekpak is vreselijk uit trek geraakt. Eerst als mode-item, en als gevolg daarvan ook als werkkledij. Vrouwen gaan tegenwoordig liever in een jurk of in zogenaamde separates (blouses, rokken, truien, jasjes in een ander materiaal dan een broek of een rok) naar kantoor. De combinatie van een colbert met bijpassende broek is van vooruitstrevend en subversief, tot suf en ouderwets geworden.

Je zou dat kunnen zien als een teken van emancipatie. Vrouwen hoeven zich niet meer te steken in afgeleiden van mannenkleding om serieus genomen te worden.

Theresa May, de premier van Groot-Brittannië, is een aanhanger van die nieuwe dresscode: ze draagt weliswaar geregeld een mantelpak, maar ook strakke jurken, en niet al te hoge, maar verder behoorlijk wufte schoenen (pumps met panterprint! Laklaarzen tot over de knie!). Er wordt veel over haar kledingkeuzes geschreven, maar dat lijkt haar professionele leven vooralsnog niet in de weg te zitten.

Merkel had als beginnend politica al een degelijk kort kapsel, en ze droeg wijde rokken met Jezus-sandalen eronder. Of zoals iemand in een BBC-documentaire over haar leven zegt: „Ze leek niks om haar uiterlijk te geven.” Voor haar lijken haar pakken inderdaad vooral een gemakkelijke oplossing, een uniform.

Clinton heeft laten zien dat ze best van mode houdt. Maar haar voorkeur voor degelijke pakken is volkomen te begrijpen. Presidentskandidaten worden al afgerekend op alles wat ze doen en hebben gedaan. Bij Clinton komt haar kleding daar nog eens bij, omdat vrouwen nu eenmaal altijd beoordeeld worden op hun uiterlijk en het zelden goed kunnen doen. Laten we ook niet vergeten dat ze 69 is, en ze bovendien nooit de elegante benen van May of – om een andere rokkendragende machtige vrouw te noemen – Christine Lagarde heeft gehad.

Net als Merkel weet Clinton haar broekpakkenliefde goed in te zetten. „In mijn Witte Huis weten we wie het broekpak aan heeft”, grapte ze in 2008 bij David Letterman. In een speech uit datzelfde jaar bedankte ze haar entourage, „the sisterhood of the travelling pantsuits”. In haar Twitter-bio staat ‘pantsuit aficionado’ vóór ‘2016 presidential candidate’.

Haar consequente kleedgedrag lijkt zijn sporen na te laten. In de collecties voor dit najaar doken opvallend veel broekpakken op, bijvoorbeeld bij Dries Van Noten, Gucci en het ultrahippe Vetements. Andere pakken dan die van Clinton – stoerder, wat mannelijker en tegelijk eleganter – maar evengoed onmiskenbaar broekpakken.

Met een broekpak is helemaal niets mis. Laten we het van nu af aan alleen gewoon ‘pak’ noemen.