Luisteren: Dit zijn de albums die NRC deze week bespreekt

Een mooie week voor instrumentalisten: Ben van Gelder pakt 5 ballen in de jazz, en Murray Perahia doet dat met de Franse Suites van Bach. Kensington bromt en gromt, maar klinkt wollig.

  • ●●●●●

    Conor Oberst: Ruminations

    cd1

    Pop: Het lijkt een pastiche van de foto achterop Bob Dylans Highway 61: Conor Oberst alleen achter de piano met mondharmonica, tekstvel en microfoon. Ruminations (overpeinzingen) werd op twee koude winterdagen in Omaha opgenomen en is ook op andere punten huiveringwekkend. Oberst gaat zijn demonen te lijf in kale, confronterende en ongepolijste songs waarin hij vooral zichzelf niet spaart. Er vallen doden en er wordt pijn geleden op dit negende solo-album van de zanger van Bright Eyes, die kwetsbaar verslag doet van een duistere periode in zijn leven. Met de wanhoop van een gekwelde dichter arriveert hij uiteindelijk bij de hoopvolle gedachte dat je nog altijd dronken kunt worden met vrienden. Zijn mondharmonica snerpt scheller dan Dylan; dit is geen muziek die gemaakt is om te behagen. Jan Vollaard

  • ●●●●

    Zsófia Boros: Local objects

    cd2

    Klassiek: De Tsjechische gitariste Zsófia Boros (1980) maakte een paar jaar geleden indruk met een prachtig, aan Latijns-Amerikaanse muziek gewijd album. Haar nieuwe album omarmt ogenschijnlijk de hele wereld, maar opnieuw weet Boros een eenheid te smeden. Heel veel gitaristen kunnen heel snel heel veel nootjes spelen, maar slechts weinigen evenaren het karaktervolle cantabile van Boros, laat staan haar van melancholie doordesemde verteltrant. De tracklist bevat overwegend levende componisten, de Braziliaan Garoto uitgezonderd, en heeft als gemene deler een welluidende, maar nooit eenvoudige schoonheid. Hoogtepunten zijn er te over, van Egberto Gismonti’s Celebração de Núpcias via de quasi-Turkse suite Koyunbaba van Domeniconi tot de zoekende Fantasie van de Azerische componiste Franghiz Ali-Zadeh. Een naadloze verzameling ‘lokale objecten’ die onder de huid kruipt. Joep Stapel

  • ●●●●●

    Kensington: Control

    cd3

    Pop: Het stormt en buldert nog altijd in de muziek van Kensington. De Utrechtse band rond zanger Eloi Youssef houdt op het vierde album vast aan een getemperd rocktempo. Het kenmerkende Kensington-geluid is laag en zwaar: drums roffelen, Youssef zingt gedragen, de structuur van de nummers wordt omkleedt met een wollige galm. Het klinkt alsof er meerdere lagen zang en gitaar en drums zijn gebruikt - alsof je twee Kensingtons hoort. Nummers als ‘Slicer’, ‘Fiji’ en ‘Do I Ever’ waaien galmend voorbij – hard maar nauwelijks opwindend. Het zijn de buitenbeentjes die opwinding brengen. De verwrongen keyboards in ‘Regret’, de langzaam opgebouwde ontlading van ‘Control’, zijn te koesteren momenten. Juist een liedje met de naam ‘Storms’ klinkt onverwacht ingetogen, met akoestische akkoorden en Youssefs breekbare zang. Bijna ongemerkt wordt het nummer opgetild op vleugels van strijkers en koorzang tot een niveau van grootse emotie. Groot maar subtiel. Hester Carvalho

  • ●●●●●

    Ben van Gelder: Among Verticals

    cd4

    Jazz: František Kupka schilderde zijn vrouw omgeven door oneven gekleurde verticalen. In dat schilderij in het MoMa herkende jazzsaxofonist Ben van Gelder, die naast muziek ook kunstgeschiedenis studeerde, zijn eigen artistieke leerproces. De lijnen op de hoes van ‘Among Verticals’ staan tevens voor zijn lange verblijf in de stad New York en de compositieopdracht die hij van The Jazz Gallery verkreeg. Op zijn derde, prachtig welluidende album duikt Van Gelder met zijn Amerikaanse band rechtstreeks de diepte in. Met elegantie, precisie en verbeelding worden composities gespeeld die steeds andere kanten blijken te hebben. Vitaliteit spreekt uit hoe de soms abstracte dan weer dromerige vormen door de ruimte wentelen. Mooi bedachtzaam laat Van Gelder zich in melodische frases horen op alt en basklarinet, vaak even oplopend met een uitstekende piano en vibrafoon. Amanda Kuyper

    Live: 1/11 Oosterpoort, Groningen. 2/11 Paradox, Tilburg. So What’s Next, 5-6/11 Eindhoven.
  • ●●●●

    Philippe Elan en Thérèse Steinmetz: Amsterdam-Paris

    cd5

    Chanson: Het moet intussen een jaar of dertig geleden zijn dat zangeres Thérèse Steinmetz haar laatste plaat maakte. Daarna vertrok ze naar Zuid-Frankrijk om een galerie te runnen. En toch heeft haar stem niets aan expressiviteit ingeboet. Op Amsterdam-Paris duetteert ze met de Franse zanger Philippe Elan die al bijna dertig jaar in Nederland woont en werkt. Beiden stijgen boven zichzelf uit, op deze toegewijde verzameling klassieke chansons – beurtelings of samen, van intiem tot uitbundig, en gezongen alsof ze hier voor het eerst gezongen worden. Verrassend zijn ook de twee Nederlandse nummers: Elan met het sensitief gezongen Ramses Shaffy-succes Het is stil in Amsterdam en Steinmetz met de onbekende ode Het bloeiende land, die Shaffy ooit speciaal voor haar schreef. Perfect passend is de muzikale leiding van Nico van der Linden, met accordeon, strijkkwartet en zijn eigen twinkelende pianospel. Henk van Gelder

  • ●●●●●

    Murray Perahia:Johann Sebastian Bach, The French Suites

    cd6

    Klassiek: Toen pianist Murray Perahia wegens een duimblessure een periode rust moest houden, besloot hij zijn tijd nuttig te gebruiken: hij sloot zich op met Bach. Wat daarop volgde, was een serie Bach-interpretaties van zeldzame afgewogenheid en elegantie. Niet voor niets vielen zijn vertolkingen van de Engelse suites, Goldberg-variaties en Partita’s in de prijzen, en selecteerde het Britse muziektijdschrift Gramophone ze voor de lijst met 50 beste Bach-opnames. Alle voor Sony, want daar (en op voorloper Columbia) bouwde Perahia in 43 jaar een imposante discografie op. Maar dit jaar wordt hij 70, en bij die gelegenheid is hij overgestapt naar Deutsche Grammophon. En daar verschijnt nu ook de lang (vijf jaar) verwachte nieuwe opname van Perahia, gewijd aan de Franse Suites. Lees de hele recensie: Perahia: ernstig, intelligent, integer en kraakhelder. Mischa Spel