Column

De reanimatie van het Oranjegevoel

Dit voorjaar belegden voorzitter en penningmeester van Oranjevereniging Juliana in Schipluiden een vergadering. Ze wilden aan de slag met de voorbereidingen voor Koningsdag en hadden alle zeshonderd leden uitgenodigd – een op de negen inwoners is betalend lid. Maar de zaal in het gemeentehuis bleef die avond leeg, op de voorzitter en de penningmeester na. Koningsdag ging voor het eerst niet door.

Oranjevereniging Juliana is 106 jaar oud, opgericht vlak na de geboorte van prinses Juliana. En Schipluiden, onder de rook van Delft, is altijd koningsgezind geweest. Koninginnedag werd tot een paar jaar geleden vijf dagen lang gevierd met een optocht van tractoren, waarachter alle verenigingen van het dorp liepen. De harmonie speelde een aubade bij het gemeentehuis, de vlag werd gehesen. De kinderen deden spelletjes om de vijver. Voor de ouderen was er een bridgetoernooi. Bakker Hoek bakte oranje tompoezen.

Na de troonswisseling liep het aantal vrijwilligers en feestgangers terug. Tsja, wat is er gebeurd, zegt Aad van Meurs, die de ledenadministratie doet. „Iemand zei: de kneuterigheid past niet meer bij deze tijd.” Hij wijst richting Delft. Daar trekt de jeugd op Koningsdag heen: de grote bands, de beroemde dj’s waar de koning zelf zo van houdt.

Een van de twee basisscholen in Schipluiden kampt met een leerlingentekort. Het aantal kinderen bij de scouting liep in drie jaar terug van 140 naar 60. De discotheek waarmee de Oranjevereniging samenwerkte ging dicht. „Ontgroening”, noemt Van Meurs die ontwikkeling met een lachje. Koningsdag valt tegenwoordig in de meivakantie „en dan is iedereen ineens weg”.

Bindt Oranje niet meer? Bij het bezoek van koning en koningin aan Almelo stonden donderdag duizenden mensen langs de kant. De biografie van Juliana werd de hele week uitgemolken op radio en tv en in de krant.

Als kijksport is het koningshuis dus nog wel in trek. „Het mag allemaal niet te veel moeite kosten”, zegt Aad van Meurs. Dat denk ik ook. Passief recreëren: prima, en tegelijkertijd mopperen over de hoge belastingvrije toelagen van de leden van het koningshuis. Toch: van de zeshonderd leden van Juliana heeft niemand in Schipluiden zijn lidmaatschap opgezegd.

De vraag is dus deze dinsdag: hoeveel leden zullen er vanavond komen op de ledenvergadering? Twee zijn het er uiteindelijk, jonge moeders die voorstellen de vereniging te „reanimeren”, zoals de ene het zegt. „Basic”, zegt de ander. „Voor de kinderen. Die kunnen er niks aan doen.”

Binnen vier weken besluit de voorzitter of de vereniging nog levensvatbaar is.

Jutta Chorus (@juttachorus) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Tom-Jan Meeus.