Komt er een nieuwe ‘jungle’ van vluchtelingen aan de grens met Somalië?

Somalische vluchtelingen Kenia is vast van plan om het grote vluchtelingenkamp Dadaab te sluiten. Uitgezette bewoners stranden aan de grens met Somalië in barre omstandigheden. Ze kunnen geen kant op.

Foto Reuters

De ontmanteling van de ‘Jungle’ bij het Noord-Franse Calais werd afgelopen week nauwgezet gevolgd op de televisie in Dadaab, het grootste vluchtelingenkamp ter wereld in de woestijn van Noord-Kenia bij de Somalische grens. „De bewoners zagen de gelijkenis met hun lot”, zegt Liesbeth Aelbrecht van Artsen zonder Grenzen (AzG), werkzaam in het vluchtelingenkamp.

021116bui_kampkenia

In Dadaab wonen nog ruim een kwart miljoen vluchtelingen uit Somalië. Hun kamp moet van de Keniaanse regering eind november dicht, maar de inwoners kunnen geen kant op. In Somalië zelf leven een miljoen ontheemden, van huis en haard verdreven door de aanhoudende strijd met terreurgroep Al-Shabaab. Daarbij komt dat Somalië wordt geteisterd door ernstige droogte. Naar schatting vijf miljoen mensen zijn afhankelijk van voedselhulp.

„Kenia gaf jarenlang het goede voorbeeld met de gastvrije opvang van Somaliërs. We roepen de regering op om nu niet het onmenselijke beleid van de Europese Unie te gaan volgen en hen terug te sturen”, zegt Aelbrecht.

Het vluchtelingenkamp Dadaab ontstond in 1991 met het begin van de burgeroorlog in Somalië. In 2006 volgde een nieuwe toestroom van vluchtelingen door de Ethiopische invasie van Somalië. En in 2011 weken opnieuw mensen uit naar Dadaab door droogte in de regio en door de door Somalië en Kenia gezamenlijk geïnitieerde oorlog tegen terreurgroep Al-Shabaab. Het kamp groeide uit tot een stad, met scholen, gezondheidscentra en zelfs enkele vermaakscentra. De inwoners hebben er geen luxe bestaan, maar ze waren er in de afgelopen kwart eeuw beter af dan in Somalië zelf waar alle voorzieningen ontbreken.

Deze keer is het menens

Al twee keer eerder dreigde de Keniaanse regering Dadaab te sluiten. Maar dit keer lijkt het menens. Het is Kenia in het verkeerde keelgat geschoten dat de Europese Unie (EU) eerder dit jaar besloot haar financiële bijdrage met twintig procent te korten aan de Afrikaanse vredesmacht Amisom in Somalië, waaraan Kenia troepen levert. Bovendien hoopt de regering in Nairobi ook op Europese steun voor de opvang van Somalische vuchtelingen, nadat de EU een dure overeenkomst met Turkije sloot. Kenia noemt Dadaab „de bakermat van terrorisme” en verwacht van het Westen een forse bijdrage aan de bestrijding van islamitisch extremisme.

Tegen de wil in van de meerderheid van de inwoners van Dadaab en onder protest van internationale en Keniaanse humanitaire organisaties - maar met de hulp van UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties - kwam de repatriëring naar Somalië enkele maanden geleden op gang. Inmiddels zijn al tienduizend kampbewoners vertrokken. Eind augustus werd de repatriëring opgeschort omdat Somalische autoriteiten begonnen te klagen over „het op een onwaardige manier dumpen van menselijke wezens”.

Stiekem teruggekomen

Er waren toen al honderden teruggekeerde Somaliërs gestrand in ontoereikende noodopvang bij de grens. Volgens hulpverleners is de meerderheid van hen vrouw, kind of bejaard. „Enkelen zijn uit wanhoop al weer stiekem naar Dadaab teruggekeerd”, zegt dokter Bashir uit Dadaab. „Er zijn nauwelijks medische voorzieningen in Somalië.” De Keniaanse overheid houdt vol dat Dadaab eind november dicht zal zijn.

„Kenia geeft de vluchtelingen geen keus en de Verenigde Naties verstrekken onjuiste informatie over de veiligheid in Somalië”, veroordeelde Human Rights Watch de repatriëring. „Je kunt het toch niet vrijwillig noemen als er geen alternatief wordt geboden”, stelt Liesbeth Aelbrecht, die pleit voor integratie van de vluchtelingen in Kenia.

Aanvallen van Al-Shabaab in Kenia, de afgelopen jaren. Tekst gaat verder onder de slideshow:

Abubakar, een andere medewerker van AzG in Dadaab, wijst op een ander gevaar. „Ouderen vertellen te vrezen voor Al-Shabaab. De terreurgroep verdenkt de teruggekeerden ervan spionnen voor de Somalische regering te zijn. En in Dadaab verdenkt de Keniaanse regering hen ervan spion voor Al-Shabaab te zijn. Ze gingen destijds op de vlucht voor de terroristen en nu willen ze dus niet weer terug naar dat oorlogsgebied”.

„Dit jaar doen drieduizend leerlingen van de middelbare scholen examens in Dadaab, naast nog vele duizenden van de lagere scholen”, zegt Liesbeth Aelbrecht.

„Na hun repatriëring lopen ze een groter gevaar te worden geradicaliseerd in een instabiel Somalië dan in een beveiligd Dadaab. Dat is de ironie.”

Bomaanslagen

Al-Shabaab werd de afgelopen twee jaar door de 22.000 man sterke Afrikaanse vredesmacht en het Somalische leger uit de meeste steden verdreven. Bij de strijd tegen Al Shabaab helpen honderden Amerikaanse „veiligheidsadviseurs”. Maar de aan Al-Qaeda gelieerde terreurgroep laat nog steeds van zich horen met bomaanslagen en brengt Amisom regelmatig stevige klappen toe.

Eerder deze maand viel Al-Shabaab een militaire basis van vredessoldaten uit Djibouti aan, doodden strijders twaalf burgers in het Keniaanse grensstadje Mandera en bezette de terreurgroep enkele dorpjes in Midden-Somalië, nadat honderden Ethiopische soldaten zich daar hadden teruggetrokken wegens de gespannen situatie in Ethiopië zelf.

De vredeskansen na 25 jaar oorlog zijn nog steeds niet erg hooggespannen, hoewel het land opnieuw enkele stapjes vooruit heeft gezet. Er worden dezer dagen een soort verkiezingen gehouden voor twee volksvertegenwoordigingen en een nieuwe president. Hoewel de bedoeling was dat dit voor het eerst door directe verkiezingen zou gebeuren, is toch besloten voor een selectie. Clanoudsten wijzen 14.000 mensen aan die de parlementen kiezen, die vervolgens de president kiezen. Rechtstreeks verkiezingen zijn uitgesteld tot 2020, in de hoop dat Somalië dan wel stabiel genoeg is.