Column

Boze witte man wordt feminist

Het Twitter-account van het Duitse weekblad Die Zeit peilde de internationale steun voor Trump en Clinton, en turfde de uitkomst per land. Niet geheel verrassend wil men bijna overal dat Hillary gaat winnen, in Oekraïne en Tsjechië zelfs voor meer dan 80 procent. Tot maandagochtend waren er maar vijf landen, waar Trump op een meerderheid zou kunnen rekenen: Frankrijk, Polen en Rusland (alle ruim) en nipt in België en Ierland.

Veel van die landen kennen een werkloos en verarmd industrieel proletariaat, vergelijkbaar met dat in de Rust Belt van de VS, waar Trump zijn hoop op gevestigd heeft. In het hart daarvan, Wilmington, Ohio, hield Michael Moore (62) zijn verkiezingsconference. Behalve Michael Moore in TrumpLand (VPRO) was zondag op Canvas Moores documentaire Where To Invade Next te zien, die donderdag ook bij de VPRO te zien zal zijn.

Op de vraag of Moore nu een filmmaker, een cabaretier of een activist is, luidt het enige juiste antwoord: alle drie. Het is ook een slimme demagoog, die weet hoe hij een breed publiek moet overtuigen. Zijn pleidooi om toch vooral op Hillary te stemmen, ook al haat je haar, was in de conference bijzonder geraffineerd opgebouwd, Er vloeiden zelfs tranen, toen Moore de gezondheidszorg aanklaagde.

Hij begon met de potentiële Trump-stemmers, vermoedelijk slechts een deel van het publiek, stroop om de mond te smeren. Hij begrijpt hun woede, tegen degenen die de fabrieken sloten. Maar hij begrijpt ook de wanhoop van de boze witte oudere man. Die raakt zijn hegemonie kwijt. Zelfs in de rust van zijn Super Bowl moet hij Beyoncé en tientallen andere oorlogszuchtige zwarte vrouwen over zijn scherm zien dansen. Wen er maar aan!

Het grappige is dat de als een deplorabele Trumpstemmer ogende Moore ook zijn andere documentaire eindigt met een feministisch pleidooi. Hij doet alsof hij de opdracht heeft om landen binnen te vallen, waarin hij de namen van de bewoners wel kan uitspreken. Hij plant een Amerikaanse vlag in een Duitse potlodenfabriek, een Noorse gevangenis en een Franse schoolkantine, onder de plechtige belofte dat hij de daar geldende verlichte ideeën over arbeid en kapitaal, gezond eten en goed onderwijs, en een niet uitsluitend op vergelding gericht justitieel systeem, mee naar huis zal nemen.

Wij Europeanen weten dat de welzijnsstaat met zeven weken vakantie niet automatisch leidt tot van tevredenheid spinnende burgers, integendeel. Maar deze retoriek is niet in eerste instantie voor ons bestemd, maar voor een Amerikaans publiek.

Where to Invade Next eindigt in Tunesië, waar gelijkheid van man en vrouw tot in details wettig geregeld is, en in IJsland. Dat is voor Moore een soort gidsland, met niet meer dan 40 procent mannen of vrouwen in elke raad van bestuur, een vroege vrouwelijke president en derhalve, volgens Moore, het eerste land waar bankiers achter slot en grendel verdwenen, zodat de bankencrisis snel en efficiënt bezworen kon worden. Zo doen vrouwen dat. En als Hillary daar anders over denkt, dan stelt Moore zich kandidaat in 2020.