IJslandse premier treedt af na verkiezingsnederlaag

De centrumrechtse Onafhankelijkheidspartij kwam met 29 procent van de stemmen als grootste uit de bus. De partij telt nu 21 zetels in het 63 zetels tellende parlement.

Foto Halldor Kolbeins / AFP

De premier van IJsland, Sigurdur Ingi Johannsson (Progressieve Partij), heeft zondag zijn vertrek aangekondigd, meldt Reuters. Zijn partij, coalitiepartij in deze regering, verloor meer dan de helft van de zetels en behaalde er slechts acht. Het vertrek van Johannsson is een formaliteit nu de Progressieve Partij flink verloren heeft.

De centrumrechtse Onafhankelijkheidspartij kwam met 29 procent van de stemmen als grootste uit de bus. De partij telt nu 21 zetels in het 63 zetels tellende parlement.

Johansson werd in april verkozen tot premier nadat Sigmundur David Gunnlaugsson opstapte door commotie na onthullingen van Panama Papers. De politieke druk werd te groot nadat de Panama Papers een verzwegen belang van de premier in omgevallen IJslandse banken aantoonden.

De verkiezingsuitslag komt als een verrassing voor de regeringspartij, die in de peilingen op flinke verliezen stond. In die peilingen leek de relatief nieuwe Piratenpartij de grootste partij te worden. De resultaten duiden echter slechts op een bescheiden overwinning: met 14 procent van de stemmen lijken de Piraten de derde partij van het land te worden, achter de Onafhankelijkheidspartij en de Groenen (16 procent).

Piratenpartij: nieuwe grondwet

De Piratenpartij voerde campagne met een voor IJsland radicaal programma. Net als hun zusterpartijen in andere Europese landen pleitte de partij voor directere vormen van democratie, maar ook willen de Piraten de natuurlijke hulpbronnen nationaliseren, de Amerikaanse klokkenluider Edward Snowden asiel verlenen en volledige transparantie van alle overheidsdiensten. Ook wil de partij een nieuwe grondwet invoeren.

Tegen persbureau AP vertelde lijsttrekker van de Piraten Birgitta Jonsdottir vannacht niet ontevreden te zijn. “Als we uiteindelijk meer dan 15 procent krijgen zullen we daar vreselijk dankbaar voor zijn. Het is verbluffend dat we misschien wel drie keer zo groot zijn geworden als bij de vorige verkiezing.” Ook Bjarni Benediktsson van de Onafhankelijkheidspartij toonde zich tegen AP “ontzettend gelukkig” met de uitslag. Hij zei te verwachtten dat het moeilijk zou worden zijn partij buiten de nieuw te vormen regering te houden.

Coalitie

De huidige coalitiepartner van de Onafhankelijkheidspartij, de Progressieve Partij, heeft tijdens de verkiezingen een zware nederlaag geboekt. Zij kregen naar verwachting slechts 10 procent van de stemmen, wat minder dan een halvering van hun huidige zetelaantal zou betekenen. Eerder dit jaar stapte minister-president Sigmundur David Gunnlaugsson van de Progressieve Partij op na onthullingen over belastingontduiking in de Panama Papers. De Piratenpartij had een centrale rol in de protesten tegen de regering naar aanleiding van de onthullingen.

Coalitievorming lijkt met de huidige uitslag lastig te worden. Zowel de Onafhankelijkheidspartij als de Piratenpartij hebben vooraf samenwerking uitgesloten. Nieuwkomer de Vernieuwspartij, die circa 10 procent van de stemmen lijkt te krijgen, kan bij de onderhandelingen mogelijk een sleutelrol gaan spelen. Die partij, de pro-Europa is, heeft zich nog niet voor een coalitie uitgesproken.