Kampioen zonder één spatje modder in z’n gezicht

EK veldrijden

Een verrassende winnaar in Pontchâteau, met een bijrol voor de Nederlander en de Belg die tot aan het EK de prijzen verdeelden.

Foto Jean-François Monier/AFP

Franse parcoursbouwers staan, als ze de palen steken voor een veldrit, niet bekend om hun oog voor de verraderlijkste modderstroken en krapste haarspeldbochten; toch terrein waar de cross werd geboren, waarom in België in de winterse weekenden en soms ook doordeweeks zich complete volksfeesten voltrekken. De zuiderburen zijn liefhebbers van sport die net zo veel pijn doet als het leven zelf, met helden die aanraakbaar zijn en hun status verwerven op terrein waar iedereen die kaplaarzen heeft zich kan begeven. Hun gaat het om de jongemannen die op de finishlijn door de bagger voor even onherkenbaar zijn geworden – dát is rauwe polderheroïek.

Maar die kregen ze zondag niet, op het EK veldrijden in Pontchâteau, of het moest hun uitsluitend om de nieuwe kampioen gaan. Die kwam uit België. Voor een echte veldrit was het in Bretagne te warm – 18 graden Celsius – en het parcours te typisch Frans: avenues van grasstroken, her en der wat op en af, en in het rondje van ruim drie kilometer lag een tweetal trappen en dito balken om van de cross niet op voorhand al een wegwedstrijd te maken. „Dit parcours is voor een veldrit gewoon te makkelijk”, zou de Nederlandse bondscoach Gerben de Knegt later zeggen.

Dat het daardoor een razendsnel EK zou worden lag voor de hand. Dat er lang een groot peloton bij elkaar zou blijven ook, want de vereiste stuurmanskunst en het herstelvermogen tijdens de race waren op dit parcours te weinig van belang. Maar dat het Franse rondje zó gemakkelijk was dat een tactisch spel de doorslag zou geven met als gevolg dat een absolute outsider een jaar lang veldritten zal rijden met het blauwig tricot van de kampioen van Europa om zijn schouders, had niemand verwacht.

Dat was namelijk niet het beeld van de voorbije weken, toen Wout Van Aert en Mathieu van der Poel telkens samen in een bittere strijd tot de finish verwikkeld waren. Nu probeerde Van der Poel wel een gat te slaan door met fiets en al over hindernissen te springen waar anderen even moesten lopen, maar hij werd meteen daarna heuvelaf weer ingerekend. Dan viel het tempo even stil, en zagen de alerte Belgen hun kans schoon: Laurens Sweeck reed halverwege solo weg en later Michael Vanthourenhout. Hun landgenoten hielden de benen stil. Alleen Van der Poel was in zijn uppie sterk genoeg om de gaten dicht te rijden, twee keer, maar een derde keer moest zelfs hij passen.

Daarvan profiteerde de 23-jarige Toon Aerts, vaste waarde in het circuit maar tot zondag zelden winnaar. Van Aert speelde het spel perfect mee: kon hij niet winnen, dan een landgenoot. Hij werd derde, achter Van der Poel. Op de streep had Aerts 45 seconden voorsprong op de nummer twee, en geen spatje modder in zijn gezicht. Dat kon alleen maar op een EK veldrijden dat veel weg had van een criterium op de weg.