Van Balkenende weten mensen nog het skateboard en de VOC

Oud-CDA-premier Jan Peter Balkenende (60) hield zondag in het Rotterdamse Maritiem Museum een lezing. Het ging over zijn weggehoonde pleidooi voor wat „VOC-mentaliteit” in Nederland.

Jan Peter Balkenende tijdens het najaarscongres van het CDA. Foto ANP / Remko de Waal

„De meeste mensen herinneren zich drie dingen van mij”, zei oud-CDA-premier Jan Peter Balkenende (60) zondag in het Rotterdamse Maritiem Museum. De balkenendenorm voor inkomens van openbare bestuurders, het skateboard waar hij ooit in pak vanaf viel én zijn weggehoonde pleidooi voor wat „VOC-mentaliteit” in Nederland.

Over die uitspraak, gedaan tijdens de Algemene Beschouwingen in 2006, hield Balkenende een lezing. De bijeenkomst vormde het slot van een stedentour van een replica van de Halve Maen, het schip van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie dat in 1609 bij het huidige Manhattan aanlegde.

Even plotseling als Balkenende in 2002 kwam bovendrijven, is hij sinds 2010 uit de publiciteit verdwenen. Wel geeft hij „140 tot 160 lezingen” per jaar als adviseur van accountant EY en als hoogleraar bestuurskunde, instituties en internationalisatie. Hij praat nog altijd snel, soms onverstaanbaar en met grapjes.

„Laten we optimistisch zijn”, zei Balkenende tien jaar geleden in de Kamer. Het irriteerde hem dat GroenLinks-leider Femke Halsema kritisch was over de economische opleving. „Laten we zeggen: Nederland kan het weer. Die VOC-mentaliteit. Over grenzen heen kijken. Dynamiek!” En na een paar seconden van gehoon van de bankjes: „Toch?”

Het was een foute verheerlijking van het nationale slavernijverleden, zeiden historici en Surinaamse organisaties direct. „Die buitengewoon duistere episodes, daar mag je niet voor weglopen”, beaamde Balkenende zondag in Rotterdam.

Maar Nederland, Europa en de wereld kunnen nog altijd leren van de VOC, zei hij. Het kleine Nederland, met destijds twee miljoen inwoners, was wereldleider.

„Zelf ben ik er niet slechter van geworden”, zei Balkenende over zijn uitspraak. „Van een klein bedrijfje heb ik manchetknopen van VOC-munten gekregen. En 25 CEO’s hebben me een antieke wereldkaart geschonken. Die koester ik.”