Gij zult werken, werken, werken

Noorse broeders

Miljoenen verdienen de leden van de sektarische ‘Noorse broeders’ met hard werken voor hun kerk. Ook kinderen werken mee.

©

Het is 5 december, pakjesavond, en een drukte van jewelste in de samenkomstzaal van de Noorse broeders in het Gelderse Terwolde. Tachtig discipelen van de sektarisch christelijke geloofsgemeenschap zijn bijeen. „Maak er samen een vouwfeest van”, staat in de mail die hen heeft opgetrommeld.

Die avond is het ook druk bij de broeders in Almelo, Usselo en Groningen. Al twee weken zijn honderden handen bezig met het vouwen van 1,4 miljoen doosjes en enveloppen die de Postcode Loterij met Kerst in het land wil bezorgen. Het reclamemateriaal wordt gemaakt in opdracht van een distributiebedrijf dat voor de loterij werkt.

Elk jaar zijn er ‘vouwfeesten’. Overdag vouwen volwassenen, na school en in het weekeinde helpen kinderen mee. „De minimumleeftijd is 12 jaar”, meldt organiserend broeder Hermen Mensink.

Dat kinderen van twaalf worden ingezet is verboden. Het botst met de Arbeidstijdenwet. Toch vouwen de kinderhandjes. Niet om te bidden, maar om elke minuut twee doosjes te maken. Dat levert één cent per minuut op. Na twee weken is het opgelopen tot 50.000 euro. Het geld gaat naar de kerk.

De Noorse broeders beschouwen zichzelf als de enige ware christenen. In het buitenland heet de kerk Brunstad Christian Church, naar het hoofdkwartier in Zuid-Noorwegen; de Nederlandse tak – 2.000 leden – noemt zich de Christelijke Gemeente Nederland (CGN). Het is een gesloten groep, een sekte in de ogen van critici en ex-leden, met onvoorwaardelijk vertrouwen in de charismatische leider Kåre J. Smith (71).

In maart werd de Nederlandse ex-broeder Jonathan van der L. gearresteerd. Hij zou 8 miljoen euro gestolen hebben van de broeders, die zelf aangifte deden. De FIOD nam bij hem 50 GB aan informatie in beslag.

Deze 200.000 e-mails en honderden andere documenten, waarover NRC beschikt, bevatten niet alleen aanwijzingen voor overtreding van de Arbeidstijdenwet, maar ook voor fraude, belastingontduiking en zelfverrijking door leidende figuren. In Nederland hebben de broeders 50 stichtingen en 23 bedrijven. Rode draad is het betalen van zo min mogelijk belasting. De financiële motor zijn de discipelen. Met hun donaties en vrijwilligerswerk brengen zij miljoenen bijeen.

‘Vrijwillige slaven’

Door zoveel mogelijk geld aan de geloofsgemeenschap te geven, kunnen broeders hun jaarlijkse „schuld” voldoen. Iedereen moet helpen geld in te zamelen anders ben je – in broederjargon – „niet mee”. Daarbij is sprake van „pushen” en „druk uitoefenen”, blijkt uit mails.

De Nederlandse leider Jan-Hein Staal (67) herhaalt in een mail de woorden die een Noorse leider sprak op de eigen satellietzender: „Het maakt niet uit of er een jeugdweekend of bruiloft is, als er werk is, is er werk en dat heeft dan de hoogste prioriteit. Er is maar één manier waarop dit functioneert en dat is maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag, zaterdag en zondag werken, week in week uit.”

In Nederland werken honderden broeders gratis via het eigen ‘uitzendbureau’ DWN Service. Omdat DWN geen arbeidsovereenkomst heeft met de vrijwilligers, hoeft het geen loonbelasting of premies te betalen. Het zijn „vrijwillige slaven”, zeggen ex-broeders in 2010 in de Volkskrant. „Ze zijn gehersenspoeld en geprogrammeerd om zoveel mogelijk geld voor de sekte te verdienen.”

Na een uitzending van het tv-programma Netwerk in 2009 doen de Arbeidsinspectie en de Belastingdienst onderzoek. DWN Service werkt volgens hen marktverstorend omdat het discipelen als vrijwilliger inzet en geen loon of premies hoeft te betalen. Het leidt tot rechtszaken die DWN Service in 2013 wint. Wel haken door de negatieve publiciteit opdrachtgevers als Hema en Mediamarkt af.

De omstreden maar goedkope vrijwilligersconstructie wordt echter nog volop gebruikt, onder meer bij Intratuin, Mediq, Decathlon, Action, de ambassade van België, en bedrijven uit hun eigen netwerk. Het gaat vaak om inventarisatie-, schoonmaak- of vouwwerk, zoals voor de Postcode Loterij.

Uit e-mails blijkt dat DWN Service 16- en 17-jarigen tot na middernacht inzet. Volgens de Arbeidstijdenwet mogen kinderen van deze leeftijd na elf uur ’s avonds niet werken.

Personeelservice

Om de klanten die bij DWN Service afhaakten toch te kunnen bedienen, richten de broeders in 2011 twee nieuwe bedrijven op: Projectservice Nederland en Personeelservice Nederland. Aan potentiële klanten wordt verteld dat de bedrijven „op geen enkele manier” zijn „verbonden aan een religieuze organisatie”.

Projectservice neemt de opdrachten aan en leent de mensen die het werk uitvoeren bij Personeelservice. Bedrijven als Hema en Mediamarkt schakelen Projectservice in. Dat geldt ook voor NS Stations, de retaildochter van de NS.

Uit de interne stukken blijkt dat Projectservice en Personeelservice worden aangestuurd door de kerk. De bedrijfsleiding stemt belangrijke besluiten af met leider Staal die op zijn beurt afstemt met Noorwegen. De werknemers staan hun loon geheel of gedeeltelijk af aan de kerk. Een e-mail verklapt waarom de constructie is opgezet: „Natuurlijk weten onze mensen wel wat het doel is van deze hele opzet en dat is niet zoveel mogelijk mensen aan een betaalde baan helpen, maar dat is om CGN (de kerk, red.) verder te helpen.” Dat de kerk er achter zit moet „niet zichtbaar” zijn „want dan zijn we meteen klanten als Hema en Mediamarkt kwijt”.

Dat Hema weer zaken doet met de broeders is in strijd met de gedragscode van het bedrijf waarin staat dat geen overeenkomsten worden gesloten met religieuze organisaties. Officieel weet Hema niet van de link met de broeders. Maar uit de mails blijkt dat managers daar wel van op de hoogte zijn. Een van hen is Hein Staal, een zoon van leider Jan-Hein Staal.

Plantjes tellen bij Intratuin

Net als bij DWN Service zijn bij Projectservice en Personeelservice de regels over arbeidstijden bekend, ze worden zelfs intern rondgestuurd. Maar goed toezicht op de naleving ontbreekt, blijkt uit de e-mails. Najaar 2013 werken 16- en 17-jarigen na schooltijd tot één uur ’s nachts bij de Hema in Den Helder en Lelystad. Twee uur langer dan wettelijk mag. De controller van Projectservice erkent in een mail dat „hier en daar de wet met voeten wordt getreden”. „Er is nu totaal geen controle op.”

Zomer 2014 trekt broeder Wim Borst aan de bel. Hij is bezorgd over zijn dochter Selma (25) die ook bij de Hema wordt ingezet. Al maanden maakt ze „extreem lange dagen” en is „zelden voor middernacht klaar”. Borst: „Zij zelf zal niet piepen of klagen. Maar ze zou de eerste niet zijn die doordraait, ettelijke jonge mensen zijn haar al voorgegaan. Dat mogen wij niet laten gebeuren.”

Borst heeft een hoge beleidsfunctie op het ministerie van Veiligheid en Justitie; na werktijd telt hij voor de kerk plantjes bij Intratuin. Zoiets is heel gewoon. Prominent broeder Alfonso Boekhoudt, door het kabinet deze maand benoemd tot gouverneur van Aruba, telt artikelen bij de Action.

De broeders die leiding geven krijgen elke maand een uitdraai met de bedragen die alle afdelingen – ‘gemeenten’ genoemd – hebben geschonken. Hierin is opgenomen wat er verdiend is met vrijwilligerswerk, hoeveel ‘loon’ via Personeelservice is geschonken aan CGN en wat er aan giften is binnengekomen. Afdelingen die goed scoren staan in een groen vakje, afdelingen die te weinig geven in een rood vakje.

Los van het vrijwilligerswerk – dat de kerk jaarlijks 2,5 miljoen euro oplevert – worden gezinnen geacht circa 500 euro per maand af te staan. Dat geld is bestemd voor het zendingswerk, voor de lokale en landelijke afdeling en als betaling van het abonnement op de satellietzender van de broeders.

Het A-team

En dan is er nog het zogenoemde ‘A-team’. Dat zijn kinderen van gemeenteleden van 17 tot 25 jaar die via het interne Student Training and Education Program (STEP) voor een zakcentje werken bij broederbedrijven. In Nederland krijgen zij afgelopen jaren op papier het minimumjeugdloon, maar daarop worden allerlei (deels fictieve) kosten – „catering, bedrijfsuitjes en conferentiebezoek” – ingehouden. Onder de streep blijft 60 euro per maand over.

De Inspectie SZW (voorheen Arbeidsinspectie) zegt in een reactie „vraagtekens” te hebben bij de constructie en onderzoek te gaan doen, ook naar de kinderarbeid.

Het A-team werkt bij Pagedal, het conferentie- en vakantiecentrum van de broeders in Stadskanaal, en bij broederbedrijven. De werkdruk is hoog. Zomer 2009 alarmeert broeder Roel Steenkamp de leiding. Al maanden is zijn 18-jarige dochter Jacolien ziekelijk. Ze poetst vakantiehuisjes op Pagedal. „Ze is helaas behoorlijk over haar grens gegaan en tegen depressief aan.” Hoe dat komt? „Er zijn zeer weinig vrije weekenden. Er zijn te weinig meisjes voor het werk. Er wordt grote druk uitgeoefend.” Hij heeft er moeite mee „dat iemand zo enthousiast het A-team in gaat en stuk er weer uit komt”.

Twee zomers later wordt in een broederbedrijf met A-teamers wekenlang de Arbeidstijdenwet „heel zwaar overtreden”, meldt een mail. Ook kinderen van Nederlandse broeders die in een A-team in Noorwegen werken hebben te maken met uitbuiting, meldt een broeder in 2010 aan de Nederlandse leiding. Zij moeten werkdagen maken van 18 uur en dat een week lang. Wie protesteert wordt „stevig” toegesproken. „Dit hele gebeuren strookt absoluut niet met de normen die ten grondslag liggen aan het christelijke geloof. Dit soort activiteiten neigt naar het sektarische.”

Mozes and business

Tijdens het ‘vouwfeest’ in Terwolde worden tv-opnamen gemaakt. Daarbij moet er goed op gelet worden „dat er geen naam van de opdrachtgever in beeld komt”, waarschuwt een leidende broeder. Het logo van de Postcode Loterij „mag niet levensgroot in beeld”.

Een kerk met commerciële belangen is geen goed verhaal. Ook niet intern. In de ‘Richtlijnen voor interne communicatie’ staat: „Niet iedereen kan alles snappen of dragen, daarom communiceren we niet altijd alles. Alles wat we communiceren moet waar zijn, maar we hoeven niet alles wat waar is te communiceren.” Want: „We hebben niet alleen te maken met individuele mensen, maar ook met autoriteiten zoals de Belastingdienst en de Arbeidsinspectie.”

En: met banken. Ook die lezen de berichten die zo nu en dan verschijnen over volgelingen die onder druk staan om vrijwilligerswerk te doen, discipelen die worden uitgesloten als ze kritiek op de leiding hebben. Als de broeders bij ING het internationaal betalingsverkeer van een broederbedrijf willen onderbrengen, weigert de bank vanwege „compliance problemen”. De broeders wijken uit naar de Rabobank. „God kan ook bij de Rabo-mensen harten en gedachten bewegen”, schrijft broeder Hendrik-Jan Weggeman. Maar ook Rabo doet van tijd tot tijd moeilijk als er geldstromen zijn die ze niet kunnen volgen en verklaren.

Om zulke problemen te voorkomen moeten voor de buitenwereld „Mozes and business” gescheiden worden, beslist Noorwegen. Dat is louter „omwille van PR”, melden de notulen van CGN, het Nederlandse kerkbestuur. „Dat geeft meteen een uitdaging want die scheiding is niet zo scherp.” Tussen alle business door spreekt leider Staal stichtelijke woorden tot degenen met wie hij mailt over zakelijke avonturen: „We hopen en geloven dat God het werk van onze handen zal zegenen.”

Kerkbestuurder Anno Neinders schrijft voorjaar 2016 aan zijn medebroeders „dat we voorzichtig moeten zijn wat we over financiën willen schrijven. Niet omdat we bang zijn, maar om te voorkomen dat onbedoeld het zoeklicht op ons wordt gericht. Op dit moment is het relatief rustig in de media. In ieder geval over financiën, we zitten niet te wachten op veel negatieve publiciteit en veel werk om verkeerde beeldvorming om te buigen.”

Leider Staal maakt zich zorgen over wat kan uitlekken, bijvoorbeeld via e-mails. „We hebben al eens gesproken over mailbeveiliging. Moeten we ooit aan encryptie denken”, vraagt hij aan broeder Jonathan van der L. „Want sommige mensen zouden het wel leuk vinden om mijn laptop te vinden.”

‘Niet al te rechtvaardig’

De leidende broeders weten dat de hand gelicht wordt met arbeidstijden, maken de interne mails duidelijk.

Leider Staal neemt zich begin 2012 voor alle berichten op de eigen internetsite te ontdoen van „alles wat ruikt naar kinderarbeid”. En als bij DWN Service gesignaleerd wordt dat 16-jarigen te lang hebben gewerkt, wordt de administratie geschoond. Helemaal afdoende is dat niet, verzucht de manager van DWN Service: „Ze staan natuurlijk ook op de ondertekende urenlijst. Als de ARBO (Inspectie SZW, red.) gaat graven komen ze er wel achter dat ze 16 jaar zijn.”

Bij Personeelservice weten ze ook dat 16-jarigen te lang werken, maar „als we dit serieus nemen kan iemand die naar school geweest is eigenlijk ’s avonds niet naar de Hema”. Arend-Jan Wessels, bestuurder van Personeelservice: „Mijn idee is dat we hier niet al te rechtvaardig moeten zijn.”

Voorjaar 2011 ziet Ineke Deenik in Hengelo een oude bestelbus stoppen. Een man en drie kinderen van een jaar of 10 stappen uit. De man legt boekjes in een karretje en de kinderen moeten de boekjes in de brievenbussen doen. Het zijn 35.000 stadsgidsen van de gemeente.

Ze dacht „wat raar dat de gemeente de gids door zulke jonge kinderen laat rondbrengen”, schrijft Deenik in een mail die DWN Service krijgt.

Het bedrijf ziet het probleem niet. Al vijf jaar brengen kinderen van tien jaar met hun ouders gidsen rond, staat in een mail. „Het is elk jaar weer feest, met pizza als afsluiting.”

Reageren? onderzoek@nrc.nl